Doohan haat ondanks zege in TT het circuit van Assen

ASSEN, 27 JUNI. Zijn eerste overwinning in Assen veranderde de mening van Michael Doohan over het Drentse circuit niet. De Australische motorcoureur veracht alle 24 bochten tussen start en finish. “Daar verandert dit succes niks aan”, zei hij.

Doohan komt al jaren met frisse tegenzin naar Nederland. In 1992 dreigde zijn carrière in Assen te eindigen. Na een zware val leek zijn rechterbeen niet te redden. De gevreesde amputatie kon worden verhinderd, maar nog altijd loopt de Australiër allesbehalve als een kievit. “Ik haat dit circuit”, zei hij een dag voor de race. “Het is een weg, geen racebaan. Ze zouden hier cafés neer moeten zetten.”

Doohan heeft in de stand om het wereldkampioenschap van de 500cc weinig meer te duchten. Zijn voorsprong op Kevin Schwantz, die met een gebroken pols als vijfde eindigde, bedraagt 42 punten. “Er zijn nog zeven races te gaan. Ik denk nu alleen nog maar aan Italië”, aldus Doohan.

Verrassender dan de zege van Doohan waren de derde plaatsen van Loek Bodelier (125cc) en Wilco Zeelenberg (250cc). Ze lieten voor het uitbundige publiek duidelijk blijken thuisrijders te zijn. Zeelenberg reed met oranje helm en startnummer, Bodelier viel tijdens de ereronde omdat de Nederlandse vlag in zijn achterwiel verstrikt raakte.

Zeelenberg is geen vreemde op het erepodium in Assen. Hij evenaarde zijn successen van 1990 en '91. Vervolgens kende de Bleiswijker, eenmalig Grand-Prix-winnaar (Duitsland, 1990), drie jaren misère. “Hopelijk is dit de ommekeer.” Slechts door een privé-actie van supporters heeft hij dit seizoen net genoeg geld om te rijden. Voor Bodelier was de plaats op het erepodium een unicum. “Dit is het begin van iets heel moois”, blufte de wegracer uit Maliskamp, kerkdorp bij Rosmalen.

Zeelenberg en Bodelier hadden baat bij tegenslagen van een aantal prominenten. In de motorsport zijn mee- en tegenvallers ingecalculeerd, pas aan de finish wordt afgerekend. In de 250cc vielen Romboni en Capirossi in de derde ronde van hun motor, Ruggia reed door een defecte motor niet eens een volledige ronde over het Drentse circuit. “Ik moet ze bedanken. Het zijn alle drie rijders die normaal gesproken voor me eindigen”, zei Zeelenberg realistisch. Drie negende plaatsen - in Australië, Maleisië en Spanje - waren zijn beste prestaties van dit seizoen.

Bodelier streed een spannende strijd. “De 125cc is de mooiste klasse”, zei de Nederlander. Halverwege de race lag hij zelfs even aan de leiding, maar pas in de laatste bocht kwam door een gelukje een plaats bij de top-drie voor hem weer in zicht. De Duitser Oettl viel en aanstaand wereldkampioen Sakata raakte van schrik uit het rechte spoor. Hans Spaan, eigenlijk de beste Nederlandse rijder in de 125 cc, kwam in Assen niet verder dan de twintigste plaats. Ook al een topprestatie, gelet op zijn vele beurse plekken na een val twee weken geleden op Hockenheim.