De dollarcrisis (2)

EEN WERELDWIJDE stormloop op de dollar heeft de eerste verdedigingslinie die afgelopen vrijdag werd opgeworpen door de centrale banken van de industrielanden, doorbroken. De interventies ter ondersteuning van de aangeslagen Amerikaanse munt, ter waarde van zo'n drie miljard dollar, haalden niets uit. Het bedrag was te gering om de stemming van de financiële markten te beïnvloeden. Vanmorgen gierde de dollar verder omlaag. In Japan, ook nog geplaagd door de zoveelste politieke crisis, tot onder de historische grens van 100 yen voor een dollar. In Europa was het niet anders.

De oorzaken van de vrije val zijn technisch en psychologisch. De psychologie van de zaak is het groeiende, en moeilijk weg te nemen gevoel dat president Clinton op het terrein van de buitenlandse politiek geen greep op de gebeurtenissen heeft. Een crisis, zoals dreigt in Noord-Korea, zou de dollar omhoog hebben moeten jagen, maar het omgekeerde gebeurt. Clintons opmerking vorige week dat de kracht van de Amerikaanse economie in de financiële markten niet de erkenning krijgt die het verdient, is wel waar maar van weinig belang. Het gaat op markten om het sentiment.

De technische oorzaken zijn deels gelegen in het aanhoudende Amerikaanse handelstekort, dat mede wordt veroorzaakt door de groei in de VS terwijl Europa en Japan hun recessie nog niet van zich hebben afgeschud. Met hun handelstekort - dat wil zeggen: vraag naar goederen van andere landen - stimuleren de VS de internationale economie. Het andere element betreft de rente: de Amerikaanse Federal Reserve (Fed), onder druk van het Witte Huis dat alleen maar naar de binnenlandse banengroei kijkt, is terughoudend met renteverhogingen, terwijl Duitsland de rente niet verder wil verlagen. Een rente-conflict tussen Duitsland en Amerika leidt altijd tot een dollarcrisis.

DE OPLOSSING, althans op korte termijn, ligt voor de hand: de Fed moet de rente verhogen om het vertrouwen in de dollar te herstellen. De tijd daarvoor is kort, niet alleen omdat de financiële markten met elektronische snelheid koersen maken en breken, maar ook omdat over tien dagen de politieke leiders van de zeven machtigste industrielanden (met Jeltsin als gast) in Napels voor hun jaarlijkse economische top bijeenkomen. Een G-7 in het teken van een dollarcrisis levert beelden van ruzie en onmacht. Dat is de slechtste manier om financiële markten tot kalmte te brengen.