Jan van Vlijmen kijkt terug op afgelopen Holland Festival; 'Goede produkties herhalen'

Het vanavond aflopende Holland Festival 1994 was het vierde dat werd georganiseerd door Festival-directeur Jan van Vlijmen, ex-directeur van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en voormalig intendant van de Nederlandse Opera. In een terugblik noemt Van Vlijmen eerst de hoogtepunten. “In het operaprogramma Don Giovanni, in de half-scènische uitvoering van John Eliot Gardiner, de twee Chinese kameropera's The Death of Oedipus en Wolvendorp en in zekere zin ook Noach van Guus Janssen met de decors van Karel Appel. Tekst, muziek en uitbeelding vormden samen een zeer goede voorstelling, al vraag ik me wel af of de muziek via de cd mij ook net zo zou boeien als nu als onderdeel van het totale spektakel.

“Dé grote verrassing en voor mij een zeer onverwacht hoogtepunt in het theaterprogramma was Rijkemanshuis in de regie van Ivo van Hove, een co-produktie van het Zuidelijk Toneel en het Festival. Toen ik het stuk las, dacht ik: hoe moet dat, ook de acteurs hadden dat aanvankelijk. Ik kan me niet herinneren de laatste jaren zo'n goede voorstelling te hebben gezien.

“Bij de Chinese kameropera's kon ik me tevoren meer voorstellen hoe goed het zou worden. Verrassend was wel dat het in de eerste operaprodukties van Mark Timmer en Gijs de Lange scènisch zo goed lukte in volledige harmonie met de ontwerpers en de composities. Verder beschouw ik The Man Who van Peter Brook als een zeer diepzinnige en zeer bijzondere voorstelling met grote acteerprestaties. Andere hoogtepunten waren het ballet Ocean van Merce Cunningham en het hele Chinese muziekprogramma, ook het optreden van de Deutsche Kammerphilharmonie bij het Nederlands Dans Theater. Ik heb zelden een orkest in de bak van het Muziektheater zó goed horen klinken.”

Teleurstellend voor Van Vlijmen was de geringe publieke belangstelling voor de opera's Maschinist Hopkins (voor hem overigens ook een van de hoogtepunten) en Le roi Arthus. “Ik was niet erg gelukkig met de bezetting van Le roi Arthus, die was laat tot stand gekomen en had beter kunnen zijn. Waarmee ik ook minder gelukkig was, was de uitvoering van Monteverdi's Orfeo in de orkestratie van Maderna. Ik vind die bewerking, twintig jaar na de eerste en totdantoe enige uitvoering in het Holland Festival, nog steeds geniaal en die mocht best weer eens worden gehoord. Het was misschien wel duivels dat de 'authentieke' dirigent Minkowski een interpretatie van een interpretatie moest geven. Dat botste en leidde door de hoge tempi tot ontsporingen in het Rotterdams Philharmonisch Orkest.”

De voorstelling van Verdi's Falstaff, waarmee de Nederlandse Opera en het Concertgebouworkest onder leiding van Riccardo Chailly op 1 juni het Holland Festival openden, noemt Van Vlijmen “problematisch”. Hij vraagt zich af of het wel verstandig is op dit punt zijn ziel bloot te leggen, “maar de enscenering van Lluis Pasqual is niet enthousiast ontvangen en ik was ook niet enthousiast. Deze voorstelling was niet eens leuk. Zijn eerdere Falstaffen waren ook niet bijzonder, ook al is het een moeilijk te ensceneren stuk. Ik heb wat dat betreft ook boter op het hoofd met de door mij georganiseerde Falstaff bij de opening van het Muziektheater, maar die was vocaal beter bezet.”

Een aantal commentatoren en recensenten klaagde voor en tijdens het Holland Festival over de steeds marginalere functie van het festival, nu het normale kunstseizoen zoveel meer biedt dan vroeger het geval was. Ook ontbreekt het volgens sommigen in Amsterdam aan echte festivalsfeer. Maar Van Vlijmen verzet zich sterk tegen het cliché-beeld als zou het Holland Festival vroeger zo veel interessanter zijn geweest omdat toen áltijd de zon scheen en élke avond Maria Callas zong.

“We leven nu in andere tijden, vroeger kon je een festival openen met Freek de Jonge in Carré. Persoonlijk heb ik negatieve herinneringen aan dat soort manifestaties, want ik vond het helemaal niks. Zo heeft iedereen zijn eigen smaak. Naar de randprogrammering van Off Holland kwam vroeger bijna geen kip kijken. Een festival in een grotere stad kan moeilijk een festivalsfeer creëren zoals het geval is in Avignon, Edinburgh of Salzburg, waar nooit iets gebeurt, behalve in die ene maand. In Parijs merk je ook niets van het Festival d'automne, hetzelfde geldt voor de Berliner Festspiele, ook al zetten ze daar een tent neer.

