'Breuk met paars is kiezersbedrog'

Na ruim zes weken hebben PvdA, VVD en D66 de onderhandelingen over een 'paarse' coalitie verbroken. Na het 'paarse' gevoel heerst nu de 'paarse' kater. Vandaag als laatste in een korte serie gesprekken Arjan Toor, voorzitter van de liberale jongerenorganisatie JOVD.

NIJENSLEEK, 30 JUNI. “Paars is absolute noodzaak. We zijn dus ontzettend teleurgesteld over het afbreken van de onderhandelingen. Het is sneu voor de democratie”, zegt Arjan Toor (22). Hij is student 'hoger overheidsmanagement' in Leeuwarden en afgelopen zaterdag werd hij gekozen tot voorzitter van Jongeren Organisatie voor Vrijheid en Democratie (JOVD).

Paars is “een gedane zaak”, zegt Toor treurig. “Want Van Mierlo heeft een opening gegeven naar een centrumlinks kabinet. In the end hebben alle partijen kennelijk het gevoel: het is wel weer mooi geweest zo.”

Toor is extra teleurgesteld want de JOVD is een van de oudste initiatiefnemers van 'paars'. “In de jaren zeventig is de JOVD al gestart met het informele Des Indesberaad tussen VVD-, D66- en PvdA-politici.”

Het had nu zo mooi kunnen worden. “Nederland is hard toe aan paars. Het had een einde kunnen maken aan twaalf jaar centrale regie vanuit het Torentje van Lubbers. Een kabinet zonder het CDA had een nieuwe openheid kunnen bieden in de politiek, met interessante debatten tussen de duidelijke ideologieën van de partijen. Want de 'achterkamertjespolitiek': dat geslotene, dat wollige van de afgelopen kabinetten, ligt niet alleen aan Lubbers. Het is de CDA-wijze van besturen, de cultuur van bestuurders pur sang.”

De JOVD is nauw verbonden aan de VVD, eerder waren bijvoorbeeld latere VVD-leiders als H. Wiegel en E. Nijpels voorzitter. Maar die tijden lijken voorbij. Toor: “Ik schat dat inmiddels 30 à 40 procent van onze leden D66 stemt.” Toor, zelf geen lid van VVD of D66, spaart de VVD niet. “Bolkestein heeft het bewust laten klappen. Hij heeft het niet aangedurfd om deze coalitie aan het conservatieve deel van de achterban uit te leggen, terwijl zijn positie er sterk genoeg voor is.”

Inhoudelijke redenen om met D66 en PvdA te breken zijn er niet geweest, meent Toor. “Zelfs op sociaal-economisch gebied was men elkaar al dicht genaderd. Het CPB voorspelde zelfs meer banen dan bij het VVD-programma! Daar was dus wel een mouw aan te passen. Maar Bolkestein legde plotseling een aanvullend pakket op tafel.”

Toor hekelt de liefde voor de oppositie die in de VVD op lijkt te bloeien. “Je hoorde het ook steeds vaker in de Kamerfractie. Als de VVD nu nog vier jaar oppositie zou voeren, wordt zij de grootste partij van het land - door de toeloop van ontevreden CDA- en D66-kiezers. Maar dat vind ik erg stom, puur opportunisme. Waar liggen dan je prioriteiten? Wie naar een vrijere samenleving streeft moet streven naar paars, niet naar de oppositie. Het is ook kiezersbedrog. Om geloofwaardig te zijn, moet je willen regeren. En de kiezers hebben op 3 mei vooral gekozen tegen het CDA-stempel op de regering. De mogelijkheden voor paars zijn nog nooit zo groot geweest.”

Paars is niet alleen noodzaak om de Nederlandse bestuurscultuur te verbeteren. Toor: “Er zijn een groot aantal maatschappelijke problemen die telkens niet kunnen worden opgelost door de machtspositie van het CDA. Het omroepbestel is hopeloos ouderwets. De euthanasieregeling is halfslachtig. Het landbouwbeleid moet anders: alle inkomenssubsidies moeten verdwijnen, boeren moeten zich omscholen. En het middenveld moet gedemocratiseerd worden. Besturen moeten niet meer door coöptatie, maar door verkiezingen worden samengesteld. Het is toch een rare zaak dat het bijzonder onderwijs door de overheid wordt gelegitimeerd, terwijl ouders al lang niet meer een school kiezen op grond van de godsdienstige signatuur, maar op kwaliteit. Het schoolbestuur moet gekozen worden door de ouders. Met paars kan dit worden aangepakt, met het CDA niet.”