Zuid-Jemen wil praten als het schieten stopt

ADEN, 18 JUNI. Zuid-Jemen is bereid tot besprekingen met de Noordjemenieten over de manier waarop aan de vijandelijkheden een einde kan worden gemaakt, maar dan moeten de gevechten eerst stoppen.

“Een echte wapenstilstand op alle fronten moet aan deze besprekingen voorafgaan”, aldus de Zuidjemenitische vice-president Abdel-Rahman al-Jifri gisteravond. Hij doelde daarmee op de voorgestelde besprekingen die morgen in de Egyptische hoofdstad Kairo zouden moeten worden gehouden. Daaraan zouden drie vertegenwoordigers van Noord-Jemen en drie van Zuid-Jemen moeten meedoen.

De Algerijn Lakhdar Ibrahami, die namens de Verenigde Naties probeert te bemiddelen tussen Noord- en Zuid-Jemen zei gisteravond bij aankomst in Kairo te hopen op korte termijn van de Noordjemenieten te horen of zij vertegenwoordigers naar de besprekingen zullen afvaardigen. “Ik heb gisteren en vandaag voorgesteld aan beide Jemens, Noord en Zuid, dat elk van beide partijen vertegenwoordigers benoemt voor overleg over het opzetten van een mechanisme waardoor kan worden toegezien op een bestand en waardoor het ook bestendigd kan worden”, aldus Ibrahami. Eerdere pogingen om tot een staakt-het-vuren te komen zijn telkens op niets uitgelopen. “De broeders in het zuiden hebben me laten weten dat zij hebben ingestemd met de bijeenkomst en ik verwacht dat het antwoord van de noorderlingen de komende uren binnenkomt.” Ibrahami, een voormalige minister van buitenlandse zaken die namens de Arabische Liga ook bemiddelde in Libanon, zei naar New York te zullen gaan als deze poging om tot een dialoog te komen zou mislukken. Zuid-Jemen, dat steeds meer in het nauw komt, hoopt op een snel bestand, maar het noorden is daar minder enthousiast over, omdat ze aan de winnende lijken en ze de strijd als een interne Jemenitische zaak zien, waarmee de buitenwereld zich niet heeft te bemoeien.

De beschieting van de Zuidjemenitische hoofdstad Aden duurde gisteren in alle hevigheid voort. Volgens het persbureau van Koeweit, dat een correspondent in Aden heeft, hebben daarbij gisteren 36 mensen het leven verloren. Het totale aantal slachtoffers van de afgelopen dagen zou daarmee op 170 zijn gekomen. In de stad zou sprake zijn van een toenemend tekort aan voedsel, water en medicijnen. Volgens militaire woordvoerders uit het zuiden zouden Zuidjemenitische vliegtuigen de noordelijke steden Taiz en Hodeida hebben gebombardeerd als vergelding voor het bombardement op Aden.

Ongeveer negenhonderd vluchtelingen, onder wie Amerikanen, Britten, Tunesiërs en Palestijnen, zijn gisteren uit Aden geëvacueerd en naar Djibouti overgebracht, zo werd door het Internationale Rode Kruis meegedeeld. De evacuatie werd uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van de Internationale Organisatie voor Migratie (ICEM) in Genève. (Reuter, AP)