“Het Holland Festival heeft ook erg weinig geld, zeven miljoen gulden, een tiende van wat Salzburg ter beschikking heeft. Toen ik hier kwam was er een schuld van 2,5 miljoen die moest worden afgelost. Het festival had een behoorlijk negatief vermogen, dat moest worden rechtgetrokken. We hebben behoedzaam pas op de plaats moeten maken ten koste van de kwantiteit en de 'festivalsfeer'. Na volgend jaar is alles weer financieel op orde, zodat ik daarna nog één zorgeloos festival meemaak.”

Het Holland Festival moet volgens Van Vlijmen een duidelijker profiel krijgen, met als kenmerk dat het programma een echte aanvulling op het normale seizoen moet zijn.

“Er is nu in het Holland Festival veel aandacht voor opera, dat is zelfs de ruggegraat van de programmering. In ons land kan daar niet in al te grote hoeveelheden van worden genoten. Ik zoek, in goed contact en deels in samenwerking met Pierre Audi, een aanvulling op wat de Nederlandse Opera doet. Er waren nu negen opera's, zoveel mogelijk werken die niet tot het normale repertoire behoren: Nederlandse premières van Chausson en Max Brand of premières zoals Oedipus/ Wolvendorp van de Chinezen, van Freeze en Noach, allemaal verschijnselen die typerend zijn voor deze tijd.

“En een repertoirestuk als Don Giovanni kreeg een bijzonder accent door de wijze waarop het werd gedaan. De festivalsfeer daaromheen kun je helaas niet van elke produktie verwachten. Naar de tv-uitzending van Don Giovanni hebben 240.000 mensen gekeken. Het is jammer dat er niet meer op tv was, ik heb ondanks veel moeite verschillende omroepen er niet toe kunnen krijgen de Chinese opera's uit te zenden. En het was inderdaad tragisch en zonde dat er nu maar drie voorstellingen waren voor telkens 450 toeschouwers.

“Maar elke avond dat het vaker zou zijn uitgevoerd had 60.000 gulden extra gekost, terwijl ik maar tien- tot twaalfduizend gulden aan recette krijg. Meer voorstellingen kon ik me niet veroorloven. Je weet niet van tevoren of zo'n stuk aanslaat of niet, de kaartverkoop kwam ook pas heel laat goed op gang. Ik denk er nu over, hoewel dat nog niet besproken is, om dat soort geslaagde eigen produkties in een volgend festival te herhalen. Het experiment met die twee theaterregisseurs was ook een belangrijke stap en lukte wonderwel.

“Ik streef sterk naar concentratie en samenhang in de programmering. Het operaprogramma dit jaar was aanleiding voor concerten, zoals met Chinese muziek, of voor het nu actuele thema 'bewerkingen', waarmee ik ook zelf als componist bezig ben. Het dansprogramma was vooral gericht op Cunningham en het theaterprogramma was ook kleiner dan vroeger. Ik zou die lijn nog verder willen doorvoeren, maar het Holland Festival omvormen tot een puur operafestival gaat mij te ver. Dans en theater wil ik op het programma houden, maar wel op een heel gerichte wijze, zoals op dansgebied verleden jaar het geval was met Anne Teresa De Keersmaeker, dit jaar met Cunningham, volgend jaar met Pina Bausch en het jaar daarop met Forsythe.”

In 1996 gaat Van Vlijmen weg, dit jaar vertrokken muziekprogrammeur Elmer Schönberger en dansprogrammeur Marc Jonkers. “Het is van belang dat een jaar voor ik vertrek mijn opvolger bekend is, zodat hij de kans krijgt medewerkers te zoeken. Als daarover nog lang twijfels blijven bestaan, wil ik een gastprogrammeur voor dans uitnodigen. Het festivalbestuur moet óf eerst formuleren of het in de toekomst in de huidige richting verder gaat en daarbij een nieuwe directeur vinden óf een opvolger aanstellen die een eigen beleid voert. En als dat een andere richting uitgaat en opera een minder belangrijke plaats krijgt, is dat zijn verantwoordelijkheid.”

Na zijn vertrek wil Van Vlijmen gaan componeren. “Nog een opera, al heb ik nog geen concreet plan.” Uit te voeren in het Holland Festival? “Dat hangt af van mijn opvolger.”