Koeieorenhaar

De Koninklijke Tichelaar Makkum bestaat vierhonderd jaar. Naar eigen zeggen is dit het laatste bedrijf in Nederland waar nog wordt gewerkt volgens de majolica-techniek. Het ruwe aardewerk vormt een poreuze, sterk absorberende ondergrond, die met snelle, zekere streken beschilderd dient te worden.

Er zijn penselen van marter-, eekhoorn-, geite- en varkenshaar. Maar in Makkum gebruiken ze uitsluitend koeieorenhaar. Koeieorenhaar zorgt voor een onovertroffen vloeien van de glazuren. Het is flexibel en sterk, en bij dat laatste moet je bedenken dat het drie tot vier weken kost om een penseel in te schilderen - dan begrijp je hoe prettig het is als het daarna nog een tijdlang mee zal gaan.

De grootvader van de huidige Tichelaar stuurde zijn arbeiders langs het slachthuis om koeieoren te halen. Tegenwoordig worden de penselen besteld bij een handelsonderneming in Margraten, die ze op haar beurt ergens uit Duitsland laat komen. Een weinig courant artikel.

Ik heb inmiddels zo'n penseel in mijn bezit. De haren zijn ruim vier centimeter lang en het oor was rood, op oranje af. Ze voelen stug aan, maar dat kan aan het penseel liggen; het is gebruikt, versleten.

Is er iets mooiers dan een tuitje te maken van je vingers en er een pluim van echt dierehaar doorheen te halen?

Dat wordt straks bij een koe eens goed naar de oren kijken.