Boeren hebben te weinig tijd om ook nog eens achter een kraampje te staan; Biologische markten snel volwassen

'Wat van het land komt, ligt een paar uur later op de markt'. Biologische markten, waar boeren uit de directe omgeving hun biologisch geproduceerde waren rechtstreeks aanbieden aan consumenten, zijn een succes. Het aantal markten groeit. Er is één probleem: te weinig boeren hebben tijd om naast hun werk op het land ook nog eens op de markt te staan.

UTRECHT, 22 AUG. Door de snelle groei van het aantal biologische boerenmarkten dreigt een tekort aan boeren die hun waren aanbieden in deze markten. Er zijn nu 7 markten (in Amsterdam, Den Haag, Groningen, Leiden, Wageningen, Utrecht en Zwolle) waar uitsluitend biologisch geteelde en verwerkte produkten verkocht worden. De komende maanden komen daar, volgens het Landelijk Platform Biologische Boerenmarkten (LPBB), nog eens 9 markten bij, verspreid over het hele land.

Het oorspronkelijke idee achter de biologische boerenmarkten is dat boeren uit de directe omgeving hun biologisch geproduceerde waren rechtstreeks aanbieden aan consumenten. Voor de boeren levert dat extra afzet op, terwijl de consument verzekerd is van verse produkten zonder chemische toevoegingen, en van deskundige informatie.

Van de 500 biologische boeren blijken echter slechts enkele tientallen de tijd te hebben om naast hun werk op het land ook nog eens op de markt te staan. Om toch tegemoet te kunnen komen aan de toenemende vraag van de consument naar verse biologische produkten, zal een beroep gedaan worden op mensen die nu als vrijwilligers op de biologische boerenbedrijven werken. Zij zullen een deel van de kramen op de nieuwe markten moeten bemannen. Volgens groenteproducente en koopvrouw Mariken de Goede, bestuurslid van het LPBB, is daar een redelijke boterham mee te verdienen. De Goede: “Het eerste jaar is het krappe sokken voor de ondernemers, maar daarna loopt het. Zelf sta ik met aardappelen, groenten en fruit op biologische markten in Amsterdam en Utrecht. In de vier jaar waarin de Utrechtse markt bestaat, is mijn omzet verdrievoudigd. Dat is te danken aan het concept van de biologische boerenmarkten. Volgens het one-stop-shopping principe wordt een compleet voedselpakket aangeboden met onder andere groente, fruit, zuivel, brood, gebak, droogwaren, wijn en vlees. Alle produkten zijn van biologische kwaliteit. Wat van het land komt, ligt een paar uur later op de markt. Alleen produkten die via de biologische groothandel worden ingekocht, zijn langer onderweg. Een extra attractie van de markten is dat er ook milieuvriendelijke geproduceerde non-foodartikelen te koop zijn, zoals keramiek, houten speelgoed of schoonmaakmiddelen.”

De eerste biologische boerenmarkt begon in 1987 op de Amsterdamse Noordermarkt. Sindsdien is het aantal markten geleidelijk toegenomen. Met uitzondering van Zwolle waar een politieke partij de aanzet gaf, ontstonden de 7 bestaande markten op initiatief van producenten uit de regio. Bij de markten die in oprichting zijn, ligt dat anders. In Vlaardingen bij voorbeeld is het initiatief uitgegaan van de gemeente, in Beverwijk van het marktwezen en in Flevopolder van een milieuorganisatie en Rijkswaterstaat. Volgens Jeep ter Heide, secretaris van het LPBB, is de uitbreiding van het aantal biologische boerenmarkten vooral te danken aan gemeentelijke milieu- en marktdiensten. “Voor de milieudiensten spelen milieu-overwegingen een rol. Bij de marktdiensten tellen andere motieven. Zij denken dat biologische boerenmarkten een bijdrage leveren aan de opwaardering van het marktwezen”, aldus Ter Heide.

