E. Kloster legde basis voor herstel bij Philips' Lighting

EINDHOVEN, 24 JUNI. Einar Kloster volgt de roep van zijn hart. En die van zijn vrouw. Dat betekent dat de eerste man van Philips' Lighting per 1 juli opstapt bij het elektronicaconcern en terugzeilt naar Noorwegen. Waardoor hij zijn maritieme liefde kan combineren met die voor de geboortegrond die hij een kwart eeuw geleden verliet.

Kloster (56) vindt dat zijn taak er bij Philips opzit. Vier jaar geleden haalde Philips-president Jan Timmer hem weg bij North American Philips Corporation om in Eindhoven de Lichtdivisie onder handen te nemen. In het kader van de saneringsoperatie Centurion werden bijl en stofkam door alle delen van het zieke Philips gehaald. Ook dus door de bakermat, de Lichtdivisie, waarvan de resultaten schrikbarend achteruitgingen. In moordend tempo deed Kloster waarvoor hij was ingehuurd. Lighting, inmiddels duizenden medewerkers armer dan in 1990, boekte vorig jaar een recordwinst.

Een mooi moment om op te stappen, of was zijn vertrek toch ingegeven doordat hij gepasseerd zou zijn voor een bestuurszetel? Kloster ging daar gisteren, tijdens zijn afscheid van de financiële pers, niet op in: twee jaar geleden zou hij Jan Timmer al gezegd hebben medio 1994 te willen opstappen.

Dat had overigens niets te maken met de idee dat zijn werk dan afgerond zou zijn, aldus Kloster. In een traditie die Timmer er zo langzamerhand goed heeft ingehamerd wist ook de vertrekkende Philips-topman te melden dat Centurion nooit ophoudt. “Ik ga niet middenin het proces weg, ik vertrek vier jaar na het begin. We hebben onze manier van werken veranderd, maar er blijven altijd dingen waarover ik niet tevreden ben - communicatie, onderlinge samenwerking. Wat we doen kunnen we sneller.”

Niettemin legde Kloster in zijn eerste jaren bij de Lichtdivisie de basis voor een opmerkelijk herstel. Hij delegeerde verantwoordelijkheden en bevoegdheden, bracht onderzoeks- en verkoopafdelingen dichter bij elkaar, dunde het produktenpallet drastisch uit. Consequentie van een en ander was dat de staf op het Eindhovense hoofdkantoor met 40 procent kromp, en dat de totale personeelsbezetting van ruim 40.000 man terugliep tot zo'n 34.000 nu. Onder Kloster maakte de arrogante, introverte houding plaats voor de 'fighting spirit' die volgens hem nodig is om 's werelds grootste lampenfabrikant te blijven.

Op de wereldmarkt kent Philips Lighting in feite maar twee concurrenten: Siemens-dochter Osram (Duitsland) en het Amerikaanse General Electric. GE domineert de Amerikaanse markt, Philips de Europese. Het gevecht om vergroting van het marktaandeel zal zich de komende jaren vooral afspelen in Azië, meent Kloster. De verwerving van belangen in het Chinese Yaming en het Japanse Kondo beschouwt hij daarom als strategische successen.

Kloster is ervan overtuigd dat de produktie van eenvoudige bulkprodukten in toenemende mate in lage-lonenlanden zal gebeuren. Om die reden kocht Lighting enkele jaren terug ook al een grote lampenproducent in Polen. De fabricage van hoogwaardige lampen en de research die daarvoor vereist is zullen geconcentreerd blijven in het Westen, waar kapitaal en kennis voorhanden zijn.

Een steeds belangrijker rol voorziet Kloster in de verlichtingssector voor elektronica en 'software'. Hoewel in belangrijke delen van de wereld de markt al verdubbelt wanneer per woning een extra fitting wordt geïnstalleerd, zullen klanten in kapitaalkrachtiger regio's steeds specifieker eisen aan hun verlichting stellen: programmeerbaar, met beïnvloedbare toon, reagerend op gespoken commando's. “Technologisch kan alles. De komende tien, twintig jaar zal de klant uitmaken wat er gebeurt.”

Daarvoor is, meent Kloster, binnen Lighting een cultuur nodig waarin mensen verandering accepteren en er snel op kunnen inspelen. Met zijn managementteam heeft hij er de afgelopen jaren “alles” aan gedaan hebben zo'n “winnende cultuur” te stimuleren. Opvolger Cor Boonstra, voorheen werkzaam bij Sara Lee en eerste man bij Sara Lee/DE, zal daaraan zijn handen ook vol hebben, verwacht Kloster.

Hoewel rentenieren in Oslo aanvankelijk de belangrijkste optie voor Klosters toekomst was, zeilt hij niet terug om de luwte op te zoeken. Twee maanden terug deden de aandeelhouders van de familierederij Kloster Cruise een dringend beroep op hem bestuursvoorzitter te worden. Midden jaren tachtig onderbrak Kloster zijn van 1961 stammende Philips-carrière voor twee jaar om de rederij uit de problemen te halen. Inmiddels heeft het bedrijf, vooral actief op de Caraïbische cruisemarkt, opnieuw behoefte aan een heelmeester.