Een lang weekeinde Grieks worstelen

Premier Lubbers had tijdens de Europese top geen moment uitzicht op het voorzitterschap van de Europese Commissie. Intrekking van zijn kandidatuur was dan ook onvermijdelijk. Een reconstructie van een lang weekeinde op Korfoe.

KORFOE, 27 JUNI. De gezichten van de Nederlandse diplomaten verraden ongerustheid als vice-premier Wim Kok omstreeks half twee in de nacht van vrijdag op zaterdag de lift uitkomt op de zesde verdieping van het Hilton hotel in Korfoe. De vice-premier heeft namens Nederland aangezeten aan het diner ter gelegenheid van de Europese top van regeringsleiders en het Franse staatshoofd en nu komt hij verslag uitbrengen aan premier Lubbers, de Nederlandse kandidaat voor het voorzitterschap van de Europese Commissie.

Lubbers heeft zich in de loop van de avond - na te hebben gegeten met de Oostenrijkse president Klestil - teruggetrokken in zijn kamer, onbereikbaar voor de honderden journalisten die beneden in de lobby gespannen de uitkomst van de strijd om de erfenis van Jacques Delors afwachten. De premier heeft niet veel tijd nodig om de essentie van de boodschap van Kok te doorgronden. “De vice-premier heeft buitengewoon krachtig en met grote deskundigheid voor mij en Nederland gepleit”, zal hij later zeggen. “Maar toen was voor mij persoonlijk de conclusie al duidelijk: het is genoeg!”

Kok vertelt hoe de Griekse premier Papandreou tijdens de bijeenkomst in het Achilleion paleis eerst het woord had gegeven aan de Britse premier Major, die Sir Leon Brittan nog eens had aangeprezen. Daarna was het de beurt aan Kok om de Nederlandse kandidaat te verdedigen. Als laatste mocht de Belgische minister van buitenlandse zaken, Willy Claes, de kwaliteiten van Jean-Luc Dehaene nog eens onderstrepen.

Vervolgens had Papandreou - zonder dat het tot een echte inhoudelijke en openhartige discussie was gekomen over de kwaliteiten de drie kandidaten - al vrij snel geprobeerd een doorbraak te forceren. Tot wrevel van Kok had hij elke aanwezige gevraagd de drie namen in volgorde van voorkeur op een papiertje te schrijven. De uitkomst: acht voor Dehaene, drie voor Lubbers (behalve Nederland zelf ook Italië en Spanje) en één voor Brittan.

Dat was duidelijk, maar wat moeten we er mee, was toen de vraag? De benoeming voor zo'n belangrijke post mag immers geen kwestie zijn van het doordrukken van een besluit met meerderheid van stemmen, wierp Kok op. “De peiling zegt iets over de krachtsverhoudingen, maar we zoeken naar consensus.”

Even na middernacht had de hoogbejaarde Papandreou het welletjes gevonden. Hij verliet het paleis met de mededeling dat er zaterdagochtend om tien uur verder gepraat zou worden. Maar Papandreous minister van Europese zaken, Theodoros Pangalos, vond dat onbevredigend. In 'blessuretijd' liet hij doorspelen. De sfeer werd snel “rough”, aldus de Ierse premier Reynolds. “Vergiftigd”, zeggen de Britten. Pangalos voerde de druk op: wat als er toch een besluit moet vallen? Dan, zo lieten nieuwkomer Berlusconi en premier González weten, gaan Italië en Spanje ook akkoord met Dehaene. Maar Nederland en Groot-Brittannië lieten zich niet overbluffen. Major gaf te verstaan dat hij niet akkoord kon gaan met Dehaene en dat hij “geen vrijheid van handelen” had om de kandidatuur van Sir Leon in te trekken. Kok maakte duidelijk dat ook de Nederlandse regering strak vast hield aan haar kandidaat Lubbers.

De premier hoort Kok aan, evenals de ook aanwezige minister Kooijmans en staatssecretaris Dankert en Lubbers naaste raadgever Merkelbach. Lubbers suggereert dat het misschien verstandig is dat hij zich terug trekt, nu zo overduidelijk is gebleken dat alleen Berlusconi en González hem steunen. De premier is dankbaar voor hun steun, maar hij is teleurgesteld dat alle kleinere lidstaten zich in dit uur van de waarheid achter Dehaene hebben geschaard, en zich daarmee - in Nederlandse ogen - hebben neergelegd bij het dictaat van Kohl.

De Nederlandse opzet om met het argument van de angst voor de 'Frans-Duitse as' de kandidatuur van 'Kleine Kohl' voor besmet te verklaren, is mislukt. Het beste waarop Nederland had gehoopt, was uitstel van de beslissing. Maar nu de zaken er zo voorstaan, moet worden afgewogen of eigenwijs vasthouden aan de kandidatuur van de persoon Lubbers de belangen van Nederland niet te veel schade zal toebrengen. “We moeten ook aan de dag van morgen en van overmorgen denken”, aldus de premier.

Lubbers moet daarnaast de persoonlijke psychologische klap incasseren dat collega's waarmee hij jarenlang lief en leed heeft gedeeld tijdens de Europese raden, hem hebben laten vallen als een baksteen. Zonder dat hij echte argumenten heeft gehoord tegen zijn persoon, tegen zijn kwaliteiten of tegen zijn nationaliteit. Twaalf lange jaren van aanwezigheid op het hoogste niveau in Europa zijn hem als zand door de vingers geglipt. “Ik trek de consequentie uit de peiling van gisteravond en ben niet langer kandidaat. Voor mij persoonlijk is dat geen enkel probleem. Ik ga nu van een welverdiende rust genieten”, zal hij in de verklaring schrijven, waarmee hij de volgende dag zijn terugtreden wereldkundig maakt.

