Gonsalves (1)

Voor mij heeft A. de Swaan in zijn column 'Oud zeer' (NRC Handelsblad, 25 juni) de essentie van de 'kwestie Gonsalves' kort en bondig onder woorden gebracht: het onvermogen van de huidige politieke machthebbers om, alhoewel er inmiddels meer dan dertig jaar zijn verstreken, onbevangen op het recent koloniaal verleden van Nederland terug te zien.

Zijn cynische opmerking dat het een buitenkans is om heel even te mogen merken hoe het gezag zich handhaaft in Nederland en hoe braafjes dat alom wordt aanvaard, is mij uit het hart gegrepen. Zo'n toonbeeld van braafheid is het hoodredactioneel commentaar van 23 juni waarmee de 'kwestie Gonsalves' werd afgedaan als de overbekende 'storm in een glas water'. Waarbij ik nog wil opmerken dat het nog maar de vraag is of tussen leef- denkwereld van ruim dertig jaar geleden en nu een kloof gaapt en maatstaven en interpretatiekaders van toen en nu door elkaar heen worden gegooid. De wijze waarop de toenmalige controleur Gonsalves de pacificatie van de Baliem-vallei ter hand nam, wekte niet alleen bij ambtenaren van het openbaar ministerie, maar ook bij zijn collega's nogal opzien. Zij zagen een (machts)strijd tussen de gouverneur klaarblijkelijk gedekt door de verantwoordelijke bewindslieden en de procureur-generaal eindigen in een 'nederlaag' voor 'justitie' en een overwinning voor 'het B.B.'. Of iedereen toen zo gelukkig was met die uitslag, waag ik nog steeds te betwijfelen.