Bonn probeert crisis in Europa nu te bezweren

BONN, 30 JUNI. De Duitse minister van buitenlandse zaken, Klaus Kinkel, heeft gisteren getracht de Europese onenigheid over de opvolging van Delors als voorzitter van de Europese Commissie te temperen.

Een dag voor zijn vertrek naar Londen, waar hij vandaag met de Britse regering overleg voert, zei minister Kinkel, dat ieder land het recht heeft gebruik te maken van de mogelijkheid om een veto uit te spreken over een kandidaat voor het voorzitterschap van de Commissie.

Tijdens de Europese topconferentie eind vorige week op het Griekse eiland Korfoe bracht de Britse premier, John Major, zijn veto in stelling tegen de kandidatuur van de Belgische premier, Jean-Luc Dehaene. Kinkel zei dat de andere Europese landen de beslissing van Londen “moeten accepteren”. “Daarmee heb ik niet gezegd dat Dehaene zich nu moet terugtrekken. Maar ik heb gezegd dat we consensus moeten zien te bereiken”, aldus Kinkel. Morgen overlegt het Belgische kabinet over de vraag of Dehaene zich, gezien het Britse verzet, beter kan terugtrekken. De Belgische oud-premier Martens zegt vandaag in een interview met een Duitse krant dat bondskanselier Kohl premier Major al begin mei had geïnformeerd over zijn steun voor Dehaene, dus ruim voor de top met Mitterrand op 30 en 31 mei.

Tijdens het debat in de Duitse Bondsdag over het EU-voorzitterschap dat Bonn het komende half jaar bekleedt, zei de minister dat geen enkel land het recht kan worden toegekend om alleen te bepalen wie Delors gaat opvolgen. De minister zei dat de voorgenomen extra Europese topconferentie op 15 juli niet hoeft plaats te vinden als alle landen het tegen die tijd eens zijn over één kandidaat voor het voorzitterschap van de Europese Commissie. Bondskanselier Kohl beklemtoonde dat hij niet geloofde dat de Britse opstelling tot “een diepe crisis” in Europa heeft geleid.

Officieel worden nog steeds geen nieuwe namen genoemd, maar in Brussel verschuift de aandacht naar mogelijke kandidaten uit Zuideuropese landen. Daarbij wordt gedacht aan de Spaanse premier Felipe González, die tot dusver steeds gezegd heeft in Madrid te willen blijven, de Portugese premier Anibal Cavaco Silva en de vroegere Italiaanse premier Giuliano Amato. Gonza´lez en Cavaco Silva hebben lange jaren ervaring in Europa, terwijl de Italiaanse oud-premier respect geniet voor de wijze waarop hij zijn land door een politiek roerige periode heeft gevoerd.

De Italiaanse minister van buitenlandse zaken, Antonio Martino, voerde gisteren in Londen besprekingen met premier Major en de Britse minister van buitenlandse zaken, Douglas Hurd, over de opvolging van Delors. Na afloop van het beraad verklaarde minister Hurd: “Groot-Brittannië en Italië zijn het met elkaar eens in hun visie op de toekomst van Europa.” Zijn Italiaanse collega zei dat de opvolger van Delors iemand moet worden “die toegewijd is aan de Europese idealen maar tegelijkertijd iemand die zich niet heeft vastgelegd op een dirigistische, centralistische en bureaucratische visie op Europa.” Beide ministers beklemtoonden ook dat belangrijke beslissingen binnen de Europese Unie niet door één, twee of drie landen kunnen worden genomen. Italië steunde op Korfoe aanvankelijk de kandidatuur van premier Lubbers. (Reuter. AP, AFP)