Consumptief krediet

Omdat nu al voor de tweede keer in uw blad een wetsontwerp inzake de aftrek van consumptieve rente aan mijn voorganger Nooteboom wordt toegeschreven, stel ik het op prijs de ware toedracht in herinnering te roepen. Toen ik Nooteboom in 1980 opvolgde had het kabinet-Van Agt/Wiegel nog maar krap anderhalf jaar voor de boeg. Meteen in de week van mijn aantreden bepaalde de ministerraad op voorstel van Wiegel dat het kabinet de aftrekbaarheid van hypotheekrente in stand zou laten. Enige tijd later heb ik de ministerraad een wetsontwerp voorgelegd om beperkingen aan te brengen in de aftrekbaarheid van rente uit niet-hypothecaire leningen, in de wandeling consumptief krediet genoemd.

De ministerraad heeft dit wetsontwerp aanvaard en ik heb het bij de Tweede Kamer ingediend. Daar ondervond het weerstand, vooral om praktische redenen. Ook de CDA-fractie was kritisch. Niet algemeen bekend is dat De Vries voor deze fractie penvoerder over dit onderwerp was. Het wetsontwerp is niet verder gekomen dan de schriftelijke behandelingsfase. De kritiek van de Kamer gaf mijn opvolger Koning de gelegenheid het in te trekken.