Bod op Staal Bankiers is nieuwe nachtmerrie AVCB

ROTTERDAM, 30 JUNI. De coöperatieve verzekeraar AVCB beleeft opnieuw de nachtmerrie van een openbaar bod op de aandelen van een kleine financiële instelling dat schipbreuk lijdt omdat de verkopers meer geld willen.

Anderhalf jaar geleden wilde de verzekeringscoöperatie uit Naarden (6 miljard omzet, ruim 4.100 medewerkers) de kleinere sectorgenoot Vezeno overnemen, maar AVCB stuitte op zware oppositie van een groep aandeelhouders onder leiding van het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten. Na enig duwen en trekken koos AVCB eieren voor haar geld en werd het bod met 75 gulden verhoogd tot 675 gulden.

Nu spookt het weer. Het bod van AVCB op Staal Bankiers, een kleine (167 mensen) maar goed renderende bank in Den Haag, is mislukt. Onder leiding van de Arab Banking Corporation in Bahrein, die net iets meer dan vijf procent van de aandelen heeft, verzet een deel van de aandeelhouders zich tegen het bod van AVCB van 18,50 gulden per aandeel. Uit de aanmeldingen op het bod blijkt dat houders van negen procent van de aandelen niet op het bod zijn ingegaan.

AVCB wil Staal Bankiers inlijven om naast de verzekerings- en beleggingsactiviteiten een echte bancaire divisie op poten te zetten. Ondanks het verzet van beleggers beschikt AVCB wel over een comfortabele meerderheid van de aandelen van Staal. De verzekeraar sprokkelde jaren geleden al een belang van 5 procent bij elkaar. Vervolgens kocht AVCB begin dit jaar het meerderheidsbelang van het familiebedrijf Vendex International in de bank. En vier maanden later volgde het nu mislukte openbaar bod op de rest.

AVCB gooit de handdoek nog niet in de ring. De aanmeldingstermijn is met veertien dagen verlengd. Op de Amsterdamse effectenbeurs, waar de handelaren een goede neus hebben voor de kans van slagen van betwiste biedingen, zwabbert de koers van Staal net boven het bod.

Als AVCB blijft steken op een belang van 91 procent moet de beursnotering van Staal gehandhaafd blijven en moet de bank jaarverslagen en halfjaarberichten blijven publiceren. Dat kost geld. Belangrijker is dat AVCB geen fiscale eenheid met Staal Bankiers kan vormen zolang de verzekeraar niet alle aandelen heeft. Een van de verborgen schoonheden van Staal is namelijk een compensabel verlies, zodat er voorlopig geen vennootschapsbelansting betaald hoeft te worden. De tijd dringt echter om het compensabel verlies te benutten: eind 1993 bedroeg de compensatie nog 13 miljoen gulden, maar dat loopt in 1995 af.

Wat kan AVCB nu doen? Berusten in de gemiste kans, zoals de Franse multinational BSN deed toen het bod op de resterende aandelen van Vereenigde Glas mislukte. Dan loopt AVCB een fiscaal voordeeltje mis. Het bod verhogen, kan ook, maar dat ontkent AVCB de afgelopen dagen in alle toonaarden. Het meest waarschijnlijke is dat AVCB zijn meerderheid via een omweg verhoogt tot meer dan 95 procent. Eenmaal voorbij die grens kan de wettelijke regeling voor de uitkoop van minderheidsaandeelhouders in werking worden gezet. AVCB kan haar belang uitbreiden door een dochterbedrijf of andere bezittingen (zoals een deel vande hypothekenportefeuille) aan Staal te verkopen. Wanneer Staal deze aankoop betaalt met eigen aandelen, stijgt het belang van AVCB en worden de andere aandeelhouders “verwaterd”, zoals dat in het jargon heet. De uitkoopregeling kan daarna van start gaan. In het gevecht om Vezeno dreigde AVCB al met deze taktiek, zonder hem overigens toe te passen.

De kans dat AVCB en Staal deze ongebruikelijke oplossing nu wel durven te gebruiken, acht woordvoerder drs. P. de Vries van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) nihil. Hij vertegenwoordigde de belangenvereniging van beleggers zowel bij de strijd om Vezeno als bij dit bod op Staal. “Verwatering is een hele onprettige tactiek. Dat kunnen Staal en AVCB niet maken. Financiële instellingen zijn als geen ander afhankelijk van hun reputatie”, meent De Vries. Hij concludeert dat de beleggers die niet hebben aangemeld gewoon aandeelhouder van de bank willen blijven. “Zij taxeren de vooruitzichten van Staal optimistischer dan de directie van Staal zelf.”