Ministers: met Duitsland band 'actief' aanhalen

DEN HAAG, 28 JUNI. Nederland wil op basis van “constructief en actief nabuurschap” de betrekkingen met Duitsland aanhalen.

Daartoe zullen periodieke bijeenkomsten belegd worden tussen vertegenwoordigers van de twee landen, zoals nu één keer per jaar gebeurt tussen Duitsland en het Verenigd Koninkrijk in Köningswinter.

Dat schrijven de ministers Kooijmans van Buitenlandse zaken en Ter Beek van Defensie in een antwoord aan de Adviesraad Vrede en Veiligheid, die in maart het rapport 'Duitsland als partner' uitbracht. De brief is geschreven voor de recente wrijvingen tussen Nederland en Duitsland over de kandidatuur van premier Lubbers voor het voorzitterschap van de Europese Commissie.

Duitsland en het Verenigd Koninkrijk praten sinds de afloop van de oorlog in Königswinter over de relaties tussen de twee landen in een poging te zien wat verbeterd kan worden in de politieke en diplomatieke verhoudingen en welke gezamenlijke initiatieven in verschillende internationale fora genomen kunnen worden. Aan het overleg wordt deelgenomen door ambtenaren, politici en wetenschappers.

Ter Beek en Kooijmans pleiten ervoor naast de politieke en diplomatieke banden ook de militaire relaties met Duitsland verder aan te halen. Naast het oprichten van een Duits-Nederlands Legerkorps zouden ook beide marines meer kunnen samenwerken. De twee ministers zeggen dat “gelet op de verschillen van status tussen beide landen - Nederland is geen grote mogendheid en slechts één van de negen buurlanden van Duitsland - een Duits-Nederlandse relatie die vergelijkbaar is met de Frans Duitse as overigens niet realitisch is”.

Volgende week maandag komt de Duitse minister van buitenlandse zaken Kinkel naar Nederland ter voorbereiding van een extra Europese Raad waar beslist moet worden over de opvolging van Delors. Bij het gesprek tussen Kinkel en minister Kooijmans zullen volgens een woordvoerder van buitenlandse zaken ook de bilaterale betrekkingen tussen de twee landen aan de orde komen en zal teruggekeken worden op de kandidatuur van premier Lubbers voor het voorzitterschap.

Ter Beek en Kooijmans schrijven dat de verhoudingen met Duitsland al sterk aangehaald zijn. In mei is een ambassadeursconferentie gehouden met als thema de stabiliteits- en veiligheidsvraagstukken in het zuidelijke Middellandse-Zeegebied en het Midden-Oosten. In dezelfde maand hebben de ministers Kinkel en Kooijmans in Wenen een initiatief genomen op een bijeenkomst van de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE) om de verantwoordelijkheden van de CVSE als regionaal instrument voor de VN te versterken en de coördinatie met de VN te verbeteren.