Amsterdam: wereldpremière Liszt's Litanies der Marie

Negende Franz Liszt en Internationaal Liszt Symposium. Gehoord: 19/6, Beurs van Berlage Amsterdam. Radio-opnamen voor Radio 4 door EO 22/6 14.00 uur (liederenrecital 18/6) en AVRO voor latere uitzending (piano-marathon 19/6).

In het afgelopen weekeinde klonk in Amsterdam muziek van Franz Liszt op plaatsen waar Liszt ofwel muciseerde (in Frascati, waar zaterdag zijn liederen werden uitgevoerd) danwel aanwezig was bij de uitvoering van zijn werk (in Mozes en Aäronkerk, waar eerder op die dag zijn religieuze koormuziek werd uitgevoerd). Want het negende Lisztfestival stond in het teken van de literatuur als inspiratiebron. Het laatste concert in de Beurs van Berlage bracht de gebruikelijke pianomarathon met daarin de Nederlandse première van de Fest-Cantate für die Inauguration-Feier des Beethoven-Denkmaler in een bewerking voor twee piano's door het virtuoze duo John en Richard Contiguglia.

Veel bij Liszt heeft te maken met het begrip 'feest', zoals het symfonisch gedicht Festklänge, aan de Festmarsch naar motieven van Ernst, prins van Saxen-Coberg en de Festpolonaise voor een nachtelijke processie. Maar dat Beethovenfeest verliep alles behalve feestelijk. Want dit noteerde Caecilia september 1845 bij een optreden van de grote pianovirtuoos: “Liszt scheen zwak naar ziel en ligchaam zijn rusteloos werken vóór, en eene opeenstapeling van moeijelijkheden en verdrietelijkheden gedurende het onthullingsfeest van Beethoven te Bonn, hadden hem klaarblijkelijk afgemat.”

Wie meent dat een ieder zich vergaapte aan de circuselementen die onvermijdelijk aan het optreden van virtuozen aankleven, vergist zich. Fijntjes merkt onze scribent nog op: “Het concertprogramma bevatte bloot piano-muzijk, zeven stukken, bijna allen van zijn eigene Compositie, waarbij echter tot geluk der aanbidders van solidere muzijk, het Andante met variatiën uit de sonaat in As, op. 26 van Beethoven, door den Concertgever werd gevoegd, en met de hoogste netheid en fijnheid, maar niet warm genoeg, werd voorgedragen.”

De vraag was nu of de wereldpremière van Liszts Litanies der Marie, uitgewerkt becommentarieerd en wel degelijk niet alleen net en fijn, maar ook warm uitgevoerd door Albert Brussee tijdens het Lisztsymposium solide genoeg was. Een door kenners als Alan Walker en Peter Raabe voor onvoltooid gehouden fragment uit het zogenaamde schetsboek N9 (met harmonies poétiques et religieuses op bladzijde 1 tot en met 48) bleek bij nadere studie wel degelijk alle noten te bevatten, zij het vaak onhandig genoteerd en zonder tempo of articulatie-aanduidingen en met slechts enkele dynamische aanwijzingen.

Welnu, afgezien van een donderende octavenpassage naar het coda toe en wel een zeer onstuimig derde thema is de Litanies der Marie zeer zeker een evenwichtige muziek te noemen, 220 maten lang zonder inzinkingen. Het eerste thema biedt een plechtig responsoriaal gezang, het tweede in de typische Lisztiaanse arpeggiostijl klinkt aantrekkelijk in de diskant en het derde getuigt ongetwijfeld van Liszts onstuimige liefde voor Carolijne von Sayn-Wittgenstein dan van een devote verering voor Maria.

Dat zal dan wel de reden zijn geweest, waarom de componist er van afzag om het werk zijn finishing-touch mee te geven ten einde het te kunnen publiceren. De latere religieuze pianostukken zijn ook veel ingehoudener en delicater van opzet. Maar of een werk te klaterend virtuoos klinkt om werkelijk devoot te zijn, speelt in onze gedeseculariseerde tijd geen enkele rol. De litanieën moeten dan ook maar gauw worden uitgegeven!