Eerste bezichtiging van nieuw museum van Mendini in Groningen; 'Onhollandse schoonheid' in het water

GRONINGEN, 29 JUNI. Het nieuwe 'Museum van Mendini' in het Verbindingskanaal in Groningen is gisteren voor het eerst te bezichtigen geweest. Op een persconferentie van de gemeente Groningen en het Groninger Museum werd bekend gemaakt dat het museum op 29 oktober officieel wordt geopend door Koningin Beatrix. Half september is de nieuwbouw, naar een ontwerp van de Italiaanse architect Allessandro Mendini, gereed. Het huidige Groninger Museum aan de Praediniussingel is al jaren te klein. Met name de collectie moderne beeldende kunst kampt met een permanent ruimtegebrek.

Volgens museumdirecteur Frans Haks, de grote initiator achter de nieuwbouw, ademt het bouwwerk de geest van de jaren tachtig en negentig. “Onze ambitie was een schoonheid te laten zien die je nergens anders ziet. Als ik hoor dat het gebouw onhollands is zeg ik: dat is juist de bedoeling. Het ontwerp heeft een internationale uitstraling.”

Haks nieuwbouw liep een jaar vertraging op, nadat tegenstanders bij de Raad van State beroep aantekenden tegen de verstrekte bouwvergunning. Men was fel gekant tegen een groot, modern gebouw aan de rand van het oude stadscentrum. Opdrachten aan architecten moesten worden opgeschort. Ook binnen het museum zelf gaven de nieuwbouw en Haks' afwijkende visie op tentoonstellen aanleiding tot conflicten. Volgens Haks is iedere expositie een kijkspel, waarin de esthetische waarde van een kunstvoorwerp belangrijker is dan de wetenschappelijke en historische aspecten. Uit protest stapte één van de drie conservatoren op.

Het nieuwe ontwerp van Mendini, dat in totaal 47 miljoen gulden kost, bestaat uit drie geometrische gebouwen, die met elkaar zijn verbonden door gangen die ook als bruggen dienst doen. Een loop- en fietsbrug zorgen voor de verbinding van het museumeiland met de oevers. De buitenste twee, in zachte kleuren opgetrokken gebouwen herbergen de facilitaire ruimtes - het café, de kantoren, een auditorium en de museumwinkel. De vloerbedekking in de kantoren is ontworpen en grotendeels geschonken door onder meer Roy Lichtenstein, Sol Lewit, Gaultier en Milton Glaser. Het interieur in het hoofdgebouw is ook door Mendini ontworpen, van de steenrode wc-deuren tot de zwart-wit gespikkelde kunststof deurklinken. Opvallend is de hoge toren in het midden, bekleed met goudkleurig laminaat, waar het depot is ondergebracht. De opslagruimte vormt volgens Mendini de spil van een museum en is daarom centraal geplaatst.

De toegangshal bestaat uit twee delen: een voor iedereen toegankelijk deel, waar een rode neonverlichting van Francois Morellet de bezoeker lokt, en een ruimte waar de museumbezoeker naar afdaalt om zijn kaartje (á ƒ 9,-) te kopen. De trap naar de onderste hal wordt ommuurd door een mozaïek van kleine blauwe, oranje en geelgroene steentjes, dat contrastreert met de lichte pastelkleuren die vrijwel alle wanden en plafonds van het museum sieren.

Om de eigen identiteit van de diverse afdelingen te onderstrepen werden behalve hoofdarchitect Mendini, drie gastarchitecten aangetrokken voor de paviljoens: Philippe Starck, Michele de Lucchi en Coop Himmelb(l)au. Aan de westzijde van het hoofdgebouw ligt het volledig ronde, aluminium Kunstnijverheidspaviljoen, ontworpen door Starck. Hier slingeren de gordijnen zich door de ruimte, is een aquarium in de grond verzonken. Daglicht is in de expositieruimte taboe. Er zitten met opzet geen ramen in, want “met kunstlicht kun je de sfeer in de tentoonstellingsruimtes beter regisseren,” meent Haks.

In een bakstenen basement, ontworpen door de Italiaanse architect Michele de Lucchi bevindt zich de afdeling Archeologie en Geschiedenis. Voor het paviljoen moderne beeldende kunst ontwierp Mendini een kleurig motief, ontleend aan een schilderij van Signac. Op het paviljoen is een deconstructivistisch dak geplaatst van platen staal en glas, ontworpen door Coop Himmelb(l)au. Hier krijgt de oude beeldende kunst onderdak.

Haks maakte gisteren ook het nieuwe tentoonstellingsprogramma bekend. De dag na de opening zal een tentoonstelling te zien zijn over het werk van Mendini, met name over zijn architectuurprojecten van de laatste vier jaar. In april vindt in het museum de vierde tentoonstelling 'Peiling' plaats, waar een aantal jonge kunstenaars onder de 35 jaar exposeert. Haks kondigde voor juni de tentoonstelling 'Idolen in de kunst' aan, over populaire goden uit film, sport, muziek en godsdienst.

De bouw van het nieuwe museum werd mogelijk gemaakt door een gift van 25 miljoen gulden van de Gasunie, die dit jaar haar vijfentwintigjarig jubileum viert. Het museum gokt op 100.000 bezoekers per jaar. Nu komen er tussen de 40.000 en 70.000 mensen jaarlijks naar het Groninger Museum. De helft daarvan is afkomstig van buiten de provincie.