Buitengewoon zware weken voor Jansma

Borkelmans speelt.

Het duurde even voordat die verschrikkelijke waarheid gisteravond tot me doordrong, maar het is niet anders. Weber moet Van Gobbel wegtrekken naar het centrum, opdat Borkelmans kan oprukken over de linkerflank.

Eigenlijk was dit de enige feitelijke mededeling op de persconferenties van de Nederlandse en Belgische ploeg, zoals die tot ons kwamen via de respectievelijke WK-Journaals. Een mens wordt er dromerig van. Hij probeert zich voor te stellen hoe het op zulke persconferenties precies toegaat. Een dag eerder was er trouwens een glimp van te zien.

Dick Advocaat zit gespannen achter een batterij van microfoons. De rijen voor hem zijn goed gevuld met geblocnote mannen. De persconferentie moet nog even uitgesteld worden, omdat de vertaalapparatuur niet functioneert. Lichte paniek. Maar dan een zucht van verlichting: Advocaat praat en iedereen kan hem begrijpen.

Enige probleem: wàt zegt Advocaat?

Vrijwel niets.

Rinus Michels had de reputatie een sfinx te zijn, maar achteraf bezien was hij in vergelijking met Advocaat een heerlijke ouwehoer. Als het moest, leuterde Michels de zendtijd op de automatische piloot vol. Zijn zinnen waren vaak van een duistere schoonheid, ondoordringbaar, maar tegelijk vertederend. Later kregen we Beenhakker. Dat was niks, een slechte Michels-imitatie. (Louis van Gaal is een goede Michels-imitatie.)

En nu dan Dick Advocaat. Hij is volgens mij de sympathiekste bondscoach die we na Jan Zwartkruis hebben gehad. Een aardige man zonder praatjes. Maar daar zit meteen zijn probleem: een bondscoach moet tegenwoordig wel een paar praatjes paraat hebben, anders wordt het een stille boel op de persconferenties en in de WK-Journaals.

Voor Kees Jansma breken er enkele buitengewoon zware weken aan. Kees zit stiekem te hopen dat Nederland gauw is uitgeschakeld, zodat hij zijn vervloekte WK-Journaal tot één keer per week kan terugbrengen. Want hoe moet hij al die uitzendingen volkrijgen met een bondscoach die niet wil of kan praten?

Advocaat was gisteravond voor het eerst in de studio. Jansma had een stuk of tien vragen geprepareerd, op basis waarvan hij met Michels moeiteloos een uur zou hebben volgekletst. (Beenhakker kreeg je al na één vraag gewoon niet meer de deur uit.)

Met Advocaat was Jansma binnen vijf minuten door al zijn vragen heen.

“Waarom niet Witschge, Dick?”

“Mij voorkeur is Wouters.”

Op de Belgische tv keek ik even later jaloers naar de concurrent, Pol van Himst. Laconiek, humoristisch, redelijk mededeelzaam. Is het de landsaard, of zou het komen omdat hij Borkelmans achter de hand heeft?