Doema tegen plan van Jeltsin voor bestrijding misdaad

MOSKOU, 23 JUNI. De 'tweede kamer' van het Russische parlement, de Doema, heeft gisteren het decreet van president Jeltsin over de misdaadbestrijding van de hand gewezen met het argument dat het in strijd is met de grondwet, de strafwet en de rechten van de mens.

Jeltsin ondertekende op 14 juni een decreet waarin de politie een reeks nieuwe bevoegdheden werd toegekend bij het doorzoeken van woningen en kantoren, het controleren van financiën en de verlenging van de periode waarin verdachten zonder aanklacht kunnen worden vastgehouden van 72 uur tot een maand.

De Doema nam gisteren met overgrote meerderheid - 279 tegen tien stemmen - een resolutie aan waarin de maatregelen werden veroordeeld en waarin de president werd gevraagd het decreet op te schorten. Volgens de Doema worden door de ruimere bevoegdheden voor de politie de grondwettelijk gegarandeerde rechten en vrijheden van de burgers geschonden. In de resolutie kregen de parlementscommissies voor veiligheidszaken en de strafwethervorming de opdracht binnen twee weken een reeks wetsontwerpen voor de bestrijding van de misdaad en de corruptie op te stellen.

Jeltsins woordvoerder Filatov zei in een reactie op de stemming in de Doema dat Jeltsin het bewuste decreet niet zal opschorten. “Als [als gevolg van het decreet] sprake is van schendingen van de mensenrechten, kan het decreet altijd worden aangepast”, aldus Filatov.

Bij een actie tegen de georganiseerde misdaad, waaraan werd deelgenomen door twintigduizend politiemannen, zijn dinsdag en gisteren meer dan 2200 verdachten opgepakt. De politie viel 689 'objecten' binnen - bedrijven, hotels, markten, banken en woningen. Tweehonderd bedrijven werden na de razzia's gesloten. (Reuter, AFP, AP)