Beleggers laken openbaarheid WMZ

AMSTERDAM, 2 SEPT. Bindt de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) de “crimineel op het spek” met de verspreiding van gegevens over aandelenbelangen van particuliere beleggers in Nederlandse beursfondsen? Of voert de STE gewoon de wet uit en vinden rijke beleggers het niet leuk als zij in hun portemonnee worden gekeken?

Gistermiddag botsten deze twee visies in een kort geding voor de president Amsterdamse rechtbank, mr.R.C. Gisolf. Het proces won deze week onverwacht aan actualiteit doordat twee particuliere beleggers - M. Zurel bij het havenfonds Hes en F. de Groen bij bierbrouwer Grolsch - tot hun eigen woede met hun meldingen in het kader van de Wet melding zeggenschap (WMZ) en hun financiële positie in brede financiële kring over de tong gingen.

De STE is onder meer de toezichthouder op de Amsterdamse effectenbeurs en voert ook de twee jaar oude WMZ in beursfondsen uit. Op basis van deze wet moeten beleggers met meer dan 5 procent van de aandelen in een beursfonds zich (inclusief adres en woonplaats) melden bij het betrokken bedrijf.

De publikatie van deze informatie verloopt omslachtig. Het bedrijf moet de melding van de belegger openbaar maken, terwijl de STE controleert of dat wel conform de voorschriften gebeurt. Daarover bestaat geen discussie. Die gaat over het feit dat de STE de informatie over de meldingen ook op verzoek en tegen betaling beschikbaar stelt.

STE-advocaat mr. H. Sachse verdedigde deze praktijk. Hij beriep zich onder meer op een brief uit 1993 van de Registratiekamer, de onafhankelijke waakhond van de persoonlijke privacy, dat de STE geen actieve publicatie mag plegen. Passieve verspreiding mag dus wel, concludeerde hij.

Zijn tegenpleiter, mr. G. Hoff, die met “zijn” drie weken oude Stichting waakzaamheid WMZ-persoonsregistratie de zaak aan het rollen heeft gebracht, voerde aan dat de STE wel aan geheimhouding is gebonden. Hij wees erop dat bij andere wetgeving over het effectenverkeer expliciet een openbaar register in het leven is geroepen, onder meer voor beleggingsfondsen. Als de wetgever dat bij de WMZ had gewild, had hij dat wel in de wet opgenomen. De huidige praktijk van de gegevensverspreiding door de STE is een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van welgestelde particulieren.

Overigens is inmiddels reparatiewetgeving, toegesneden op de geheimhouding, in de maak.

De rechtbank-president doet 15 sepetember uitspraak.