Of het te warm is voor voetbal interesseert geen Amerikaan

CHICAGO, 17 JUNI. Eigenaren van huisdieren in Chicago krijgen het advies hun beesten tussen acht uur 's ochtends en acht uur 's avonds niet uit te laten. Joggers wordt aangeraden hun holpraktijken tot na zonsondergang uit te stellen. Chicago is vandaag na New York de heetste stad van de Verenigde Staten. Het kwik zal net als de afgelopen twee dagen tot 36 graden zijn gestegen, wanneer vanmiddag om twee uur plaatselijke tijd (negen uur Nederlandse tijd) de openingswedstrijd van het wereldkampioenschap voetbal tussen Duitsland en Bolivia begint.

Af en toe steekt er een briesje op, afkomstig uit Lake Michigan, waaraan het American football-stadion Soldier Field ligt. Maar het is geen weer om te voetballen. Alleen de Amerikanen hebben daarover geen mening. Ze beseffen dat het ongebruikelijk warm is, zeker in Chicago. Maar of dat nadelig of voordelig voor voetbal is, ligt buiten hun bevattingsvermogen. Met de vraag waarom 'soccer' nu juist in Amerika zijn wereldkampioenschap moet beleven, heeft tot deze week zelfs niemand zich beziggehouden.

Het zal wel bedoeld zijn om de Spaanstaligen bezig te houden, is een veelgehoorde opmerking. Het is een vreemde gewaarwording wat zich dezer dagen in de Verenigde Staten afspeelt rondom voetbal. Duizenden mensen uit bijna de hele wereld bezoeken de VS voor een evenement dat geen Amerikaan interesseert.

Wat kunnen ze bovendien verwachten van de beste voetballers ter wereld als de hitte aanhoudt? Opwindend zullen de vertraagde acties zelden zijn. En van alleen technische hoogstandjes, waarvan Europeanen en Zuidamerikanen in extase raken, zal geen Amerikaan in vervoering raken.

Ook president Clinton niet, die vanavond op Soldier Field ongetwijfeld behartenswaardige woorden zal spreken. Naast hem zit de Duitse bondskanselier Helmut Kohl, namens de wereldkampioen. Ook Diana Ross zal tijdens de uitgesproken Amerikaanse openingsceremonie haar stem verheffen met het lied 'Why do fools fall in love?'.

Pag.9: Voetbal blijft oorlog

Dat voetbal oorlog is en altijd zal blijven, daarvan hebben Amerikanen geen weet. Na wedstrijden als Duitsland-Bolivia, Italië-Ierland en Colombia-Roemenië in het eerste weekeinde valt het toernooi bovendien lange tijd stil wat amusementswaarde betreft. En kan de hele gemeenschap voorlopig terug naar huis in afwachting van de tweede ronde.

Mogelijk zijn er ophefmakende confrontaties als Brazilië-Rusland, Brazilië-Kameroen en België-Nederland. Maar ellendig resultaatvoetbal zal de boventoon voeren, ondanks pogingen van de FIFA het aanvallende voetbal te stimuleren door een overwinning met drie punten te belonen.

Wat te denken van de omstandigheden in het Silverdome van Detroit, het overdekte stadion waar de Verenigde Staten en Zwitserland morgen rond het middaguur spelen. De warmte en de vochtigheid zal er meer drukken dan in welk stadion dan ook. Maar in 1970 tijdens het WK werden 34 van de 52 wedstrijden ook om twaalf uur in de middag gespeeld om aan de wensen van de Europese televisie tegemoet te komen, wordt er geopperd. Naast de hitte en de hoge vochtigheidsgraad werd er op verschillende plaatsen op een hoogte van meer dan duizend meter gespeeld, wat nog eens ademhalingsproblemen gaf. En dat was toch een schitterend kampioenschap, met Brazilië als schitterende kampioen?

De hitte kan ook een voordeel zijn. Zoals de verhoogde kansen van de Zuideuropese, Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse elftallen. De techniek en de individuele klasse zouden kunnen zegevieren. De grijsheid van het collectieve voetbal en de naïviteit van de hardlopers die elftallen van ver boven de noordelijke keerkring kenmerken, vragen om een afstraffing. Al weet je van de Duitsers dat ze onder extreme omstandigheden altijd sterk zijn.

Klagen over nadelige speelomstandigheden hoor je Duitsers weinig. Dat is typisch Hollands: veel klagen om dan uiteindelijk toch in de finale te komen en dan nog klagen dat de finale is bereikt ondanks de slechte omstandigheden. Zonder Gullit, de enige ster die de weinige Amerikaanse voetballiefhebbers kennen.

Zal het het toernooi van Romario worden, van Bebeto, van Zinho, van de Brazilianen? Of van Baggio de Italiaan, van Asprilla de Colombiaan en van Etcheverri de Boliviaan, wel de beste voetballer van Zuid-Amerika genoemd na Romario. Zoals Maradona dat was in 1986. Maradona? Eén fantastische actie per wedstrijd zou genoeg zijn om al die voetballiefhebbers te tarten die hem lieten vallen omdat hij buiten het veld een ander mens is. Maar een toernooi lang, vier weken tot en met de finale onder extreme omstandigheden goed spelen, dat houdt zelfs een door god gezonden voetballer niet vol.

En wat te zeggen van de scheids- en grensrechters, de altijd gehoonde fluitisten en vlaggers. Ze hebben zware testen moeten doorstaan om op een toernooi als het WK te mogen zijn. En nog meer: om alle kritiek die er over hun hoofden zal worden uitgestort te weerstaan. Ze zullen nauwlettend worden gevolgd door de tv-camera's, de tv-regisseurs die dol zijn op herhalingen, en door scheidsrechterschef Paolo Casarin, de Italiaan die voortdurend bezig is spelregels en arbitrage te evalueren en aan te passen. Wie als scheidsrechter een fout maakt, is uit de gratie.

Iedere WK-scheidsrechter krijgt 20.000 dollar, een schijntje vergeleken bij de bedragen die de voetballers eisen èn krijgen. Voetballers laten zich niet opvoeden, veel trainers evenmin. De nationalistische en vooral de commerciële belangen zijn zo groot geworden dat het resultaat vóór schoonheid gaat. Een scheidsrechter die de strenge regels durft te hanteren en meteen een rode kaart trekt voor een sliding-tackle van achter, wacht hoon of erger van de opgehitste supporters.

Ze moeten van goeden huize komen, de 24 scheidsrechters: Van der Ende, de leraar uit Nederland; Tejada Noriega, de chirurg uit Peru; Pairetto, de veterinair uit Italië; Filippi Cavani, de dominee uit Uruguay en Brizio Carter, de Mexicaanse jurist die vandaag de openingswedstrijd in Chicago leidt. Vier jaar geleden was een andere Mexicaan, Codesal Mendez, scheidsrechter in de finale. Hij was de eerste die in de eindstrijd een rode kaart gaf. Hij gaf er zelfs twee: voor de Argentijnen Monzon en Dezotti.