Jack Lemmon en Walter Matthau: al dertig jaar mooi

Grumpy Old Men. Regie: Donald Petrie. Met: Jack Lemmon, Walter Matthau, Ann-Margret, Ossie Davis. In twintig theaters.

Al sinds ze in 1966, dat wil zeggen bijna Dertig Jaar Geleden, in The Fortune Cookie, voor het eerst naast en met elkaar acteerden, is hun samenwerking legendarisch: Jack Lemmon en Walter Matthau werden niet alleen geboren om de unieke filmacteurs te worden die ze zijn, maar daarnaast werd hun beider talent speciaal - en door een gnuivende god, dat kan niet anders - geschapen om dat van de ander te doen floreren. Ze vertegenwoordigen elk een totaal ander type, maar dat betekent niet dat ze elkaar eenvoudig aanvullen. Ze wekken elkaar op, ze beschijnen elkaars komieke gaven, ze ontmaskeren de ander en ontbloten zijn gevoeligheden. Dat lijkt onbaatzuchtig maar uiteindelijk wordt hun eigen rol er ook weer dieper en beter van. Het klinkt vaag, maar wie The Odd Couple (1968) kent, begrijpt hoe concreet het is, en wie een of meer malen in de gelegenheid was om The Front Page (1974) te zien, ook. Het zijn de klinkend klassieke titels van bejaarde films. Al doen ze in menig opzicht verouderd aan, door het optreden van Lemmon en Matthau bleken ze alledrie meer dan bestand tegen de tijd. Niet voor niets zijn ze regelmatig nog op de televisie te zien, met name op hoogtijdagen die vragen om feestelijke programmering die hout snijdt.

Matthau, Lemmon en hun samenwerking maken zo sterk deel uit van de filmgeschiedenis, dat een hernieuwd gecombineerd optreden niet meer voor de hand lag. Met Grumpy Old Men werd het onverwachte waar: opnieuw een voorbeeldig duo-optreden dat beide veteranen de gelegenheid biedt om nog weer eens duidelijk vast te stellen hoe mooi ze kunnen spelen, en hoe onweerstaanbaar hun onderlinge chemie is. Grumpy Old Men is van begin tot eind hun film, daar kon de vlakke televisieregie van Donald Petrie weinig aan bederven, ook doordat er werd gewerkt met een voorbeeldig en gelaagd scenario.

Debutant-scenarist Mark Steven Johnson bedacht, tegen de achtergrond van sneeuw en ijs en haardvuur en omringd door een kleine, inventieve keur aan alleraardigste bijfiguren, de mooie - soms oergeestige, dan weer dieptragische - dialogen in dit warme verhaal over twee samen oud en inmiddels weduwnaar geworden buurmannen die meer zesenvijftig jaar lang elkaars bloed wel kunnen drinken. Ze koesteren een genante, door geen van beiden ooit meer benoemde, verscheurende vete en treiteren elkaar waar ze maar kunnen. Dat ze uiteindelijk elkaars beste vrienden zijn, hebben alleen zijzelf niet in de gaten. Om dat eindelijk eens te ontdekken, is een nieuwe overbuurvrouw nodig, een soort schone heks (ook een prachtige rol van de al even legendarische Ann-Margret), die ongewild de hitte van de oude wrok aanwakkert.

Het slot van Grumpy Old Men is onnodig sentimenteel, de meeste vorm-elementen overbekend en voor de sfeer wordt nu en dan gemakzuchtig geleund op bekende populaire songs. Maar dat hoeft niemand te beletten vol onbehoorlijke overgave te genieten van die twee ouwe mannen, zo zuur, zo pesterig, zo wanhopig, zo lief.