'Ook de rap-scene heeft rotte plekken. Jammer'

De Rotterdamse politie arresteerde in mei en juni een tiental leden van twee rivaliserende jeugdgroepen uit de rap-scene. Wat begon als een woordenwisseling escaleerde tot een gewapend conflict.

ROTTERDAM, 20 JUNI. “Als ik op straat loop, let ik altijd op. Ik ben met geweld opgegroeid, ik weet hoe een klap voelt.” Rapper Mos (23) werd onlangs met enige vrienden gearresteerd wegens openbare geweldpleging en pogingen tot doodslag. Hij is, naar eigen zeggen, echter vooral slachtoffervan het geweld.

Volgens Mos is met de tien arrestaties maar een klein deel van de mensen die de rap-scene terroriseren ingerekend. Hij spreekt van “honderden jongens tussen 12 en 25 jaar, die drugs dealen, mensen in elkaar schoppen en Hollanders van hun trainingspak beroven.” Mos, een in het rood geklede zwarte jongen met een rode leren cap op zijn kortgeknipte kroeshaar, maakt deel uit van de Rotterdamse rap-scene, die uit 2.500 overwegend Surinaamse en Antilliaanse jongeren bestaat. Ze komen - in vaste vriendengroepen - eens in de maand bijeen op een 'party' om te dansen op rap-muziek, of om zelf achter de microfoon te staan.

Volgens de politie hebben de gevechten, die voortgekomen zouden zijn uit een ruzie om de opheffing van Mos' rap-band Cold Blood Terror, niets te maken met gangs à la Crips en Bloods, strak georganiseerde en bewapende jeugdbendes naar Amerikaans model die bepaalde buurten in Den Haag onveilig maken. “Er bestaan geen gangs in Rotterdam”, zegt een woordvoerder van de politie. “De ruzie waar Mos bij was betrokken en die leidde tot een vuurgevecht, staat op zichzelf. Er zijn jeugdbendes die zich crimineel gedragen, maar ik ontken dat het op zo'n grote schaal als die jongen zegt plaatsheeft.”

Volgens Mos begon het met twee raps van zijn groep over de Bad Boys Posse. We wilden een beetje dissen. De Bad Boys afkraken. Zo van 'krijg de kanker jij, en als je daar een probleem mee hebt kom maar naar me toe'.'' Dissen (van 'to show disrespect'), iemand op rijm op de hak nemen, is normaal in de rap-scene.

“Maar een aantal jongens uit de Bad Boys Posse was jaloers op ons. We hadden mooiere kleren. Anderhalf jaar geleden kwamen ze met 200, 300 man onze straat in. Met kapmessen, pistolen, knuppels en messen. Eén gozer had twee pistolen.” De eerste keer rende Mos weg. De keer daarna vocht hij terug. Drie vechtpartijen volgden. “De bende stond ons op te wachten op het Mathenesserplein. Toen diezelfde gast begon te schieten hebben we hem te pakken genomen. We hebben hem gesneden. Drie dagen later zaten wij op bureau Marconiplein.”

De politie vond tijdens een huiszoeking in mei bij de broers van Mos pistolen en messen. Mos, die voor de tweede keer werd gearresteerd, zegt niets te weten van het wapenbezit van zijn broers. “Als ik dat had geweten had ik zo'n pistool gepakt. Dan was ik naar die jongen die op me schoot gegaan. Boem boem boem.” Glimlachend maakt hij een schiet-gebaar met zijn vinger. “Ik wacht niet tot ik lig te bloeden op straat. Als ze me zien veranderen in een terminator gaan ze schieten.” Zijn rivalen zijn nog actief, zegt hij, ook in andere grote steden. “Ze opereren niet onder de naam Bad Boys Posse.”

DJ DCS is een Bad Boy van het eerste uur. “De Bad Boys Posse was een collectief van muzikanten. Rappers, beatcreators, dj's. Geen bende. We regelden optredens voor elkaar, maakten met z'n allen muziek, we gingen naar concerten. We zijn later allemaal onze eigen weg gegaan, dus de Bad Boys Posse als muziekcollectief bestaat eigenlijk niet meer.”

Of achter de naam Bad Boys tegenwoordig een bende schuilgaat weet DCS niet. “Als het waar is moet de politie dat weten. Zeker wanneer buitenstaanders beroofd worden. Die mensen doen toch aangifte? Soms zeggen jonge jongetjes dat ze Bad Boys zijn. Ik heb geen zicht op wat ze onder onze naam uitspoken”, zegt hij.

Andere hip-hoppers, zoals rapper E-Life (22), denkt dat in Mos' verhaal een kern van waarheid zit. E-Life:“Ik zie de misdaad op straat. Dat variëert van een coke-deal tot een messentrekkerij. Er lopen jongens rond die crimineel zijn, maar geweld op zo'n grote schaal lijkt me overdreven. In elke groep zitten rotte plekken, ook in de rap-scene. Jammer.”

De rap-scene is ook voor Frank Begbie van jongerencentrum Fri Mangron een gesloten circuit. “Veel berust op grootspraak, maar van die gevechten zijn we erg geschrokken. Het is een groep van zo'n 20, 30 man. Beide partijen zeiden dat ze zich verdedigden. Toen ik merkte dat er wapens bij kwamen heb ik de politie gebeld. Meer kon ik niet doen.” Volgens Mos blijft het 'een eeuwige strijd'. “En het interesseert me niet of er doden vallen. Ik leef nog. Wiens nefi de na mie nekie, mie kroon o tan na mie hede. Al zet je het mes op mijn nek, de kroon blijft op mijn hoofd staan.”