Navo wint veel en geeft weinig in 'partnership' met Rusland

BRUSSEL, 23 JUNI. “Dit is geen herhaling van Jalta. We zitten hier in Brussel.” Bijna schouderophalend vatte de Russische minister van buitenlandse zaken, Andrej Kozyrev, gisteren op het hoofdkwartier van de NAVO in Brussel de nieuwe realiteiten van Europa nog eens samen. Het Noordatlantisch bondgenootschap heeft voorgoed een vijand verloren, en misschien een nieuwe, betrouwbare partner gevonden. Dat is de betekenis van de handtekening die Kozyrev gisteren zette onder het 'Partnership for Peace'-programma van de NAVO, terwijl tegelijkertijd het startsein werd gegeven voor “een brede en diepgaande dialoog” tussen de NAVO en Rusland.

De aansluiting van Moskou bij het 'Partnership for Peace'-programma is een groot succes voor de NAVO. Het bondgenootschap is geslaagd in zijn opzet om de banden met de lidstaten van het voormalige Warschau-pact aan te halen, zonder daarbij Rusland van zich te vervreemden. Integendeel, Moskou zal niet alleen participeren in het partnerschapsprogramma maar zal daarnaast streven naar samenwerking en overleg met de NAVO.

Tegelijkertijd is er het voor het bondgenootschap prettige gegeven, dat het niets van zijn unieke identiteit als 'garantieverschaffer' voor de Westerse veiligheid hoeft prijs te geven. Met Rusland zal voortaan worden overlegd over allerlei zaken betreffende de veiligheid in Europa, maar die consultaties geschieden uitsluiten op ad hoc-basis. Er is geen enkele vorm van automatisme vastgelegd, die de Russen de indruk zou kunnen geven dat ze recht hebben op echte inspraak in de besluitvorming van de NAVO. Rusland heeft geen enkel droit de regard, laat staan een veto-recht.

Maar ook Kozyrev kan met opgeheven hoofd naar huis om daar de publieke opinie uit te leggen dat Rusland voortaan behandeld zal worden als een echte grootmacht in Europa, die gezien zijn politieke en militaire gewicht een unieke en doorslaggevende rol speelt bij het duurzaam vestigen van vrede en stabiliteit in Europa. En hoewel er geen juridisch bindende overeenkomst met de NAVO op tafel ligt, kan Kozyrev voor het thuisfront wel zwaaien met een verklaring op papier, die bijvoorbeeld de Polen niet hebben. Om zich alvast te verzekeren van steun had Kozyrev gisteren heel slim enkele parlementsleden in zijn delegatie opgenomen.

Ondanks al die positieve geluiden staat nu al vast dat de betrekkingen tussen de NAVO en Rusland zich de komende jaren niet altijd even rimpelloos zullen voltrekken. Het 'Partnership for Peace'-programma is vooral gericht op militaire samenwerking. Het voorziet onder andere in het houden van gezamenlijke oefeningen en het uitwisselen van militaire gegevens.

Rusland zal zich waarschijnlijk zonder problemen schikken in die praktische militaire samenwerking. Maar problemen zullen er wel komen als het gaat om de politieke dialoog, waarvoor gisteren het startsein werd gegeven. De NAVO en Rusland houden er immers, zacht uitgedrukt, nogal afwijkende visies op na over de gewenste 'architectuur van een Europese veiligheidszone', zoals dat in diplomatieke termen heet.

Als minister Kozyrev spreekt over het ideaalbeeld van “een verenigd, stabiel, vreedzaam en democratisch Europa van Vancouver en Vladivostok”, knikken alle zestien lidstaten van de NAVO instemmend. Maar als Kozyrev vervolgens toelicht dat in zo'n Europa een cruciale rol is weggelegd voor de CVSE (de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa), dan krabben ze zich achter de oren.

Als het gaat om zaken als bescherming van democratische verworvenheden, van mensenrechten en van minderheden, kan de CVSE een vooraanstaande, uiterst nuttige rol spelen, zeggen ze. Maar voor het geven van echte veiligheidsgaranties blijft de NAVO het aangewezen bondgenootschap dat niets van zijn autonomie mag prijsgeven. Over dienstbaarheid aan de CVSE valt te praten, maar niet over ondergeschiktheid of zelfs maar nevengeschiktheid aan de CVSE.

Die strijd zal in de toekomst nog wel tot botsingen leiden. Wellicht zal dat komende herfst al tot uiting komen op de eerstkomende CVSE-topconferentie in Boedapest. Maar in Brussel maakt men zich niet al te veel zorgen over zo'n confrontatie, al was het alleen maar door de geruststelling van Kozyrev dat Rusland en de NAVO nu de basis hebben gelegd voor “een relatie waarin partijen respect voor elkaar tonen”. In zo'n relatie moet ook plaats zijn voor politieke meningsverschillen.

Meer nog gerustgesteld zijn de NAVO-diplomaten door de stilzwijgende toezegging van Koyzrev dat Rusland geen veto zal stellen als landen uit Midden- en Europa over enige tijd willen toetreden tot de NAVO. Moskou verlangt wel dat het in voorkomende gevallen geïnformeerd zal worden. 'Geen veto, geen verrassingen'. Met dat uitgangspunt kan de NAVO heel wel leven.

Geen wonder dus dat gisteren op het NAVO-hoofdkwartier in positieve bewoordingen werd gesproken over de Russische houding en vooral over de constructieve opstelling van Kozyrev. Hij wordt gezien als een vertegenwoordiger van het moderne Rusland, waarmee heel goed zaken is te doen.

Weliswaar moet hij in eigen land afrekenen met conservatieve tegenkrachten, maar de NAVO-partners hebben er alle vertrouwen in dat hij in die opzet zal slagen. “Hij heeft twee keer duidelijk gezegd dat er in Rusland ook mensen zijn die de NAVO nog steeds als vijandelijk beschouwen. Maar hij ziet dat meer als een medisch dan als een politiek probleem,” aldus een NAVO-functionaris.