Een snelle bal voor sneller spel

Voor ieder WK-voetbal ontwikkelt Adidas een nieuwe bal, met nieuwe eigenschappen. In Argentinië in 1978 introduceerde de vaste ballenleverancier van de FIFA de 'Tango', de eerste leren bal met een synthetische coating. Vier jaar later voetbalden 's werelds beste teams voor het laatst met een leren bal: de 'Espana'. Vanaf het WK in Mexico in 1986 is het speeltuig een high-tech produkt van kunststof. Synthetische materialen bleken gelijkmatiger en meer vormvast dan koeiehuid, waardoor de bal ronder en dus sneller werd.

In Amerika worden alle wedstrijden gespeeld met de 'Questra'. De Engelsman Mike Benford ontwierp de officiële WK-bal, die uit vijf lagen bestaat. Eén laag meer dan bij z'n voorganger, de 'Etrusco', waarmee tijdens het WK in Italië werd gevoetbald. De extra laag, de vierde, bestaat uit een soort foam, die het aannemen aanname van de bal vereenvoudigt en het koppen minder pijnlijk maakt. Bovendien herstelt de bal zich sneller van de vervorming die iedere trap veroorzaakt. Hoe eerder de bal na een trap weer rond is, hoe meer snelheid hij ontwikkelt. Met die laatste eigenschap komt de fabrikant tegemoet aan de wens van de wereldvoetbalbond om het spel sneller te maken.

De Questra bestaat uit 32 vlakjes (12 vijfkantige en 20 zeskantige) die met 1.400 steekjes en 18 meter nylon aan elkaar worden genaaid. Jaren lang voerden Spaanse gevangenen dit handwerk uit. Maar toen Franco de gevangenen amnestie verleende, ging de sportfabrikant buiten Europa op zoek naar nieuwe goedkope arbeidskrachten. De meeste Questra's worden nu in Pakistan vervaardigd.

In januari leverde Adidas ieder land dat in aanmerking kwam voor het WK vijfentwintig oefenballen. Vanaf december speelden in Nederland PSV en Feyenoord hun thuiswedstrijden al met de WK-bal. Dit jaar verkocht de ballenproducent in Nederland 50.000 exemplaren van de Questra. De bal kost in zijn duurste uitvoering 179 gulden.