Nieuwe partijen werken gewoon mee in Kamer

DEN HAAG, 1 SEPT. Ze neemt het de collega's niet kwalijk. Natuurlijk was het vervelend dat de zaal leegliep toen de ouderenpartij haar bijdrage aan het debat over de regeringsverklaring leverde. Maar fractieleider H.M. (Jet) Nijpels van het AOV begrijpt het wel. Het CDA was geweest, toen kwam de PvdA en daarna pas het AOV. Op dat moment had iedereen al meer dan twee uur stil gezeten. Dan wil je wel eens je benen strekken. Een kopje koffie drinken. Ze zou het zelf ook hebben gedaan, als ze van een andere partij was geweest. In ieder geval vond ze het niet nodig er iets van te zeggen.

Het Algemeen Ouderen Verbond is een van de drie nieuwe partijen in de Tweede Kamer. Na het CDA is het de grootste oppositiepartij. Het AOV heeft zes zetels, de Socialistische Partij (SP) heeft er twee en de Unie 55+ één. Gisteren konden de drie voor het eerst in de Tweede Kamer laten zien waar ze voor staan.

Zelf is Nijpels bepaald niet ontevreden. In de fractie was afgesproken dat de spreektijd zou worden gebruikt voor verschillende onderwerpen. Werkgelegenheid, defensie, milieu - alles moest aan bod komen want “de wereld bestaat niet alleen uit ouderen”. Onder het motto dat “je het lekkerste voor het laatst moet bewaren” hadden ze voor “het regeerakkoord en de gevolgen voor ouderen” alleen de tweede helft van hun twintig minuten uitgeruimd. En achteraf bezien kwam dat goed uit. Tegen de tijd dat de VVD aan de beurt was, vulden de stoelen in de zaal en achter de regeringstafel zich weer. Vervolgens haalde Bolkestein het AOV instemmend aan.

Het verbaasde Nijpels niet, want de fractie heeft heel wat werk in de bijdrage gestopt. Vorige week zijn de onderwerpen onder de leden verdeeld, waarna Nijpels de verschillende bijdragen aan elkaar schreef. Half drie is het maandagnacht geworden, te laat om nog naar Eindhoven terug te rijden. Ook dinsdag heeft ze een hotel moeten nemen. De fractie heeft nog maar een paar medewerkers, wat het extra zwaar maakte.

Dat laatste was overigens niet voorzien. Aan het zoeken van medewerkers is deze zomer onverwacht veel tijd opgegaan. Bij de fractie kregen ze de indruk dat de van gedecimeerde partijen afkomstige sollicitanten meer met hun eigen toekomst dan met die van het AOV waren begaan. Ze moesten steeds alert zijn, net als bij het toewijzen van kamers en meubilair. Daar zaten veel oude spulletjes bij.

Dat soort problemen heeft de SP niet gehad. De SP beschikte van meet af aan over negen medewerkers, meer dan het budget feitelijk toelaat. Maar fractieleider J. (Jan) Marijnissen en collega R. (Remi) Poppe vonden hun salaris veel te hoog. Ze besloten met 2500 gulden netto per maand genoegen te nemen. Bovendien stopte de partij nog wat mankracht in het Tweede-Kamerwerk. Wat ledental betreft is de SP de vijfde partij, na CDA, PvdA, VVD en SGP.

Al tijdens de formatie begon de SP met het verzamelen van materiaal voor de bijdrage van gisteren. Er werden diverse dossiers aangelegd, maar eigenlijk was volgens Marijnissen “de rode draad dit voorjaar al duidelijk”. In de ogen van de SP zijn de vier grote partijen allemaal even neo-liberaal en staan Nederland Amerikaanse toestanden te wachten. Dit kabinet, schreef hij het afgelopen weekeinde, “zet de koers van Lubbers III met kracht voort”. Het is dezelfde koers waarvan in Amerika en Engeland “de gevolgen voor de samenleving en vele miljoenen mensen desastreus waren”.

Marijnissen heeft de regeringsverklaringen van de afgelopen jaren er nog eens op na geslagen. Het viel hem op dat “alleen die van Joop” elan en visie had. Dat was in 1973. Nu is de inhoud “vooral grijs, vaag en zonder bezieling”. Dus was het “maar goed dat er nog rood is”, de kleur waar in feite alleen de SP nog recht op heeft. Sinds gisteren hangen achter de ramen van de fractie affiches met de bekende rode tomaat. “Vanaf nu zit hier de SP” staat er deze keer op. Voor bezoekers zijn de affiches vanaf de gaanderijen goed zichtbaar. Volgende week opent de partij een gratis 06-nummer, voor boze en verontruste burgers.

Terwijl Marijnissen en Nijpels gisteren voor de tweede of derde keer het woord voerden, sprak H.A. (Bertus) Leerkes van de Unie 55+ de regering voor het eerst toe. Als vertegenwoordiger van de kleinste oppositiepartij was hij tegen middernacht de laatste spreker. Niet iedereen had dat nog afgewacht, maar Nijpels wel. Hoewel het lange wachten haar dwong voor de derde achtereenvolgende keer een hotel te nemen, heeft ze er geen spijt van. “Het was een goede bijdrage. Ik vond Leerkes aandoenlijk.”