Troepenakkoord van Kroaten en moslims Bosnië

SARAJEVO/BIHAC, 25 JUNI. De moslims en de Kroaten in Bosnië hebben gisteren officieel hun oorlog beëindigd. De twee partijen ondertekenden een document waarin zij zich verplichten hun troepen langs de frontlinies terug te trekken.

Eerder deze week werd al een moslim-Kroatische regering geïnstalleerd die de nieuw gevormde federatieve staat in Bosnië moet regeren. Door de rust aan het (nu voormalige) Kroatische front en de officieel nog steeds heersende wapenstilstand, hebben de moslim-strijdkrachten op diverse plaatsen in Bosnië de aanval kunnen openen op eenheden van de Servische Bosniërs.

Door het oplaaien van de gevechten lijken nieuwe internationale pogingen om de moslims en de Serviërs aan hun wapenstilstand te houden bij voorbaat tot mislukken gedoemd. Het is twijfelachtig of een bijeenkomst van Servische en moslim-commandanten die voor vandaag op het programma stond, doorgang zal vinden - geen van beide partijen is bereid tot een compromis.

De besprekingen, die op het door de VN-troepen gecontroleerde vliegveld van Sarajevo had zullen plaatshebben, waren bedoeld om de vier weken oude wapenstilstand van Genève te evalueren en voorbereidingen te treffen voor een lange-termijnoplossing. “Ik ben bang dat de vooruitzichten niet goed zijn”, zei een woordvoerder van de VN, Michael Williams, gisteren.

Leden van de zogenoemde 'internationale contact groep' - het meeste recente orgaan dat moet pogen de oorlog te beëindigen - leggen momenteel de laatste hand aan het zoveelste vredesplan. Dit behelst een verdeling van grondgebied, die de Serviërs 49 procent van het Bosnische territorium zou geven (is nu 70 procent), en 51 procent zou bestemmen voor de federatie van Kroaten en moslims.

Maar dit plan lijkt bij voorbaat kansloos; beide kampen denken nog steeds mogelijkheden te hebben met de wapens grondgebied te veroveren en zolang dat het geval is, hebben onderhandelingen nauwelijks zin, zo is de mening van veel VN-waarnemers.

Het Bosnische regeringsleger beschuldigde gisteren de Bosnische Serviërs ervan anti-luchtdoel geschut en lichte mortieren te hebben gebruikt bij een aanval op drie kilometer afstand van Sarajevo. Het bericht kon niet door onafhankelijke bronnen worden bevestigd.

De Verenigde Naties hebben melding gemaakt van zware gevechten in het Midden van Bosnië. De door moslim-strijders beheerste stad Zavidovici kreeg in vier uur tijd 130 granaatinslagen te verwerken. De stad Gracanica, eveneens in moslim-handen, werd door 300 granaten getroffen.

Moslim-strijders zouden de afgelopen dagen in Midden-Bosnië zes dorpjes hebben veroverd op de Serviërs, van wie duizenden op de vlucht zouden zijn geslagen. Volgens de Serviërs leden beide partijen zware verliezen.

Rond de stad Bihac gingen de gevechten tussen moslims onderling ook gisteren door. Het aan president Alija Izetbegovic loyale regeringsleger sloot de opstandige troepen van Fekret Abdic verder in. VN-waarnemers zien in de dreigende nederlaag van Abdic, die de regio rond Bihac van Bosnië heeft afgescheiden, het gevaar dat de Serviërs zich met de strijd zullen gaan bemoeien. Abdic werkt samen met de Servische troepen in het nabije Kroatië.

Mochten de Serviërs hun bondgenoot te hulp schieten dan zullen de Kroaten op hun beurt de Serviërs aanvallen, zo menen de VN. “De Kroaten zoeken al lang een excuus om de Serviërs te lijf te gaan”, aldus een van de VN-mensen. Als dat gebeurt is het definitief gedaan met het staakt-het-vuren.

Intussen hebben de leiders van de Albanezen in Macedonië gezegd dat ze hun achterban toch niet zullen oproepen de volkstelling te boycotten. Dat is gisteren bekendgemaakt door waarnemers van de Europese Unie, die de telling financiert. De Albanezen namen tot nu toe niet deel aan de volkstelling, die dinsdag begon, uit vrees dat hun aantal zal worden onderschat.

De waarnemers deelden mee dat de Partij van Democratische Welvaart (PDP), die de Albanezen vertegenwoordigt, heeft ingestemd met deelname nadat de Macedonische regering toezeggingen had gedaan over het staatsburgerschap van de Albanezen.

De beslissing van de Albanese leiders is tevens ingegeven door hun wens de EU niet tegen zich in het harnas te jagen, wat vermoedelijk het resultaat zou zijn geweest bij een herhaling van hun boycot van een eerdere volkstelling in 1991. De EU heeft ruim vier miljoen gulden beschikbaar gesteld voor de organisatie van de census.

Sinds de onafhankelijkheid van de voormalige Joegoslavische republiek in 1992 is de verhouding tussen de Macedoniërs en de Albanezen gespannen. De laatsten stellen circa veertig procent van de bevolking uit te maken. (AP, AFP, Reuter)