Groei in de VS kampt met vertraging

NEW YORK, 10 AUG. De Amerikaanse economie vertoont duidelijke tekenen van een tragere groei. Economen zijn het er echter niet over eens hoe lang de verslapping zal aanhouden en hoe ernstig de vertraging is.

“De groei zal enigszins lager zijn in de tweede helft van dit jaar”, aldus Mike Carey van investeringsadviesbureau MFR. “Met name de huizensector en de automobielsector doen het beduidend minder.” De eerste signalen dat de economische expansie in de Verenigde Staten afnam dateren al van mei, maar economische cijfers over juni en juli bevestigen de trend. Carey denkt overigens niet dat de groei in het tweede halfjaar lager dan drie procent zal zijn.

De autoverkoop in juli liep terug in vergelijking met juni, maar zowel autoproducenten als dealers zeggen dat dat komt door achterstand in levering en niet door gebrek aan vraag. Analisten wijzen er echter op dat de achterstand niet meer goed te maken valt. Het aantal verkochte auto's over juli was 13,8 miljoen op jaarbasis, 1 miljoen minder dan in juni en ver onder de 15 miljoen die waarnemers hadden verwacht. Het werkelijke aantal was 1,19 miljoen, minder dan de 1,45 miljoen van juni. Sommige aantallen zijn ook lager dan de cijfers van een jaar geleden.

In de huizensector was te zien dat de bestedingen in de bouw in juni slechts 0,2 procent stegen, na een groei van 1,3 procent in mei en 0,9 in april. Ernstiger was het cijfer van de daadwerkelijke huizenkoop, die in juni 9,8 procent daalde tot winterniveau. Ook meldingen uit den lande bevestigen teruglopende bouwactiviteit. Volgens het zogeheten 'beige book', het rapport dat de Federal Reserve Bank, het Amerikaanse stelsel van centrale banken, vorige week uitbracht, loopt de economische groei iets terug. Volgens het rapport, dat bestaat uit een samenvatting en twaalf rapportages uit de bankdistricten, “blijft de economie in een behoorlijk tempo groeien”, al zijn er “tekenen van zwakte in het zuiden en het middenwesten”. Atlanta bijvoorbeeld spreekt van “bescheiden slapte in verschillende sectoren” en Kansas City onderkent “enkele tekenen van verslapping”. In beide districten is vooral minder economische activiteit in de huizensector merkbaar.

De groei van het bruto binnenlands produkt (bbp), som van alle goederen en diensten van Amerikaanse bodem, over het tweede kwartaal bedroeg 3,7 procent. Dat cijfer was goed, maar duidelijk was te zien dat het peil van de consumentenbestedingen aan het dalen was, vooral aan het eind van het kwartaal. Bovendien verdubbelden de voorraden.

“De groei van de voorraden in het tweede kwartaal kan tot gevolg hebben dat de produktie in het derde kwartaal zal teruglopen”, aldus Carey, die zegt dat een aantal van zijn collega's denkt dat bedrijven bewust aan voorraadopbouw hebben gewerkt om niet, zoals de autoproducenten overkomt, opeens de vraag niet aan te kunnen. Het systeem om lage voorraden aan te houden en met zogenaamde laatste-nippertje-leveringen te werken is goedkoper, maar vereist zeer goede planning. Carey: “De vraag is nu eigenlijk of de voorraadophoping opzettelijk of per ongeluk was.”

Andere vraag is of de consument weer in zijn beurs zal tasten of dat de bestedingen aan de magere kant blijven. Juli is wat dat betreft geen representatieve maand dus de cijfers die donderdag uitkomen zullen weinig echte duidelijkheid verschaffen. Volgens Carey, die voor het derde kwartaal een bbp-groei van drie procent verwacht, is er geen sterke stijging van consumentenbestedingen te verwachten.

De afnemende groei is volgens anderen geen reden tot zorg zolang het geen abrupte teruggang is. Economen van Salomon Brothers vinden een dergelijke teruggang “zeer onwaarschijnlijk” en wijzen er op dat de bestedingen weliswaar iets terugliepen, maar dat de inkomensgroei de consument straks nieuwe ruimte biedt. De recente goede werkgelegenheidscijfers over juni en juli dragen er toe bij dat de economische expansie zich zal voortzetten in een groeitempo van boven de drie procent.

Ook Marilyn Schaja van Donaldson Lufkin & Jenrette zag in het werkgelegenheidsrapport van afgelopen vrijdag geen negatieve elementen. “Het was een sterk rapport”, aldus Schaja. Dat het werkloosheidspercentage steeg van 6,0 naar 6,1 procent zegt op zichzelf niet veel omdat de enorme schommelingen in de omvang van de arbeidsmarkt vertekenend werken. Niemand kan verklaren waarom er in juni opeens 500.000 man van de arbeidsmarkt verdwenen, van wie er in juli weer 200.000 terugkwamen.

Tussen alle mindere cijfers in juni en juli was er vorige week ook opeens het indexcijfer van economische indicatoren. Het indexcijfer, dat als barometer geldt voor de economische activiteit over zes maanden, steeg voor de derde achtereenvolgende maand met 0,2 procent. Het wijst erop dat over enkele maanden de economische groei constant zal zijn. In januari van dit jaar stond het indexcijfer op -0,1, wat zich inderdaad ongeveer zes maanden later in een lichte vertraging heeft vertaald.