Sefardische joden

Het artikel van Thera Coppens 'Het Geweten van het Vaticaan' (NRC Handelsblad, 13 juni) behoeft op één punt correctie. Zij schrijft dat de joden, die in 1492 uit Spanje werden verdreven, voor zover ze de kust van Italië bereikten “terug de zee in werden gedreven”. In Griekenland, Portugal, Klein-Azië wachtte hen een ellendig lot.

Echter, een aantal Italiaanse steden, als Livorno, Mantua en Venetië nam hen wel degelijk op. Zij stichtten er eigen gemeenten. Dit gold nog in sterker mate voor het toenmalige Ottomaanse Rijk, met inbegrip van Bosnië, Griekenland en de Balkan, en ook Klein-Azië en het toenmalige Palestina. Er ontstonden bloeiende gemeenten in Serajevo, Istanbul, Saloniki, en ook in Safed in Palestina. Een deel van deze gemeenten bestaat nog. De joden daar spraken, in tegenstelling tot de Sefaridische joden in Nederland, die via Portugal waren gekomen, geen Portugees maar Ladino, dat teruggaat op het Spaans.