De sluis bij Termunten

De Punt van Reide is een schiereiland in de Oostgroningse Dollard. Bij kilometerpaal 14 zijn aan weerszijden van de dijk enkele waterbekkens te zien. Drie jaar geleden was hier nog een sluiscomplex; een schutsluis, een brug, slagbomen, lantarenpalen en stoplichten. En nu: niets meer. De Sluis werd in 1972 voor 16 miljoen gulden gebouwd, maar is nooit in bedrijf gesteld. Het complex is deels weggewerkt in de dijk, deels afgebroken en afgevoerd. Kosten van de sloop: twee miljoen.

De sluis was bedoeld om het overtollige water uit Oost-Groningen en Drente af te voeren. Jan Abrahamse, een van de oprichters van de Waddenvereniging: 'De Westerwoldsche A zou verdiept en verbreed worden. Bovendien waren er plannen de A vanaf Nieuw Statenzijl tot aan de Punt van Reide met tien kilometer te verlengen langs de kwelderkust van de Dollard (het 'Dollardkanaal'). In Groningen wilde iedereen een buitendijks kanaal: Provinciale Waterstaat, de politiek van links tot rechts, inclusief de PvdA, het waterschap en de boeren. Men wilde een kanaal omdat de scheepvaart economisch gunstig zou zijn voor Oost-Groningen. Rijkswaterstaat wilde aanvankelijk geen verlenging van de Westerwoldsche A, maar lozing middels een gemaal bij Nieuw Statenzijl. Wij waren ook voor die variant omdat de natuur dan minder werd aangetast.'

Maar de sluis werd alvast aangelegd op het al bestaande schiereiland de Punt van Reide. Om vanaf Nieuw Statenzijl aan de Duitse grens (tien kilometer oostwaards) het Dollardkanaal naar de Punt te kunnen graven, zou eerst een strook van 1000 hectare kwelders langs de Dollard moeten worden ingepolderd.

Er kwam echter niets van die plannen terecht door acties van de Werkgroep Dollard, een initiatief van de Waddenvereniging, waarin alle Milieu en Natuurbeschermingsgroepen zich hadden gebundeld. De Werkgroep ageerde wegens de natuurwetenschappelijke waarde van het gebied en de bedreiging van de kluut die de Dollard als fourageergebied gebruikt. Ze oefende druk uit op het Kabinet Den Uyl, dat in 1973 in haar regeringsverklaring net had aangekondigd dat onvervangbare natuurgebieden zouden worden beschermd en reeds in uitvoering zijnde werken heroverwogen zouden worden.

Jan Abrahamse: 'Wij hadden onderzoek laten verrichten door ingenieursbureau Dwars, Heederik en Verweij naar een derde mogelijkheid: een binnendijks kanaal langs de kust. Volgens Waterstaat was dat technisch gezien niet mogelijk, maar het bleek wel degelijk mogelijk te zijn. Dat was een dolksteek in de rug van de Provincie, met name van Toxopeus, die toen Commissaris van de Koningin was. Hij heeft dat ingenieursbureau jarenlang geen opdracht gegund.'

De regering sloot zich aan bij het standpunt van de milieugroepen: een binnendijks kanaal. De Provincie en de boeren protesteerden, de laatsten vanwege landverlies. Door de ontstane patstelling sloten provinciaal bestuur en minister Tuijnman (Rijkswaterstaat) in 1981 een principeaccoord. Het nieuwe kanaal kwam in zijn geheel te vervallen; de waterafvoer zou plaatsvinden via een verdiepte en verbrede Westerwoldsche A en een gemaal bij Nieuw Statenzijl, de oplossing die de Werkgroep Dollard in het begin had voorgesteld. Het Nieuwsblad van het Noorden sprak van falend overheidsbeleid. Burgemeester mr. M. Zijlstra van Termunten (waar de Punt van Reide onder viel) zei in 1981 in NRC Handelsblad: 'De officiële lijn in Groningen is steeds geweest dat het kanaal er moest komen, maar het Rijk is omgegaan onder druk van de milieuorganisaties. Dat is geen teken van bestuurlijke onkunde van de Groningers.'

Jan Abrahamse: 'De VVD-gedeputeerde Cleveringa zei destijds over onze acties: “Ach meneer Abrahamse, dat is trekken aan een dood paard.” Maar in de milieuwereld is dit de eerste grote overwinning geworden; er werd iets teruggedraaid. Het open houden van de Oosterschelde was een tweede mijlpaal.'

Watersporters opperden in 1977 het inmiddels gebouwde sluizencomplex bij de Punt van Reide om te bouwen tot een jachthaven om de investeringen nog een beetje goed te maken, zo meldde het Nieuwsblad van het Noorden. Maar er werd niet op ingegaan. De sluis is gesloopt omdat hij een zwakke plek vormde in de dijk. Bij Nieuw Statenzijl, 300 meter vanaf de Duitse grens, is het sluizencomplex vernieuwd: er zijn nu twee sluizen die Dollard en Westerwoldsche A met elkaar verbinden; een schutsluis voor schepen en een uitwateringssluis met een schuif. De laatste gaat half schuil onder een betonnen gebouwtje met oranjerode keramische tegeltjes en zorgt voor de afwatering van Oost-Groningen. Bij het complex in het wijdse landschap staan enkele woningen, informatieborden en een betonnen tafel met de afstanden van steden over de hele wereld (Helsinki 1300 km.).

Volgens het Algemeen Dagblad (18 mei 1985) kostte de uitbreiding van dit complex 40 miljoen gulden. Sluiswachter H. Moret: 'Ik kwam hier dertien jaar geleden. Toen was die affaire eigenlijk al achter de rug. Eind jaren negentig hebben ze dit complex uitgebreid omdat het kanaal naar de Punt niet aangelegd mocht worden. Ze hadden dat wel moeten doen, dan had je een constantere lozing gehad. Die geul hier geeft veel weerstand, hij is te ondiep. Bij hoog water gaat het wel, maar bij laag water niet. Het land komt niet onder water te staan, maar het is wel vaak moeilijk om het streefpeil te halen.'

Zijn gepensioneerde voorganger, de heer T. Dijkema, woont samen met zijn vrouw in een klein arbeidershuisje, iets verderop. Schoorvoetend is hij bereid te praten. Hij zegt: 'Ik was hier sluiswachter en zou overgaan naar die nieuwe sluis. Het is de schuld van die vogeltjesmensen. Alles bij elkaar is het nu honderd miljoen gulden duurder geworden. Alleen de schuiven van die sluis zijn mee hier naartoe gegaan.'

Volgens Dijkema houdt het verhaal niet op bij de afgebroken sluis bij de Punt van Reide en zullen de kosten in de toekomst nog meer oplopen: 'De geul is nu al niet diep genoeg. De Duitsers zijn bezig de loop van de Eems te veranderen. Dan slibt het hier helemaal dicht. Let maar op: Voordat we vijftig jaar verder zijn, moeten ze toch weer terug naar de Punt van Reide.'