Tegen de goede smaak

Teek! Filmmagazine. Mei 1994, nr.12. Verantwoordelijke uitgever: Gert van Mol. Eindredacteur: David Croonenberghs. Adres: Bondgenotenlaan 145, bus 30, B-3000 Leuven. 48p. Prijs: ƒ4,95.

Sinds de verdwijning van SKOOP enkele jaren geleden zijn er nog maar twee gesubsidieerde filmbladen in Nederland over, De Filmkrant en Skrien. Daarnaast bestaat vanaf dit jaar het semi-nostalgische Flashback en bedienen commercieel gestructureerde consumentenmagazines als Take One en Preview de bioscoopbezoeker.

Vanaf deze maand is ook het Belgische filmmagazine Teek!

in Nederland te koop. Het kloeke, op veredeld krantepapier gedrukte maandblad siert zichzelf met de motto's: “Krachtig, Gedurfd, Gebald, Balorig - a bloodsucking moviemagazine” en “Zet z'n tanden in het witte doek”.

Die beloftes worden maar zeer ten dele waar gemaakt. Inderdaad schroomt Teek! niet zijn adverteerders voor het hoofd te stoten, in tegenstelling tot het zich op een vergelijkbaar publiek richtende Preview. De soms wat kunstmatig opgeblazen brutaliteit van Teek!

doet wel de vraag rijzen waar de redactie nu eigenlijk voor staat. In het meinummer worden bij voorbeeld Sharon Stone (ook op de cover) en Richard Gere onderworpen aan quasi-diepzinnige interviews, waarin desondanks de publiciteitsbabbels van de sterren voor zoete koek worden geslikt. Zo wordt zonder blikken of blozen opgeschreven dat Gere tijdens de opnamen van Pretty Woman met regisseur Gary Marshall over Dostojewski van gedachten wisselde.

Na tien pagina's Stone en Gere opent de recensie van beider film Intersection met de alinea: “Wat hebben Sharon Stone en Richard Gere gemeen? Een vaste plaats in de roddelkrantjes, een leuk snoetje, een beperkt acteertalent en een bankrekening die uit zijn voegen barst. Oh ja, ze spelen ook allebei een hoofdrol in het nagelnieuw romantisch drama Intersection, een Hollywoodproduktie die we voor uw genoegen even de grond in willen boren”.

Teek!

denkt dus dat zijn lezers genoegen scheppen in een in sappig en innemend Vlaams gestelde poging de sterren onderuit te halen, waar ze eerst pagina's lang van gesmikkeld hebben. Meer eer valt te behalen aan de ruimhartige apologieën van horror-regisseurs als Brian Yuzna en George A. Romero. Het interview en het sterrenprofiel blijven daarbij vrijwel de enige vorm, die het blad beproeft, naast studentikoos grappende korte recensies.

Het doet allemaal nogal willekeurig en gratuit aan, die balorigheid van Teek!

, maar onsympathiek is het niet. Zoals SKOOP eind jaren zestig uit pure filmliefde met het bijltje uit zijn logo inhakte op de gevestigde filmopvattingen, zo zet Teek!

zich nu af tegen de deftige en moralistische toon van de Vlaamse filmkritiek. Met name Freddy Sartor, van het katholieke blad Film en Televisie, moet het ontgelden in een column van Max Rockatansky alias Jan Verheyen: “Laat aanrukken die dwangbuis, en gooi weg die sleutel”. Deze aanval van de Kinepolis-generatie op de goede smaak biedt vooralsnog weinig alternatieven. Het is de vraag of daar in Nederland een voedingsbodem voor te vinden is.