Junk

Het Franse Hooggerechtshof heeft een wet ter verdediging van het zuiver Frans in strijd met de vrijheid van meningsuiting nietig verklaard. In werkelijkheid is het wat ingewikkelder, maar dit is de kern van deze uitspraak. Als ik geen grenzeloze liefde voor mijn moedertaal koesterde, zou ik schrijven dat de Fransen een uphill struggle tegen een legertje van Engelse woorden voeren, in plaats van dat ze tegen de bierkaai vechten. De tot krachteloosheid teruggebrachte wet hoort tot dezelfde orde als de politiek die erop is gericht de Europese, in het bijzonder de Franse filmproduktie te beschermen tegen de invoer uit Hollywood.

Is deze strijd om de taal (en wat erbij hoort: de 'cultuur') voor Nederlanders nog wel te begrijpen? Ik vroeg het me af toen ik onlangs hoorde dat op het strand van Zandvoort bietswotsers waren aangesteld, jongeren die hulp zouden verlenen bij het bestrijden van geringere ellende op het strand, in tegenstelling tot de lijfzevers aan wie het redden van levens zou zijn voorbehouden. Er sluimerde een vete tussen de bietswotsers en de lijfzevers, zei de nieuwslezer. Hij sprak die woorden mooier uit maar ik schrijf ze met opzet zo plat-fonetisch mogelijk. Het zou een verhaal van Marten Toonder kunnen zijn. Tom Poes en de, enz. Ik heb geen humoristische bedoeling. Vroeger had je de badman die de op de badgasten lette, en als puntje bij paaltje kwam ook hun leven redde. Dat baantje is dus gesplitst.

Toen de beach-watchers hun intrede deden heb ik geen woord van puristisch verzet gehoord. Het had me ook overdreven geleken. We hebben de street corner workers over onze kant laten gaan, de directie van Schiphol heeft al een poosje geleden besloten dat het geen uitgang is maar gate of keet, en hoe lang geleden al is een kaartje tot ticket of tikkut geworden. Ik heb me weleens voorgenomen, alle Engelse titels, woorden, reclameleuzen (slogans) die ik iedere dag onderweg in de tram tegenkom, op te schrijven en achterelkaar op deze plaats te zetten als ik niets anders zou weten. Maar dat zijn van die plannen die je nooit uitvoert.

Wat is de zin van de zuiverheid? Daarover bestaat veel verschil van mening. We hebben een minister van onderwijs gehad die het Engels aan de universiteit als tweede voertaal wilde invoeren. Onzinnig voorstel, niet omdat bij uitvoering de eer van de natie zou worden geschonden maar omdat daarmee de universiteit nog meer een kwekerij van koeterwaals zou worden dan ze nu al is. Er zullen takken van wetenschap zijn, zo verfijnd, dat het uitgelezen gezelschap van de weinige beoefenaars op dit gebied alleen met elkaar in bijvoorbeeld het Engels kunnen verkeren. Maar een voertaal aan de universiteit is iets anders dan een beperkte vaktaal.

Sinds de Tweede Wereldoorlog die met de Angelsaksische overwinning is geëindigd, heeft het Engels zich definitief als lingua franca voor de hele wereld gevestigd. Maar dit wil niet zeggen dat deze taal er daardoor op vooruit is gegaan, rijker is geworden en dus de Engels sprekenden meer mogelijkheden, een groter verscheidenheid biedt om zich uit te drukken. Als lingua franca is het Engels vereenvoudigd tot een aantal variaties op het steenkolen-Engels - dat is de invloed van buiten. Daarbij is het van binnenuit aangestast zoals iedere taal die de voertaal van een massamaatschappij is geworden. Dat is omstreeks een halve eeuw geleden vastgesteld door George Orwell in zijn opstel Politics and the English Language. Alle mankementen die hij toen in het Engels der politici opnoemde, vinden we ook in het Nederlands van de Nederlandse politici.

De Amerikanen - niet de Britten - exporteren nu een allegaartje van woorden en uitdrukkingen die nooit wortel zouden schieten als daarmee geen dingen en daden werden benoemd die de meeste mensen graag willen hebben en doen. Dit geheel wordt door de Amerikaanse schrijver en journalist William Pfaff de junk culture genoemd. Hoe zou je in het Nederlands moeten noemen? Blikbeschaving? Dat heeft alweer een vleugje moralisme. Daar heb je het al: junk is een woord dat erbij hoort, met steeds meer betekenissen, zonder dat er intussen een Franse, Duitse of Nederlandse vertaling voor is ontstaan. Dat komt doordat in heel Europa uit de nationale beschavingen geen junk culture is ontwikkeld.

Als een land zijn beschaving wil bewaren door zijn taal 'zuiver' te houden, zonder te letten op oorsprong van de 'onzuiverheden' dan noemen wij dat 'het paard achter de wagen binden'. Het gaat niet om de taal maar om het geheel van de junk cultuur.