REGEERAKKOORD PvdA/D66/VVD; Winkelsluiting

ROTTERDAM, 25 AUG. Als de door het 'paarse' kabinet aangekondigde herziening van de Winkelsluitingswet het tempo van eerdere aanpassingen volgt, hoeven de kleine kruideniers, slagers en sigarenboeren zich pas rond de eeuwwisseling zorgen te gaan maken. Immers, het debat over de laatste herziening van deze wet, die dateert uit 1930, nam acht jaar in beslag en leidde uiteindelijk in 1993 tot een marginale verruiming van de openingstijden van 52 tot 55 uur. Vanaf 1 september mogen grotere gemeenten bovendien ontheffing verlenen aan avondwinkels - één winkel op 15.000 inwoners - en kan de detailhandel acht zondagen per jaar de deuren opengooien.

Voor het groeiende leger huishoudens dat zich in allerlei bochten moet wringen om na het werk toch de dagelijkse boodschappen binnen te halen, belooft de geringe aandacht die in het Regeerakkoord is besteed aan de Winkelsluitingswet vooralsnog weinig perspectief. Eén zinnetje is er slechts aan gewijd: “Om moderne arbeids- en leefpatronen niet in de weg te staan worden de restricties in de Winkelsluitingswet sterk verminderd”.

Hoe sterk die vermindering zal zijn en op welke termijn die zal plaatshebben, blijft vooralsnog duister. Aan de andere kant kan de afwezigheid van het CDA - waarvan een groot deel van de achterban altijd een fervent tegenstander is geweest van versoepeling van de Winkelsluitingswet - de ruimte bieden aan de drie regeringspartijen om hun verkiezingsbelofte van liberalisering van de openingstijden waar te maken.

Anders dan door tegenstanders wordt beweerd, kan een drastische verruiming van de winkelsluitingswet tot lagere kosten leiden voor de winkeliers, omdat het winkelbezoek gelijkmatiger verspreid wordt en er daardoor per saldo minder personeel nodig is. Dat schreef een topambtenaar van het ministerie van financiën, J.J.M. Kremers, vorige maand op eigen titel in het economenblad ESB. Volgens Kremers en zijn twee mede-auteurs leiden die lagere kosten - in combinatie met het grotere gemak voor de consument - tot een toename van de vraag en uiteindelijk tot een positief effect op de werkgelegenheid. Volgens de auteurs heeft Nederland zelfs met de in 1992 herziene Winkelsluitingswet nog steeds één van de meest restrictieve regelingen van Europa. Uit een door hen opgestelde vergelijking blijkt dat de gemiddeld in Europa toegestane openingstijd meer dan vijftig procent ruimer is dan in Nederland.

Dat ruimere openingstijden tot een grotere omzet leiden, staat voor het detailhandelsconcern Ahold (onder andere Albert Heijn, Etos), onomstotelijk vast. In de Verenigde Staten, waar supermarkten 24 uur per dag open mogen zijn, wordt volgens Ahold zestig procent van de omzet buiten de in Nederland reguliere openingstijden geboekt. Als de nieuwe regering overgaat tot verdere verruiming zal Ahold daar naar eigen zeggen zoveel mogelijk gebruik van maken. Ook bij Vendex (V&D-warenhuizen, Torro) heeft men reeds plannen bij een mogelijke liberalisering van de Winkelsluitingswet, maar over de concrete invulling daarvan wil het concern nu nog niets kwijt. Volgens Vendex zal steeds op lokaal niveau bekeken worden waar de klanten behoefte aan hebben.

Het enthousiasme voor ruimere openingstijden lijkt maar door weinig collega's van Ahold en Vendex te worden gedeeld. Begin deze maand liet het Vakcentrum Levensmiddelen, waar circa 2000 zelfstandige supermarkthouders bij zijn aangesloten, nog weten hier niets in te zien. Ook van de binnenkort toegestane mogelijkheid om in grote gemeenten een avondwinkel te openen, zeggen de kleinere supermarkthouders geen gebruik te willen maken.

Bij het Koninklijk Nederlands Ondernemersverbond (KNOV), waar veel kleine en middelgrote detailhandelszaken zijn aangesloten en dat in het verleden regelmatig bedenkingen heeft getoond tegen een verdere liberalisering, heeft men nog geen reactie op de in het regeerakkoord aangekondigde verruiming van de openingstijden. “De ervaring is dat de besluitvorming rond deze kwestie altijd vrij moeizaam verloopt. Wij wachten nu eerst maar eens rustig af waar het kabinet mee komt”, aldus een woordvoerster van het KNOV.