Deel Tories ziet Major als de held van Korfoe

LONDEN, 27 JUNI. De Britse premier John Major is door de anti-Europese rechtervleugel van zijn Conservatieve Partij binnengehaald als 'de held van Korfoe', maar veel anderen verwijten hem, met zijn veto tegen de benoeming van Jean-Luc Dehaene als voorzitter van de Europese Commissie, Europa ondergeschikt te hebben gemaakt aan zijn eigen belangen.

“Eindelijk toont hij krachtig leiderschap”, zei zijn prominente partijgenoot John Carlisle, die eerder de positie van Major ter discussie heeft gesteld. “Eindelijk zwaait hij met het handtasje van zijn voorgangster. Dat is precies wat de mensen willen zien.” Ook Norman Lamont, de ex-minister van financiën die vorig jaar door Major uit het kabinet is gezet en sindsdien als een van zijn felste tegenstanders geldt, prees “de ruggegraat van een premier die niet voor de Frans-Duitse wals is geweken”.

Maar de oppositiepartijen en de Conservatieven die welwillend tegenover Brussel staan, verwijten Major dat hij het belang van Europa ondergeschikt heeft gemaakt aan het veiligstellen van zijn politieke toekomst. Ze wantrouwen zijn argumenten voor de afwijzing van Dehaene - dat de Belg te federalistisch is en dat een Frans-Duitse combine zijn kandidatuur heeft doorgedrukt - en zeggen dat hij er alleen op uit was zijn afbrokkelende positie als leider van de Conservatieven te versterken.

Robert Hicks, lid van de Conservatieve pro-Europa groep, noemde het veto van Major 'betreurenswaardig'. En Tony Blair, de belangrijkste kandidaat voor het partijleiderschap van Labour, zei dat de premier het isolement waarin Groot-Brittannië binnen Europa verkeert opnieuw heeft versterkt. Sir David Steel, woordvoerder van de Liberaal Democraten, herinnerde aan de recente belofte van Major dat Groot-Brittannië zich zou nestelen “in het hart van Europa”. “We bevinden ons nog niet eens in de buurt van Europa's pink”, zei Steel.

De commentatoren van de Britse kranten, ook die de anti-Europese opstelling van Major verwerpen, zijn het er over eens dat de manier waarop Dehaene als kandidaat naar voren is geschoven, het veto van Major in de hand heeft gewerkt. Ze schrijven dat de arrogante wijze waarop Frankrijk en Duitsland hun favoriet bij de andere lidstaten meenden te kunnen doordrukken, wel tot irritaties moest leiden, niet alleen bij Groot-Brittannië, maar ook bij Nederland, Spanje en Italië. Ze vragen zich af of Major in Europa werkelijk zo geïsoleerd staat als zijn veto als eenling doet vermoeden.

De Britse premier liet gisteren nog eens nadrukkelijk weten dat hij er niet over peinst om terug te komen op zijn veto als Frankrijk en Duitsland bij de eerstvolgende Europese top half juli vasthouden aan de kandidatuur van Dehaene. “Mijn standpunt zal onder geen beding veranderen. Verzoeken om mijn oordeel te heroverwegen hebben geen enkele zin.”

Vertegenwoordigers van de rechtervleugel binnen zijn partij hebben de premier al aangemoedigd ook de benoeming van een eventuele nieuwe, te federalistische kandidaat te blokkeren. Ze herinneren aan Margaret Thatcher, die in 1984 de nominatie van Claude Cheysson met haar veto trof. Voor hem in de plaats kwam uiteindelijk de socialist Jacques Delors, volgens de Conservatieven geen verbetering maar juist een verslechtering. Verder zeggen ze dat Major zich volstrekt ongeloofwaardig zou maken als hij opnieuw zou bijdraaien, zoals hij in maart bij de aanvaarding van de nieuwe stemregels in de Europese Unie ook heeft gedaan.