Het vorig jaar in Castricum opgerichte Landelijk Platform Biologische Boerenmarkten is een organisatie die de belangen van de bestaande boerenmarkten behartigt en het ontstaan van nieuwe markten ondersteunt. Sinds kort zet het LPBB nieuwe markten op in opdracht van gemeenten. Het Platform heeft becijferd dat vestiging van een biologische boerenmarkt haalbaar is in gemeenten met meer dan 50.000 inwoners. Daarvan zijn er 55 in Nederland. In grote steden is zelfs ruimte voor meer dan één markt. Uit een onderzoek van de Landbouwuniversiteit Wageningen blijkt dat markten de meeste kans van succes hebben in wijken waar veel hoger opgeleiden wonen, omdat daar de consumptie van biologische produkten het hoogst is. Het is dan ook geen toeval dat voor de tweede biologische boerenmarkt die dit najaar in Amsterdam van start gaat, de Nieuwmarkt als locatie is gekozen, een buurt van 'yuppen en junken' zoals bewoners zeggen.

Uitbreiding van het aantal biologische boerenmarkten is volgens Ter Heide van groot belang voor de boeren. “Een deel van de 400 natuurvoedingswinkels ontwikkelt zich in de richting van de droogwaren. Verse produkten worden afgestoten omdat deze door de kans op bederf te veel risico's met zich meebrengen. Dat betekent dat er nieuwe afzetkanalen voor biologische verswaren moeten komen. Markten zijn uitermate geschikt voor de verkoop van verse produkten. Dat blijkt ook uit de cijfers. De omzet van de biologische markten stijgt jaarlijks met 20 tot 50 procent. Vorig jaar hebben ze met elkaar circa 8 miljoen gulden omgezet. Dat is 4 à 5 procent van de totale omzet aan biologische levensmiddelen.”

Doordat de markten een lage drempel hebben, creëren ze nieuwe klanten voor biologische produkten. Mariken de Goede: “Alle markten bevinden zich op plaatsen waar veel mensen voorbijkomen. Vaak bieden we de passanten iets aan, een stukje appel of een glas karnemelk. Op die manier krijgen we ook klanten die niet zo gauw een natuurvoedingswinkel zouden binnengaan.” Uit onderzoek is gebleken dat bijna de helft van deze kopers zich niet realiseert op een gespecialiseerde markt rond te lopen. Dat probleem is binnenkort opgelost als de biologische boerenmarkten een gemeenschappelijke huisstijl krijgen. De kramen zullen aangekleed worden met zogeheten kraamrokken (doeken die om de schragentafels gespannen zijn) en met spandoeken en vlaggen van biologisch katoen. Een logo van rood-witte boerenzakdoeken en een groen landschapje moet voor de herkenbaarheid zorgen.

De Goede: “De biologische boerenmarkten worden in snel tempo volwassen. Een paar jaar geleden, toen we in Utrecht begonnen, durfden we met ons beperkte assortiment niet op de gangbare markt te staan. We wilden daarom liever een aparte markt. Maar tegenwoordig is ons aanbod bijna net zo breed als dat van de reguliere handel. Op het versniveau spelen we zelfs een voortrekkersrol. In het verleden is dat niet altijd zo geweest, maar tegenwoordig vinden we dat je met versheid niet moet rommelen. Blaadjes eraf trekken en water over de groenten gooien, doen we niet. Verlepte sla gaat - hup - naar de geiten.

“De kwaliteit van de produkten en een gezellige sfeer moeten de komende jaren zorgen voor verdere omzetgroei van de biologische boerenmarkten. Het belangrijkste obstakel daarbij is de prijs van de waren. De Goede: “Veel vrouwen beginnen met biologische produkten als ze in verwachting zijn. Na de geboorte zie je vaak dat ze alleen voor het kind biologisch eten kopen. Voor zichzelf vinden ze het te duur, zeggen ze.”