Major: Bonn en Parijs hebben crisis verooraakt

LONDEN, 28 JUNI. De Britse premier John Major stelt Duitsland en Frankrijk verantwoordelijk voor de crisis waarin de Europese Unie is beland, nadat het Verenigd Koninkrijk zaterdag de benoeming van de Belg Jean-Luc Dehaene tot voorzitter van de Europese Commissie blokkeerde.

In het Lagerhuis, de Britse Tweede Kamer, waar hij als een zegevierende veldheer werd verwelkomd, verklaarde Major gistermiddag dat de openlijke verdeeldheid op de Europese topconferentie in Korfoe had kunnen worden voorkomen als alle lidstaten behoorlijk waren geraadpleegd en als hun reacties serieus waren genomen.

Het Britse ministerie van buitenlandse zaken kwam gisteren met een overzicht waaruit blijkt dat Groot-Brittannië bij herhaling heeft gewaarschuwd voor een mogelijk veto. Al na het Frans-Duitse onderonsje vorige maand in Mulhouse, waarbij de benoeming van Dehaene door kanselier Kohl en president Mitterrand werd 'voorgekookt', ventileerden Britse diplomaten in Brussel, Bonn en Parijs bezwaren tegen de kandidatuur van de Belgische premier. Eind mei bevestigde de Britse minister van buitenlandse zaken Douglas Hurd die bedenkingen nog eens in een gesprek met Eduard Balladur, de Franse ministerpresident. Hij herhaalde het Britse standpunt bij een diner op 16 juni tegenover Theodorus Pangalos, de Griekse minister voor Europese zaken, aldus het overzicht.

“Misschien hebben Duitsland en Frankrijk ons niet serieus genoeg genomen”, opperde een woordvoerder van Buitenlandse Zaken. “Misschien hebben ze gedacht dat we wel door de bocht zouden gaan. Ze kunnen niet zeggen dat ze niet waren gewaarschuwd.”

Overigens hebben Major en Hurd steeds vermeden in het openbaar te spreken over de mogelijkheid van een Brits veto tegen Dehaene. Hurd liet eerder deze maand zelfs nog doorschemeren dat Londen juist geen veto tegen de Belg zou uitspreken.

“Een goede Europeaan zijn, betekent nog niet akkoord gaan met alles wat onze partners voorstellen”, zei een triomfantelijke John Major gisteren in het Lagerhuis, terwijl de facties in zijn Conservatieve partij - pro- en contra-Europa - even in euforie leken verenigd.

Euro-scepticus Kenneth Baker, voormalige partijvoorzitter van de Conservatieven, kwam woorden tekort om zijn tot voor kort nog zo verguisde voorman te prijzen. “De beslissing die u nam was niet alleen juist, maar ook moedig en populair, niet alleen in de Conservatieve Partij, maar in het hele land, en bij veel kiezers door heel Europa.” Zelfs pro-Europa Tory Ian Taylor noemde het Britse veto “gerechtvaardigd”.

Alleen oud-premier Edward Heath verstoorde de Conservatieve eensgezindheid. Met een grafstem bracht hij zijn feestvierende partijgenoten een ogenblik tot stilte. Hij zei dat het veto “een reden was voor leedwezen, niet voor vreugde”.