Advocaat genoopt gammele defensie te herzien

ORLANDO, 28 JUNI. De verdedigingslinie van Nederland is tot nog toe de achilleshiel van het elftal. Een zelfmoordcommando dat gedoemd is strijdend ten onder te gaan. Oranje heeft in de eerste twee wedstrijden op het WK voornamelijk gespeeld met een mini-defensie van drie spelers. Zelfs een matig team als Saoedi-Arabië kreeg daardoor volop kansen, en de Belgen in totaal dertien. Nederland daarentegen kwam tegen de Belgen met vier spitsen niet tot scoren en schiep niet meer dan vier doelrijpe mogelijkheden. Ruud Gullit heeft dus geen ongelijk gehad met zijn kritiek na het oefenduel tegen Schotland. De Milan-speler, die het Nederlands elftal de rug toekeerde, constateerde al in de voorbereiding dat Oranje met dit systeem onverantwoorde risico's tegemoet ging. Risico's die in de aanloop nog werden verhuld in de wedstrijden tegen zwakke tegenstanders.

Het ziet ernaar uit dat Dick Advocaat nu eieren voor zijn geld kiest. De bondscoach kondigde gisteren aan dat hij morgen tegen Marokko, een duel dat Oranje niet mag verliezen, in ieder geval een spits zal opofferen voor een middenvelder. Zoals in de tweede helft ook al gebeurde tegen België. Advocaat speelt zelfs met de gedachte om het systeem helemaal om te gooien en over te schakelen op een concept met vier verdedigers, vier middenvelders en twee spitsen. Vanavond heeft hij daarover een onderhoud met Jan Wouters, Ronald Koeman en Frank Rijkaard. De kansen voor Danny Blind en/of Aron Winter keren, Bryan Roy en Ronald de B oer lijken het voorlopig te hebben verbruid. Marc Overmars zal waarschijnlijk op links zijn opwachting maken.

Het verdedigende concept met drie verdedigers, twee mandekkers en een zogenoemde vrije verdediger trekt een zware wissel op de betrokken spelers. Met name de 'schildwachten' die een directe tegenstander moeten uitschakelen, komen regelmatig onder zwaar vuur te liggen. Zij moeten zich weten te redden in een direct één-tegen-één-gevecht met de aanvaller van de opponent. “En dat is een zware klus”, weet assisstent-bondscoach Rinus Israel, die in zijn actieve periode als verdediger van DWS en Feyenoord heel wat ervaring opdeed. “Want zet een aanvaller op de middenlijn tegenover een verdediger en hij is acht van de tien keer in het voordeel. Een verdediger staat ten eerste al met de rug naar het doel. Hij wordt gedwongen een halve draai te maken. Daarnaast komt er iemand met grote snelheid op hem af. Ik was vroeger een ouderwetse libero. Ik loste veel problemen op met een goede timing. Dat gebeurde vaak met een sliding. Maar dan moet je voor 95 procent zeker weten dat je ook de bal raakt.”

Een geschikte speler voor de piepkleine Nederlandse verdedigingslinie moet in de ogen van Israel kort dekken, snel zijn, goed kunnen koppen en over een messcherpe sliding beschikken. Verscheidene verdedigers bleken al niet aan die hoge eisen te voldoen. Aanvankelijk was dat Stan Valckx. Hij schoot in de voorbereiding te kort. De speler van Sporting Lissabon: “Het wordt voor een verdediger ook steeds moeilijker. Door de nieuwe buitenspelregel, die bepaalt dat een aanvaller en verdediger op gelijke hoogte mogen staan, loop je meer risico's dat je tegenstander een vrije doorgang heeft. Aan duurtraining heb je helemaal niets. Je moet specifiek oefenen op korte sprints. En dat doe ik in Portugal te weinig.”

