Luchtmacht weemoedig naar basis De Peel

Nederland trekt zijn geleide-wapensystemen na 33 jaar terug uit Duitsland. Een omvangrijke verhuizingsoperatie voor mensen en materieel.

BLOMBERG, 23 JUNI. Een kolonne Nederlandse legervoertuigen, daar kijken de bewoners van het heuvelachtige gebied ten zuidwesten van Hannover niet meer van op of om. De in Blomberg gelegerde derde groep geleide wapens van de Koninklijke Luchtmacht trok al zo vaak voorbij. Alleen wie deze keer wel omkeek zag achter op een enkele vrachtwagen een rood-wit-blauwe vlag hangen met de woorden 'Auf Wiedersehen'. De wagens vertrokken voorgoed.

In de druilerige motregen staan enige tientallen vrachtwagens klaar voor de lange rit naar de Peel, de nieuwe thuisbasis van de geleide wapens. “Een beetje weemoed” voelt eerste luitenant Johan Smit wanneer hij nog een bekertje koffie drinkt op de vertrouwde plek. Hij had het hier naar zijn zin. “En de financiën maken goed dat je ver van huis zit.” Buitenlandtoelage, een belastingvrije auto, benzine voor veertig pfennig, het is allemaal voorbij. Het stempel dat hem recht gaf op al die faciliteiten is al uit zijn paspoort.

Maar de dreiging uit het oosten, de reden waarom de geleide wapens in Duitsland stonden opgesteld, is weg, realiseert ook Smit zich. “Onze taak hier is beëindigd.” De Patriot en Hawk-raketten moesten een belangrijke bijdrage leveren aan de luchtverdediging tegen de eerste aanvalsgolf van het Warschaupact. Sinds het uiteenvallen van het Warschaupact zijn dit soort scenario's in het archief gestopt. De inzet van de geleide wapens in de Golfoorlog leerde echter dat ze ook bij crises her en der in de wereld functioneel waren. Met name de Patriots bleken redelijk effectief tegen ballistische raketten als de Irakese scuds. Sindsdien is die effectiviteit verder opgevoerd, aldus kolonel P. de Vries, commandant van de derde groep geleide wapens. En na een modernisering kunnen ook Hawks binnenkort worden ingezet tegen raketten, mits ze door een Patriot radarsysteem worden bestuurd.

In het licht van de ambities van het kabinet om Nederland een militaire rol te laten spelen bij interventies in crisisgebieden, besloot het om de eenheden geleide wapens niet af te stoten, maar te reorganiseren tot kleine, snel inzetbare en verplaatsbare eenheden. In die vier nieuwe squadrons worden elk één Patriot en twee Hawk-vuureenheden ondergebracht. Zo'n squadron bestaat uit circa tweehonderd man en tachtig voertuigen en dat is compact genoeg voor een inpakken-en-wegwezen scenario.

“Militair gezien hoeven we daarvoor niet in Duitsland te blijven”, legt De Vries uit. Een aangezien het verblijf in Duitsland bijna 200 miljoen gulden kost en in Nederland slechts de helft, had de minister zijn keuze snel gemaakt. De slapende luchtmachtbasis De Peel bleek een geschikte lokatie en wordt nu voor een bedrag van 125 miljoen gulden omgebouwd tot het Nederlandse geleide-wapencentrum. Dezer weken verhuizen de helft van de geleide-wapeneenheden uit Duitsland naar de Peel, volgend jaar volgt de rest.

Twee van de vier squadrons in de Peel zullen deel uitmaken van de zogeheten reaction forces van de Navo, de snel inzetbare eenheden. Voor het personeel betekent dit dat er vaker in andere landen zal worden geoefend. Zo werd vooruitlopend op deze organisatiestructuur de afgelopen anderhalf jaar al geoefend in onder meer Engeland, Turkije en Zuid-Duitsland.

Het betekent ook dat het comfort van de 'vertrouwde vijand' is verdwenen. De kans om plotseling echt in een conflict op het scherp van de snede betrokken te raken is ineens veel groter geworden, realiseerden de mannen en vrouwen zich bij de inzet van hun eenheden in Turkije en Israel tijdens de Golfoorlog.

“Je hoopt natuurlijk dat je nooit uitgezonden hoeft te worden”, zegt eerste luitenant Chris Homan van het 226-squadron Patriots. “Maar ja, je weet waar je voor staat. Het is ook een uitdaging om die nieuwe taak waar te maken.” Zijn eenheid is vorige week al verhuisd, maar hij heeft nog geen huis in de buurt van De Peel, een probleem waar meer van zijn collega's mee kampen. Hoewel gemeenten en woningbouwverenigngen actief meewerken om de duizend man met hun gezinnen onder te brengen, verliep het bouwprogramma minder snel dan gepland. Voorlopig blijven velen pendelen, dat wil zeggen elk weekend teruggaan naar Blomberg.

Homan ziet ook in het alledaagse werk verschillen tussen de situatie in Duitse heuvels en die in de Peel. “We zijn verlost van de gladheid. In de winter ligt hier vaak sneeuw en zijn de toch al bochtige wegen heel glad. Daardoor gebeuren er elk jaar ongelukken.” In de afvuureenheden in de Peel zullen in tegenstelling tot in Duitsland geen scherpe raketten meer zitten, maar dummies. De raketten zelf worden opgeslagen in een munitiedepot in Alphen-Riel.

Homan zit, evenals Smit, nog maar drie jaar in Blomberg en heeft er niet zoveel moeite mee om te verhuizen. Maar voor menig oudere militair ligt dat anders. Sommigen zijn getrouwd met Duitse vrouwen die een baan of een eigen bedrijf in Blomberg hebben. Een vijftigtal wil helemaal niet verhuizen, omdat ze zich na soms meer dan twintig jaar geheel geworteld voelen in Blomberg.

Iedereen mag al zijn spullen belastingvrij invoeren in Nederland. Tot een half jaar voor vertrek mocht men nog een nieuwe auto belastingvrij aanschaffen, een mogelijkheid waarvan velen gebruik hebben gemaakt. De luchtmacht zelf komt er minder goed vanaf. Zelfs over de eigen raketten moeten invoerrechten worden betaald. In totaal wordt het ministerie van financiën zo enkele tientallen miljoenen guldens wijzer van de verhuizing.