Derivaten: wellicht oorzaak verliezen van meer bedrijven

AMSTERDAM, 27 JUNI. Het is niet uitgesloten dat behalve woningbouwverenigingen ook andere bedrijven op dit moment stroppen lijden op de financiële markten. Deze conclusie trekt het accountantskantoor Moret Ernst & Young uit een onderzoek onder 180 middelgrote ondernemingen.

Vorige week gelastte staatssecretaris Heerma een onderzoek naar speculatie met opties door woningbouwverenigingen, waarbij miljoenenverliezen zouden zijn geleden.

Volgens het accountants-onderzoek zijn tussen de 200 en 300 middelgrote ondernemingen in Nederland zelfstandig actief op de markt voor financiële derivaten. Dat zijn contracten als opties, termijntransacties en swaps (ruilconctracten), waarvan de waarde is afgeleid van bijvoorbeeld valuta's, rentes of grondstoffen.

Bedrijven, banken en beleggers gaan dergelijke transactie aan om zich in te dekken tegen onvoorziene prijsveranderingen, maar nemen vaak ook speculatieve posities in.

Bij die transacties worden door middelgrote bedrijven regelmatig grote risico's gelopen, omdat zijn vaak onvoldoende kennis in huis hebben om de gevolgen van hun handelen te overzien. Omdat zowel de rente-ontwikkeling als de koers van de Amerikaanse dollar in de eerste helft van dit jaar tegengesteld zijn verlopen aan de verwachtingen op de financiële markten, is de kans groot dat er flinke verliezen zijn geleden.

De accountants troffen bij de onderzochte bedrijven aan dat er over het algemeen onvoldoende kennis van zaken is bij het topmanagement en dat risicobeheersingssystemen, die bij banken en veel grote concerns wel zijn ingevoerd, goeddeels ontbreken. Met name voor de informele handel in complexe derivaten, die niet aan een effectenbeurs genoteerd staan, zijn geavanceerde computersystemen nodig om de waarde-ontwikkeling van de contracten te volgen. Vaak is echter niet eens bekend hoe derivaten in de boekhouding moeten worden ondergebracht, laat staan dat er over kan worden gerapporteerd.