'Bewijs' gebaseerd op uitlatingen van één balling; 'Iraanse schuld staat vast'

BUENOS AIRES, 12 AUG. De Argentijnse onderzoeksrechter Juan Jose Galeano heeft alvast de aanbeveling gedaan de telefoonlijnen van de Iraanse ambassade in Buenos Aires af te tappen. Voor hem staat de betrokkenheid van een aantal Iraanse (ex-) diplomaten bij de recente aanslag op het gebouw van de joodse vereniging AMIA onomstotelijk vast. Argentijnse kranten publiceerden deze week grote foto's van bebaarde verdachten.

De spanning tussen Argentinië en Iran over de mogelijke betrokkenheid van Iraanse diplomaten bij de aanslag zijn deze week hoog opgelopen. In een reactie op het onderzoek van Galeano verklaarde de Argentijnse president, Carlos Menem, meteen dat de betrekkingen met Iran dienden te worden verbroken. Later zwakte hij dit af door te zeggen dat de ontslagname of uitzetting van de Iraanse ambassadeur gewenst was.

Carlos Menem is berucht om zijn impulsieve uitlatingen en minister van buitenlandse zaken Guido Di Tella had er vervolgens zijn handen vol aan om de uitspraken van het staatshoofd te relativeren en te voorkomen dat de delicate kwestie zou escaleren. Toch vreest Di Tella nu ook dat een breuk met Teheran onvermijdelijk is, gezien de felle reacties van de Iraanse regering. Iran heeft de Argentijnse zaakgelastigde in Teheran een officieel protest overhandigd waarin de beschuldigingen van Galeano als “beledigend, ongefundeerd en onbeschoft” zijn afgedaan. Voor Buenos Aires is dit onacceptabel.

Toch zijn de resultaten van het onderzoek van Galeano, een jonge ambitieuze jurist, niet onomstreden. Zijn beschuldigingen baseert hij vrijwel uitsluitend op de verklaringen van de in Venezuela verblijvende Iraniër Manouchehr Matamer. Op aanwijzing van de binnenlandse veiligheidsdienst SIDE vertrok Galeano kort na de aanslag van 18 juli naar Caracas, waar Matamer hem de namen gaf van enkele Iraanse diplomaten die, naar zijn zeggen, zowel achter de aanslag op de Israelische ambassade in Buenos Aires in 1992 als de recente bomaanslag op het AMIA-gebouw zaten. Een van de verdachten die Matamer heeft genoemd is oud-minister van cultuur van Iran.

Maar het is onduidelijk wat Matamar, die volgens Argentinië tot maart dit jaar zelf deel uitmaakte van de Iraanse diplomatieke dienst - Teheran ontkent dat Matamer ooit diplomaat was - tot zijn onthulling heeft bewogen. Zeker is dat zijn verhaal niet gesteund wordt door harde bewijzen. In feite is tot nu toe slechts vastgesteld dat eind 1993 de Iraniër Moshan Rabbani bij autohandelaren in Buenos Aires navraag heeft gedaan naar de prijzen van een Renault Traffic-bestelbusje. Rabbani had hierbij gezegd dat hij een busje zocht waarin zijn omvangrijke familie zou passen. De autobom van vorige maand was in een dergelijk busje geplaatst. Rabbani, voormalig religieus leider van de sji'itische gemeenschap in Zuid-Amerika, trad in april in dienst van de Iraanse ambassade als cultureel attaché.

De Argentijnse autoriteiten staan onder zware druk om snel de daders op te sporen. Enkele dagen na de aanslag protesteerden zo'n honderdduizend Argentijnen in de stromende regen tegen de aanslag. Bij die gelegenheid werd president Menem massaal uitgefloten op het moment dat hij de menigte wilde toespreken. Zijn toezeggingen dat de verantwoordelijken op de kortst mogelijke termijn gevonden zouden worden kwamen ongeloofwaardig over. In de ruim twee jaar die na de aanslag op de Israelische ambassade zijn verstreken heeft noch de regering noch justitie ooit enige informatie gegeven over de vorderingen van het onderzoek en de mogelijke daders.

Felle kritiek kreeg ook de slecht georganiseerde binnenlandse veiligheidsdienst te verduren, die de beloofde drastische maatregelen om verdere aanslagen te voorkomen, waaronder een verbetering van de grensbewaking, achterwege heeft gelaten. In dit verband bracht de bomaanslag op de Israelische ambassade in Londen, op 26 juli, de Argentijnse autoriteiten tijdelijk verlichting. Het feit dat ook in een land als Groot-Brittannië ongehinderd een bom kon worden geplaatst deed de kritiek in eigen land even verstommen.

Het Hooggerechtshof moet nu uitmaken wat het verder met de bevindingen van Galeano zal doen en of tot een uitleveringsverzoek zal worden overgegaan van enkele Iraniërs die zich in Iran bevinden. Iran zal daartoe eerst de diplomatieke onschendbaarheid van de betrokkenen dienen op te heffen. Iran heeft laten weten op concrete bewijzen te wachten.

De Israelische ambassadeur in Argentinië, Aviran, heeft het Hooggerechtshof verzocht deze keer alles in het werk te stellen om de daders van de aanslag op te sporen. Twee parlementariërs van de regeringspartij hebben al optimistisch gezegd dat de AMIA-zaak met de 'Iran-connectie' nu vrijwel is opgelost.