Drees en Colijn

J.L. Heldring citeert in NRC Handelsblad van 14 juni Drees over Colijns crisispolitiek: “de crisisopvattingen van economen van die tijd als Keynes (genoten) onvoldoende bekendheid in de leidende kringen uit die jaren. (...) het was dus bepaald niet de fout van Colijn alleen”. Het Verenigd Koninkrijk verliet de gouden standaard in september 1931. Nederland wachtte tot september 1936. Het is een gotspe om te stellen dat Keynes' voorstellen in die tijd onbekend waren. Nota bene het Verenigd Koninkrijk, een grootmacht, had het voorbeeld gegeven, en Keynes was reeds een bekend econoom en publicist. We moeten concluderen dat voor latere lezers de nadruk bij Drees ligt op in de leidende kring en op fout. Wat Colijn deed, bleef voor Drees fout, en de leidende kringen hadden onvoldoende belangstelling voor nieuwe economische argumenten. Dat je iets niet weet, is geen excuus wanneer je je doof en blind hebt gehouden.

Dit spoort natuurlijk met de conclusie van Skidelsky, een biograaf van Keynes, dat er een oorlog nodig was voordat op het cruciale punt naar Keynes geluisterd werd. Idem dito Tinbergen. Helaas, huidige beleidsmakers zijn net zo erg. Massale werkloosheid en verloedering van de WAO zijn maar een paar voorbeelden. Zoals in de jaren dertig faalt ons democratisch bestel. Mij is het risico van een nieuwe oorlog met Zjirinovski te groot, of denk maar aan 8 miljard mensen op deze planeet in 2020. Er is alle reden voor een parlementaire enquête naar de voorbereiding van het economisch beleid. Dit zal de argumenten verhelderen voor de uitbreiding van de Trias Politica met een werkelijk onafhankelijk en wetenschappelijk gefundeerd Economisch Hof, in plaats van het huidige gemankeerde CPB.