Bij ruzies blijft vrouw opvallend kalm

La crise. Regie: Coline Serreau. Met: Vincent Lindon, Patrick Timist, Annick Alame, Zabou. In: Amsterdam, Cinecenter en The Movies.

Als catalogus van de verschillende aanleidingen voor de schreeuwpartijen die Franse ruzies - en soms meer aimabele interactie - kenmerken, voldoet La crise van regisseuse Coline Serreau uitstekend. Het kan een kapotte viool zijn, de stress voor het vertrek naar de wintersport, maar toch vooral de kwalitatieve ontoereikendheid van de aandacht van een man voor zijn vrouw. In de mooiste van de elkaar snel opvolgende ruzies tussen uiteenlopende personen blijft de vrouw opvallend kalm: in grote rust vertelt ze man en volwassen kinderen dat ze altijd haar plichten jegens hen naar behoren vervuld heeft en dat het nu genoeg is: ze gaat er vandoor met de veel jongere yogaleraar.

In eerdere films als Trois hommes et un couffin en Romuald et Juliette goot Serreau haar feministische visie op de geestelijke armoede van mannen, die voor zichzelf noch voor anderen kunnen zorgen, al in de vorm van weinig subtiele, maar soms akelig raak schietende komedies. In La crise wordt de succesvolle advocaat Vincent Lindon op een ochtend wakker en constateert dat zijn vrouw met achterlating van een briefje verdwenen is. Dezelfde dag wordt hij ontslagen. Alle vrienden en bekenden hebben het te druk met hun eigen sores om zijn leed aan te horen. Troost biedt slechts de aanhankelijkheid van een racistische drinkebroer (Patrick Timsit), in wie Serreau haar verheerlijking van de onderste klasse projecteert. De man haat weliswaar Arabieren, maar blijkt in zijn eigen huis een uitzondering te maken voor Mohammed, Ahmed en al die andere vrienden.

Serreau schetst wederom een herkenbaar en soms pijnlijk portret van onze dolgedraaide samenleving, maar kiest tegen het einde voor zulke uit de lucht vallende instant-oplossingen, dat de utopische boodschap ondergesneeuwd wordt door de smaak van een modieuze boulevardkomedie.