Geen interesse nieuwe beleggers voor Begemann

ROTTERDAM, 24 JUNI. De Koninklijke Begemann Groep is er niet in geslaagd de door het bestuur noodzakelijk geachte 150 miljoen gulden aan risicodragend vermogen van externe beleggers aan te trekken. De vakbonden zijn bezorgd over het lot van de 5.000 werknemers van de groep, waarin Holec (Amersfoort) en RDM (Rotterdam) de voornaamste Nederlandse bedrijven zijn.

Gisteravond meldde Begemann “voorlopig af te zien van het plan een achtergestelde converteerbare obligatielening van 150 miljoen gulden uit te geven”. Voor nader commentaar was het concern niet niet bereikbaar.

Grootaandeelhouder-president J.A.J. van den Nieuwenhuyzen vertelde vorige week in een vraaggesprek met deze krant dat de besprekingen nog aan de gang waren en dat hij verwachtte snel uitsluitsel te kunnen geven. Eerder zei hij dat, wanneer het niet mocht lukken de lening aan te trekken, bedrijfsonderdelen verkocht dienen te worden. Begemann verkocht al Bredero Price en Smit Transformatoren. In de etalage staan nu Holec International met 2.300 medewerkers, de Railgroep met 1.200 werknemers, de Belgische versnellingsbakfabriek VCST met 900 werknemers en de cd-fabrieken Docdata met een paar honderd werknemers. Onverkoopbaar zijn onder meer RDM en de Boelwerf.

In kringen rond Begemanns huisbankier ABN Amro wordt geschat dat het bedrijf op zeer korte termijn 150 tot 200 miljoen gulden nodig heeft voor het aflossen van leningen.

In het vraaggesprek vorige week meldde Van den Nieuwenhuyzen met de Treuhandanstalt - de Duitse instelling die staatsbedrijven in de voormalige DDR verkoopt, een principe-akkoord te hebben gesloten over het overnemen van de meerderheid van de aandelen van Deutsche Waggonbau. Begemann liet gisteren weten dat de omvang van deze mogelijke acquisitie grote invloed zal hebben op de cijfers. “Gezien de status van de onderhandelingen kan daarom in dit stadium nog geen duidelijk inzicht worden verschaft over de verdere ontwikkelingen van de totale groep”, aldus het communiqué dat het bedrijf verspreidde. In het vraaggesprek zei de Begemann-president echter dat de nu uitgestelde lening geheel los stond van het plan om Waggonbau over te nemen.

Volgens Begemann is de uitgifte van de achtergestelde lening uitgesteld omdat het bedrijf nog geen duidelijkheid kan geven over de overname van Waggonbau. In beleggerskring werd hieruit gisteravond afgeleid dat de oude groep zonder Waggonbau niet meer aantrekkelijk is voor investeerders. De Treuhandanstalt heeft medegedeeld ook met andere gegadigden verder te onderhandelen over Waggonbau.

Van den Nieuwenhuyzen had zijn hoop voor de risicodragende lening gevestigd op ontwikkelingsmaatschappijen van de Vlaamse overheid die al eerder hebben geinvesteerd in de Begemann-dochters Boelwerf en de versnellingsbakfabriek in St. Truiden. Door die investeringen om te zetten in aandelen zijn deze maatschappijen nu verreweg de belangrijkste aandeelhouder na Van den Nieuwenhuyzen zelf.

Het aanstellen van de Belgische ex-premier W. Martens als commissaris bij Begemann en oud-Volvo Car-president A.H.C. Deleye als directeur heeft het sentiment van de Belgische investeerders niet ten faveure van Begemann doen omslaan. Van den Nieuwenhuyzen heeft de Belgische pers er verschillende malen van beschuldigd met een lastercampagne tegen zijn bedrijf bezig te zijn. Omdat de beleggers nu niet participeren in Begemann, heeft Van den Nieuwenhuyzen, die eerder zelf een achtergestelde lening plaatste, afstand gedaan van de rechten om deze lening om te zetten in aandelen. Mochten beleggers later toch nog belangstelling hebben voor de lening dan krijgt Van den Nieuwenhuyzen zijn conversierechten terug.