Maar in dat nachtelijke beraad wil Kok nog van van geen wijken weten, en zeker niet van een publieke aankondiging daarvan. De vice-premier maakt op Lubbers “nog een zeer daadkrachtige indruk”, ondanks de teleurstelling over de gang van zaken in het Achilleion paleis. Kok wil doorzetten, zo laat hij de wachtende journalisten weten. Niet alleen voor Lubbers, maar ook in het belang van Nederland. Nederland heeft in Lubbers een uitstekende kandidaat, Nederland heeft als een van de 'founding fathers' van Europa nog nooit het voorzitterschap van de Commissie in handen gehad, én de benoeming van Lubbers zal de indruk wegnemen dat 'Korfoe' er toch niet meer toe doet omdat “de grote landen samen alles al informeel hebben geregeld”.

Die rechtstreekse aanval was een paar uur eerder in het Achilleion paleis niet onbeantwoord gebleven. De Franse president Mitterrand koos zijn woorden met diplomatieke zorg en reageerde alleen indirect. Maar “Kohl liet zich niet onbetuigd en ik van mijn kant ook niet”, beschrijft Kok de frontale botsing tussen Nederland en Duitsland.

Kohl ontkende dat hij een overvaltaktiek heeft toegepast door Dehaene op het laatste moment naar voren te schuiven. “Ik ben niet de adviseur van de Belgische premier. Dehaene heeft zelf besloten om zich kandidaat te stellen en hij heeft daarvoor zelf het tijdstip gekozen. Dat is toch zijn verantwoordelijkheid?”, zal hij zaterdagmiddag op een persconferentie alle aantijgingen wegwimpelen.

Dat Mitterrand en hij tijdens hun bijeenkomst in Mulhouse vorige maand de voorkeur hebben uitgesproken voor de kandidaat Dehaene, is toch hun goed recht? Er is nooit iets gezegd ten nadele van de andere kandidaten. Het voorzitterschap van de Europese Commisie is het hoogste ambt dat Europa heeft te vergeven. Wie de eer naar zich toetrekt om mee te dingen naar die functie, moet er ook rekening meehouden dat hij niet wordt uitverkoren, sneert de bondskanselier. “Er is kennelijk een sfeer ontstaan, waarin wordt verwacht dat men zijn verontschuldigingen zal aanbieden indien men er een mening op na houdt die andere mensen niet bevalt. Daar peins ik niet over”, prikkelt Kohl de Nederlandse gevoeligheden.

Lubbers waardeert en bewondert de inzet van Kok, en hij begrijpt dat het tijdens dit nachtelijk uur niet juist zou zijn “om nu al de conclusies te trekken”. “Daarom hebben we tegen elkaar gezegd: oké, laten we er een nachtje over slapen voordat we verdere stappen ondernemen.” Kok verdwijnt naar beneden, om de Nederlandse journalisten uit te leggen dat “we de moed niet opgeven”. De kans dat er de volgende ochtend alsnog een besluit zal worden genomen, wordt nihil geacht. Het is meer een uitstel 'pro forma'. “Zolang er geen echte consensus is, kan er niet worden besloten”, houdt Kok dan nog vast aan het Nederlandse uitstel-scenario.

Maar na een kort nachtrust is het toch voorbij voor Lubbers. Zaterdagochtend zijn er eerst nog bilaterale contacten met Berlusconi, González en met Major. Dan worden de honderden journalisten op de hoogte gebracht van het dramatische einde van de top: de kandidaat Lubbers blijft bij zijn conclusie van de afgelopen nacht en trekt zich terug. De kandidaat Brittan, kansloos, trekt zich terug. En als klap op de vuurpijl: de Britse premier Major - die het wegvallen Sir Leon 'betreurt' - heeft zijn bezwaren tegen de enige overgebleven kandidaat - Jean-Luc Dehaene - vertaald in een absoluut onaanvaardbaar. De Nederlandse hoop op 'uitstel' is werkelijkheid geworden, maar Lubbers heeft al afscheid genomen van Europa.

Op een rumoerige persconferentie doet de Nederlandse premier geen moeite om zijn teleurstelling te verbergen, maar hij toont zich ook een nuchter verliezer. “Ik was bereid om deze functie uit te oefenen. Nu ben ik een vrij man.” Hij corrigeert dat niet de Nederlandse regering zijn kandidatuur heeft teruggetrokken. “De kandidaat Lubbers heeft aan vice-premier Kok en minister Kooijmans van buitenlandse zaken toestemming gevraagd om zich terug te trekken”, zegt hij. “Het beste wat er voor mij in zat, was een paststelling. Daar heb ik mijn conclusies uitgetrokken.”

Lubbers wil geen dirct antwoord geven op de vraag of hij een kandidaat weet die wel voor alle lidstaten aanvaardbaar zou zijn. Zijn reactie is wel vlijmscherp: “Helmut Kohl, de bondskanselier heeft een groot probleem. Hij moet iemand vinden.”

Later, als Lubbers onder de brandende zon wegwandelt van het perscentrum onder begeleiding van talrijke journalisten, zegt hij over zijn besluit, zich terug te trekken: “Ik heb in Europa de reputatie opgebouwd van probleemoplosser. Ik wilde niet nu zelf een probleem gaan worden”.