Forever young

De Swaan gaf een opmerkelijke beschouwing over het met veertig jaar verlengde en daarmee hevige leven van verouderde mensen in onze samenleving (NRC Handelsblad, 20 augustus). Het stuk liet me echter met een belangrijke vraag zitten. Hoe komt het dat in opeenvolgende opinieonderzoeken gedurende de laatste vijftien à twintig jaar een steeds kleiner verschil optreedt tussen jeugdigen en ouderen?

Mogelijk geven veel niet-meer-jeugdigen van zichzelf in opinieonderzoek een jeugdig beeld. Een 41-jarige die wellicht in het dagelijks leven door zou willen gaan voor een 14-jarige, geeft in ieder geval zo'n beeld van zichzelf bij ondervragingen voor een opinieonderzoek. Last van lijf, leden en haaruitval heeft men niet, het is best te doen. En er zijn genoeg elementen in de alledaagse leefwereld die zo'n 'jeugdige' zelfopvatting van 'oudere jongeren' ondersteunen, zonder dat men hoeft te grijpen naar lachwekkende camouflages als een toupetje. Een beetje extra zorg voor het uiterlijk doet wonderen bij post-jeugdige generaties en zij hebben een grote affiniteit met eigentijdse muziek behouden. Bovendien zijn er veel mechanismen waarmee zij de verantwoordelijkheden die bij volwassenheid en ouder worden horen, kunnen ontlopen, waarmee hun het jeugd-privilege van de onverantwoordelijkheid ten deel blijft vallen.