Afrika herhaaldelijk het toneel van Franse interventies

De Franse interventie in Rwanda, Operatie Turquoise, is de nieuwste in een reeks militaire missies die de Franse regering sinds de dekolonisatie van Afrika in de jaren zestig heeft ondernomen. Frankrijk heeft omvangrijke gebieden in Noord- en West Afrika als kolonie geëxploiteerd. Nu nog zijn in zes Afrikaanse staten Franse troepen permanent gestationeerd.

1962 SENEGAL: Franse militairen handhaven de orde na een mislukte coup tegen president Leopold Senghor. Senegal was 300 jaar een Franse kolonie.

1964 GABON: Franse parachutisten landen in Libreville om de ontvoerde president Léon M'Ba bij te staan. Ook Gabon was een Frans gebiedsdeel tot 1960.

1968-1972 TSJAAD: Op verzoek van president Francois Tombalbaye stuurt Frankrijk troepen naar de vroegere kolonie Tsjaad om hem te helpen met de strijd tegen de Tibesti-rebellen uit het noorden.

1977 ZAÏRE: Frankrijk onderhoudt een luchtbrug tussen Rabat in Marokko en Kolwezi in de voormalige Belgische kolonie Zaïre, en vervoert zo Marokkaanse para-troepen naar het zuiden van Zaïre, waar de Katanga-opstand woedt. De parachutisten interveniëren op verzoek van de Zaïrese president Mobutu Sese Seko.

1977 WESTELIJKE SAHARA: Nadat het Front Polisario Franse onderdanen in de Westelijke Sahara gevangen heeft genomen stuurt de regering bevoorradingsvliegtuigen en Jaguar-gevechtsvliegtuigen naar Mauretanië.

1978 TSJAAD: Frankrijk stuurt versterkingen (2000 soldaten en gevechtvliegtuigen) aan president Félix Malloum om hem te helpen de verslechterende situatie in Tsjaad onder controle te houden. Deze troepen verlaten het land in 1980.

1978 ZAÏRE: Op verzoek van de Zaïrese regering landen een duizendtal Belgische en 600 Franse parachutisten in de provincie Shaba om 2.700 Europeanen te repatriëren en een tweede opstand neer te slaan.

1979 CENTRAALAFRIKAANSE REPUBLIEK: Met Franse hulp wordt in Operatie Barracuda keizer Jean-Bédel Bokassa afgezet, waarna David Dacko de macht overneemt. In 1981 verleent Frankrijk militaire steun aan André Kolingba, die het presidentschap van Dacko overneemt.

1983 TSJAAD: Met de operatie Manta steunt Frankrijk de strijd van president Hissène Habré tegen de rebellen van Goukouni Weddeye, die door Libische troepen worden gesteund. Deze operatie, waar meer dan 3.000 man bij betrokken zijn, duurt tot november 1984.

1986 TSJAAD: Operatie Epervier begint met een luchtaanval op het Libische vliegveld Ouadi-Doum in het noorden van Tsjaad. De Fransen vestigen ter afschrikking een luchteenheid in N'Djamena.

1986 TOGO: 150 Franse parachutisten landen in het voormalige Frans-Engelse gebiedsdeel Togo na een mislukte couppoging tegen president Gnassingbé Eyadema, maar komen niet in actie.

1989 COMOREN: 200 Franse soldaten herstellen samen met plaatselijke troepen van de in de Indische Oceaan gelegen archipel de orde na de moordaanslag op president Ahmed Abdallah.

1990 GABON: Franse soldaten evacueren buitenlanders na rellen in Libreville en Port-Gentil.

1990-1993 RWANDA: Na de invasie van het RPF (Rwandees Pattriottisch Front) in het noord-westen van de voormalige Belgische kolonie Rwanda stuurt Frankrijk meer dan 300 militaire adviseurs om de troepen van president Juvenal Habyarimana te trainen, bewapenen en ondersteunen. Tevens helpen zij Europeanen het land uit te komen.

1991 ZAÏRE: Na een neergeslagen opstand tegen president Mobutu evacueren 450 Belgische en Franse soldaten Westerse burgers.

1991 DJIBOUTI: Franse troepen helpen gedurende een jaar regeringstroepen de Afar-opstand te bedwingen. Ook ontwapenen zij Ethiopische soldaten die de grens met Djibouti overschrijden na de val van het marxistische regime van Mengistu Haile Mariam.

1992-1994 SOMALIË: Frankrijk draagt 2.500 man bij tot de internationale operatie Restore Hope, daarna aan UNOSOM II, om slachtoffers van de burgeroorlog en de hongersnood in Somalië humanitaire hulp te bieden.

1994 RWANDA: In april evacueren 500 Franse parachutisten in samenwerking met Belgische militairen de Europeanen uit Rwanda, waar na de moord op president Juvenal Habyarimana moordpartijen zijn uitgebroken tussen de bevolkingsgroepen Hutu's en Tutsi's.