Druk op dictatuur opgevoerd; Luchtblokkade tegen Haïti van kracht geworden

PORT-AU-PRINCE, 25 JUNI. Om zes uur vanmorgen is het embargo op luchtverbindingen tussen Haïti en andere landen in de regio van kracht geworden. Woensdag hadden de Verenigde Staten alle financiële transacties met Haïti al stopgezet.

De maatregelen vormen een onderdeel van een pakket internationale sancties dat er op is gericht de democratie in Haïti te herstellen.

Alle vluchten uit Haïti naar de VS, Canada en andere landen in Noord-, Midden- en Zuid-Amerika worden vanaf vandaag gestaakt. Ook de Antilliaanse Luchtvaartmaatschappij (ALM), die vier maal per week een vlucht verzorgde tussen Port-au-Prince en Curaçao, doet mee aan de boycot. Van de internationale luchtvaartmaatschappijnen blijft alleen Air France een lijndienst naar Parijs openhouden.

Lange rijen passagiers stonden gisteren op de luchthaven van Port-au-Prince te wachten op de laatste mogelijkheden Haïti per vliegtuig te verlaten. Honderden buitenlanders en twee van Haïti's meestgezochte mensenrechtenactivisten verdrongen zich om weg te komen.

Haïtiaanse en Amerikaanse families die zoveel mogelijk bagage trachten mee te nemen, vochten om een plaatsje op volbezette vluchten uit Port-au-Prince naar Miami en New York. Tientallen zwaarbewapende militairen en politiemensen probeerden de orde te handhaven en hielden verslaggevers weg van de vertrekkende passagiers.

Onder de passagiers naar Miami waren Amio en Butteur Metayer, die gebruik maakten van het Amerikaanse aanbod voor politiek asiel. Met het vertrek kwam een eind een twee-jarige onderduikperiode van de broers, die wegens hun steun voor de verdreven president Jean-Bertrand Aristide het doelwit waren van de militaire repressie. De Amerikaanse ambassadeur in Haïti, William Swing escorteerde de twee broers en 38 andere Haïtianen die politiek asiel krijgen in de VS, persoonlijk naar het vliegveld.

Lance Durban, een Amerikaan die sinds 1979 in Haïti woont, legde gisteren het omgekeerde traject af, hij maakte gebruik van de laatste vlucht van Miami naar Port-au-Prince. Durban is general-manager van Manutech Inc., een van de weinige Amerikaanse bedrijven die zijn achtergebleven in Haïti. “Er is wel wat gevaar, maar het is niet zo erg als de meeste Amerikanen denken”, aldus Durban.

Ook de missionaris Aris Labady zat op de laatste vlucht uit Miami. Hij zei tegen het embargo te zijn. “Het treft iedereen en met name de armsten, het zal niet werken”, zo zei de missionaris.

Het vorige maand door de Verenigde Naties uitgevaardigde verbod op lijndiensten en het totale handelsembargo zijn bedoeld om de Haïtiaanse legerleiding van generaal Raoul Cedras te bewegen af te treden en Aristide, die in 1991 bij een bloedige coup werd verdreven, toe te staan terug te keren.

Het besluit van de Amerikaanse president Clinton om alle bankrekeningen van Haïtianen in de VS te bevriezen, deed zich meteen al ernstig voelen. Haïtiaanse functionarissen zeiden dat het bankwezen zwaar wordt getroffen. “De klanten kunnen geen geld meer opnemen”, zei er één.

Als tegenmaatregel heeft de in het nauw zittende Haïtiaanse legerleiding een visumplicht ingesteld die vooral Amerikaanse en Canadese onderdanen treft. Honderden buitenlanders die, gezien ook eerdere ervaringen, de bui al zien hangen, trachtten zo snel mogelijk het verarmde Caribische land te verlaten.

Na het opvoeren van de Amerikaanse druk zei de door het leger in het zadel geholpen regering van premier Robert Malval in Port-au-Prince dat Amerikaanse senator Bob Graham, die in de eilandstaat onderzoek deed, niet mag terugkeren. Graham, die Haïti vaker bezocht, riep vorige week op tot een Amerikaanse invasie tenzij de legerleiding “zeer spoedig” aftreedt.

“Er is grote paniek onder de mensen; ze beginnen te begrijpen dat het ditmaal ernst is”, zei Malval gisteren. De premier poogde via de rechtbank heropening van de filialen van de Amerikaanse banken (Citibank en Bank of Boston) of te dwingen, die donderdag dichtgingen, maar dat had gisteren nog niet het gewenste resultaat gehad.

Intussen sluit de Amerikaanse regering nog altijd niet uit dat een invasie van Haïti noodzakelijk zal zijn om een einde te maken aan het militaire bewind van Cedras. De legerleider heeft de afgelopen dagen verscheidene bezoeken afgelegd aan legerbases, kennelijk om het moreel van zijn troepen hoog te houden. De staatstelevisie herhaalt momenteel veel beelden van de Amerikaanse invasie van Panama, in 1989, om de Haïtianen duidelijk te maken wat de Amerikanen van plan zijn. Een ander vaak terugkerend programma-onderdeel is het voorlezen van de Haïtiaanse grondwet uit 1804, die begint met: “Vrijheid of de dood...” (AP, Reuter, AFP)