Bonn en EC willen nieuw akkoord over 'ecotax'

ROTTERDAM, 30 JUNI. Duitsland en de Europese Commissie willen een nieuwe poging ondernemen om in de tweede helft van dit jaar onder het Duitse voorzitterschap overeenstemmming tussen de twaalf lidstaten te bereiken over een CO-heffing ('ecotax') op energie. Dit is vanochtend bevestigd door woordvoerders van de Europese Commissie.

De heffing is bedoeld om de Europese burgers en bedrijven zuiniger te laten omgaan met brandstoffen, waardoor de emissie van kooldioxyde (CO) dat vermoedelijk een van de belangrijkste veroorzakers is van het broeikaseffect, wordt teruggedrongen. Via andere belastingen zou de opbrengst moeten worden teruggegeven. Voor wijziging van Europese belastingrichtlijnen is unanimiteit binnen de raad van ministers vereist.

De Europese Commissie heeft het oorspronkelijke voorstel voor een nieuwe belasting na een initiatief dat de Belgische regering vorig jaar onder het Belgische voorzitterschap nam, veranderd in een verhoging van de bestaande accijnzen op alle brandstoffen met uitzondering van onuitputtelijke bronnen als zonne- wind- en waterkracht-energie. De heffing wordt volgens dit voorstel 'meegenomen' in de harmonisatie van accijnzen in de lidstaten.

De hoogte van de ecotax verandert niet: begonnen wordt met een heffing van 3 dollar per vat olie, en per olie-equivalent doorberekend op steenkool, aardgas en elektriciteit, ook stroom uit kernenergie. Dat bedrag loopt snel op tot in het jaar 2000 een niveau van 10 dollar per vat olie is bereikt. De accijnsverhoging leidt tot prijsverhogingen van alle brandstoffen, bijvoorbeeld voor loodvrije benzine in Nederland beginnend met 30 cent per liter tot 98 cent per liter in het jaar 2000. Op kolen zou de accijnsverhoging naar verhouding lager zijn: 25 cent per ton, oplopend tot 86 cent per ton.

Energie-intensieve industrieën moeten volgens de Europese Commissie vrijstelling van de heffing krijgen, om hun internationale concurrentiepositie niet te verslechteren. Brussel blijft er in internationaal overleg naar streven dat ook de Verenigde Staten en Japan een ecotax invoeren, zodat er tussen de OESO-landen geen concurrentievervalsing optreedt. Voorlopig zouden de zuidelijke EU-landen een uitzonderingspositie krijgen omdat zij kampen met een achterstand in hun economische ontwikkeling. Behalve Groot-Brittannië hebben de zuidelijke lidstaten zich de afgelopen ferm verzet tegen de ecotax. Duitsland wil nu met de uitzonderingspositie en een nieuw beroep op de Britse regering proberen overeenstemming te bereiken.

De Duitse minister van milieuzaken Töpfer heeft gisteren ook gepleit voor een speciale belasting op 'benzineslurpers': grote personenauto's, om het milieu te sparen. Die belasting zou op het aankoopbedrag moeten worden geheven.