Muurbloem zonder water

In de gangen van de Hunsingo scholengemeenschap in het Groningse Bedum is het opvallend stil. Buiten op het plein van deze Mavo/Lhno school eten nog een paar tweedeklassers hun boterham. Ze zijn de laatste der Mohikanen. Over twee weken gaan de deuren van de Hunsingo definitief op slot. De ruim vijftig jongens en meisjes die eindexamen deden zijn al vertrokken, en na de zomervakantie maken de overgebleven 25 leerlingen noodgedwongen de overstap naar een grote scholengemeenschap in 'de stad', zoals Groningen hier heet. Directeur H. Stulp telt met gemak een tiental Mavo's in de omgeving die ten onder zijn gegaan. 'De 240-leerlingennorm is de doodsteek voor het platteland', stelt hij gelaten vast. Veel dorpen raken ontschoold, ook Bedum zal het nu verder zonder voortgezet onderwijs moeten stellen.

In de docentenkamer wordt taart gegeten, maar de jarige wiskundecollega heeft te ruim ingekocht. Er zit slechts een zestal docenten aan de ronde tafel, de overige twaalf hebben niets meer te zoeken op school nu de eindexamens achter de rug zijn. Er worden herinneringen opgehaald aan de gloriedagen van de Hunsingo, in 1984, toen er na een fusie met twee scholen uit het naburige Middelstum ruim veertig personeelsleden rondliepen en de school meer dan vierhonderd leerlingen telde. Aan de overkant van de straat moesten er noodlokalen worden bijgebouwd.

Maar het aantal basisschoolleerlingen in Bedum en omliggende dorpen liep gestaag terug, en ook de trek naar de stad werd groter. In de volgende fusiegolf bleef de Hunsingo als 'muurbloempje' over, vertelt de directeur. Dat lag volgens hem niet aan de kwaliteit van het onderwijs, noch aan de inzet van de leerkrachten, maar hoofdzakelijk aan een slepende fraudezaak bij een van de twee fusiepartners die pas na het samengaan in 1984 aan het licht kwam. Het ministerie legde een zware claim op de Hunsingo. En met een negatieve bruidsschat wil niemand je hebben, zo bleek al snel, ook de scholen van de eigen prot. christelijke richting niet. In 1992, de school had toen nog tweehonderd leerlingen, werd besloten dat de Hunsingo dicht moest. Voor 1993 meldde zich evenwel nog dertig nieuwe eersteklassers aan. De aankomende derde klas verhuisde in dat jaar en masse naar een scholengemeenschap in Groningen. De schoolleiding van de Hunsingo vond het niet verantwoord om ze in hun examenjaar met een nieuwe situatie te confronteren.

Achttien leerkrachten en vier overige personeelsleden staan nu op straat, vijf personeelsleden moesten er door de terugloop van leerlingen vorig schooljaar al afscheid nemen. Werk is er nauwelijks in het noorden, weet directeur Stulp. Met zijn 56 jaar denkt hij niet meer aan de slag te zullen komen, maar ook voor zijn jongere collega's ziet het er niet al te rooskleurig uit. 'Die laatste dagen voelen heel verschrikkelijk', zegt hij. In 1961 begon Henk Stulp op de Bedumse ULO-school, eerst als leraar nederlands en geschiedenis, economie en handelskennis, later als decaan en adjunct, sinds 1981 is hij directeur. Een echte streekschool, waar met niet al te sterke leerlingen vaak prima resultaten werden behaald omdat er veel begeleiding was en veel aandacht. 'Ik zal het contact met de kinderen en de collega's heel erg missen.' Stulp kijkt naar de dozen in de hoek van zijn kamer, symbool van de naderende sluiting. 'Dat zich vorig jaar nog dertig nieuwe leerlingen hebben aangemeld heeft ons heel erg goed gedaan. De ouders hadden blijkbaar vertrouwen in ons.'

Ondanks haar veertien dienstjaren bleef Marian Ruiter-Lootsma (34) op school altijd het 'lutje wicht' - de jongste van het stel, en vooral: de laatst binnengekomene. Ze werd de afgelopen jaren drie keer ontslagen. “Maar als een Heintje Davids kwam ik elke keer weer terug”, vertelt ze. Vorig jaar werd er tijdens een afscheidscabaret menig traantje weggepinkt, maar de eerste dag van de zomervakantie werd ze door directeur Stulp alweer gebeld: of ze alsjeblieft terug wilde komen ter vervanging van een zieke collega. De sluiting van de Hunsingo stemt haar verdrietig. We vormden een hecht team, eigenlijk een soort grote familie. De sluiting heeft dat gevoel van verbroedering alleen maar versterkt. 'We zaten tenslotte allemaal in hetzelfde schuitje.'

Tot nu toe heeft Marian Ruiter het druk gehad want examenklassen leveren een docent nederlands nu eenmaal een hoop correctiewerk op. 'Maar wat moet ik na de vakantie?', vraagt ze zich af. Ze heeft zich op het arbeidsbureau aangemeld voor het project Overstap, dat haar de mogelijkheid biedt om te gaan 'snuffelen' in het bedrijfsleven. Dat sluit aan op de managementcursus die ze volgde, maar liever had ze carrière gemaakt binnen het onderwijs. 'Ik kom uit een echte onderwijzersfamilie, mijn vader was schoolhoofd, mijn zusje staat ook voor de klas.'

Haar collega Chris Raadsen (40) geeft biologie, schei- en natuurkunde. Hij is op zijn leeftijd en met een zeventienjarige ervaring voor de klas bang dat hij te oud is om 'nog ergens in te passen'. Enerzijds voelt hij zich aan de kant gezet, anderzijds biedt het ontslag ook mogelijkheden om iets heel anders te beginnen. Buiten het onderwijs, maar helaas liggen ook daar de banen niet voor het oprapen. Raadsen: 'Waar ik echt tegen op zie is dat ik gedwongen word overal te gaan invallen.' De sfeer op de Hunsingo is wat hem betreft nog nooit zo goed geweest als het afgelopen jaar. 'Je kan er heel zielig over doen, maar je kunt er ook iets leuks van maken.'

Als de Hunsingo over een paar weken helemaal leeggehaald is, de spullen verdeeld zijn of op transport naar Roemenië zijn gesteld, sluit directeur Stulp de deur en brengt de sleutel naar de vertegenwoordiger van de domeinen. Het gebouw uit 1952 wacht een roemloos einde onder de slopershamer, want de gemeente Bedum wil graag huizen bouwen.