Vandaar dat Valckx tegen de wat trage Belg Weber wel werd opgesteld, maar tegen Saoedi-Arabië op de reservebank zat. Toen mocht Van Gobbel de ondankbare taak van stopper op zich nemen. Israel komt analyserend tot een waslijst van fouten die Van Gobbel in die wedstrijd maakte. Hij liet zich een paar keer uitspelen in het strafschopgebied door de 35-jarige spits Mohammad, draaide verscheidene malen aan de verkeerde kant van zijn tegenstander weg en won zelden een kopduel. Israel zegt waar het op staat. Maar Advocaat verkondigde na het duel met de Saoedi's dat Van Gobbel het naar behoren had gedaan. De Feyenoorder was dan ook diep teleurgesteld, toen hij hoorde dat hij tegen België niet in het basisteam zou staan. Advocaat gaf als reden op dat hij Valckx wegens zijn routine geschikter achtte om tegen de spitsen Weber en Degryse te spelen. Van Gobbel is van mening dat de Haagse bondscoach er niet om heen moet draaien. “Hij moet gewoon zeggen dat hij Valckx een betere speler vindt. Ik ben 23 en dit is inderdaad mijn eerste WK. Ik moet wel de gelegenheid krijgen om routine op te doen, want anders word ik nooit een internationaal ervaren speler. Ik heb tegen Saoedi-Arabië genoeg werk verricht. We verloren in die wedstrijd de slag op het middenveld en daar ben ik ook de dupe van geworden. Toen in de tweede helft het team beter draaide, maakte ook ik minder fouten. Verdedigen in Oranje is voor mij heel anders dan bij Feyenoord. Daar heb ik alleen wat met de linksbuiten te maken. In die rol kan ik meer mezelf zijn en vaker mee voetballen in aanvallend opzicht. Want ik heb nu slechts één taak: een tegenstander uitschakelen.”

Van Gobbel wijst erop dat hij veel met zijn snelheid kan corrigeren. “Ik probeer een tegenstander altijd voor me te houden en naar de zijkanten te dwingen. Niet snel 'happen' als hij een schijnbeweging maakt. Ik mag er eigenlijk niet op vertrouwen, maar als een tegenstander mij passeert kan ik hem altijd nog door mijn snelheid achterhalen.”

Frank de Boer, de linkerverdediger van Oranje, kreeg ooit de bijnaam Poortmans. Maar sinds hij zich niet meer door de benen laat spelen, heet hij anders: Chubby Checker. “Zo noemde Ruud Gullit mij op een gegeven moment. Dat komt door de schijnbeweging die ik met mijn lichaam maak in één-tegen-éénsituaties. Een vorm van checken inderdaad. Een aanvaller is dan geneigd iets te doen. En soms gaat het zo goed dat een scheidsrechter denkt dat ik een overtreding maak en fluit. Ik werp niet gauw fysieke middelen in de strijd. Ik probeer een duel zoveel mogelijk op techniek te winnen.” Frank de Boer zou de Nederlandse Maldini worden, maar op het WK maakt hij een sterke terugval door. Hij lijkt als geen ander last te hebben van de warmte. “Ik had na 35 minuten al kippevel”, verklaart hij zijn slechte optreden tegen de Belgen. “Vanaf dat moment voelde ik me heel slap. Het is niet alleen de warmte. Die vroege wedstrijden breken mij ook op. Om genoeg koolhydraten binnen te krijgen, zitten we om half negen al aan de spaghetti. Dan krijg ik nog geen hap door mijn keel.”

En zo kampt de Nederlandse defensie met de meest uiteenlopende problemen. Het kan niet anders, dat Advocaat achterin nu de druk van de ketel haalt. De invalbeurt van Witschge heeft veel duidelijk gemaakt. Israel: “Daardoor krijgt Frank de Boer ondersteuning. Bij hem begonnen zaterdag de problemen. De afspraak is: degene die in de dekking staat, moet zijn tegenstander blijven volgen. Als het spel stil ligt, moet hij zich in zijn eigen zone opstellen. Frank bleef aan de linkerkant hangen. Daardoor zorgde hij voor verwarring.”

De meest ideale verdediging vindt Israel een defensie met een ausputzer die de laatste linie afgrendelt. Van het idee dat je met drie man achterin kunt opereren (ter vergelijking: de Duitsers spelen met vijf spelers in de laatste lijn) is hij nog niet helemaal afgestapt. “Want zo hebben we ons ook gekwalificeerd. En thuis tegen Engeland en ook uit tegen Canada gaven we bijna geen kans weg.”

Maar heeft Nederland wel de juiste spelers om met zo'n wankele basis te opereren? Israel: “Een type als Jürgen Kohler is ideaal.” En Ulrich van Gobbel na een hele lange stilte: “Voor dit systeem moet je spelers hebben met meer power. Meer vechters.”