Japans kabinet voert strijd om te overleven

TOKIO, 24 JUNI. Het Japanse minderheidskabinet van premier Tsutomu Hata heeft vandaag wanhopig strijd gevoerd om te overleven, na een dreigement van de socialisten een motie van wantrouwen in te dienen als het kabinet niet vrijwillig aftreedt. De coalitie heeft deze eis verworpen.

Gisteren diende de LDP, veruit de grootste oppositiepartij, een eigen motie van wantrouwen in. Overleg tussen de regeringscoalitie en de socialisten over hernieuwde deelname van de laatsten aan het kabinet leidde tot uitstel van stemming over deze motie.

Vandaag werd dat overleg voortgezet. Toen de regeringscoalitie weigerde vrijwillig af te treden, nam de politieke spanning zienderogen toe. Ichiro Ozawa, de de facto leider van de coalitie, zei op een persconferentie dat aftreden Japan in internationale ogen tot de risee van de wereld zou maken, net nu de G-7 aan de vooravond staat van haar topconferentie in Napels. Hij zag geen enkele reden waarom aftreden nodig was.

Volgens waarnemers rekent Ozawa op de verdeeldheid onder zowel de socialisten als de LDP en schat hij dat het kabinet een motie van wantrouwen kan overleven. Maar een gematigde socialist zei dat Ozawa te optimistisch was.

Als het kabinet ten valt komt, zal de politieke chaos een climax bereiken, menen sommige analisten. Premier Hata heeft gezegd dat hij weigert het parlement te ontbinden en nieuwe verkiezingen uit te schrijven. In dat geval zal het huidigde parlement een nieuwe premier moeten kiezen. De uitslag van die verkiezing is gelet op het chaotische politieke krachtenveld volstrekt onvoorspelbaar.

Dat de socialisten willen dat het kabinet vrijwillig aftreedt heeft te maken met gezichtsverlies. Direct na het aantreden van het kabinet eind april verlieten de socialisten het kabinet, omdat ze niet waren gekend in een nieuwe vorm van samenwerking tussen de rest van de coalitiepartijen. Vrijwillig aftreden zou deelname aan een nieuwe coalitie minder ongemakkelijk makken.