Kunstbeurs Bazel viert 25-jarig bestaan groots

Internationale Kunstmesse Art 25'94. T/m 20 juni in: Basel, Gebäude 2 der Messe. Geopend: 11-19 u, op zo. 11-18 u. Toegang SFr 20,-. Prijs Catalogus SFr 30,-.

BAZEL, 17 JUNI. Wat de Amsterdamse Kunstrai maar niet wil lukken, werd Art, de jaarlijkse 'Kunstmesse' in Bazel, binnen een paar jaar: de belangrijkste kunstbeurs op het gebied van de twintigste-eeuwse kunst. Dit jaar viert Art zijn vijfentwintigjarig jubileum met een groot, duur feest waar kunstprominenten uren moesten wachten op een bordje soep.

Hoewel de laatste jaren de concurrentie van soortgelijke beurzen in steden als Madrid en Keulen is toegenomen, is de positie van Art onaantastbaar gebleken. Hoe komt dit? De organisatoren voeren zelf altijd het strenge toelatingsbeleid van de Art aan als belangrijkste oorzaak. Ondanks een ellenlange wachtlijst van galeries is de omvang van Art - twee verdiepingen van het 'Rundhof'-gebouw van Basels Messe - de laatste jaren niet toegenomen. Het aantal galeries dat op Art is vertegenwoordigd, nam de laatste jaren zelfs af. Toelating van een galerie in het ene jaar is geen garantie voor aanwezigheid in het volgend jaar. Daar waakt een uit internationale experts bestaande adviescommissie over.

Dit jaar zijn 255 galeries en 51 uitgeverijen aanwezig op Art, acht meer dan vorig jaar. Dit laatste zou erop kunnen wijzen - en de organisatoren willen het ons ook graag doen geloven - dat de crisis die de kunsthandel en dus ook Art de laatste jaren teisterde, voorbij is. Vooral de toename van galeries uit de Verenigde Staten is opvallend: vorig jaar waren dat er 23, nu 31. De Nederlandse vertegenwoordiging is daarentegen gedaald van vier naar drie: Barbara Farber en Torch uit Amsterdam en de Haagse, in Cobra gespecialiseerde galerie Nova Spectra, die alleen werk van Reinhoud toont.

Vergeleken met de Belgische vertegenwoordiging van 11 galeries is dit schamel, waar nog eens bijkomt dat de Belgen steevast de nadruk leggen op kunst van hun landgenoten, terwijl bijvoorbeeld Barbara Farber nauwelijks werk van Nederlanders toont. Als Art maatgevend is voor de stand van zaken in de hedendaagse kunst, is het buitengewoon treurig gesteld met de Nederlandse kunst. Ook bij buitenlandse galeries moeten Nederlandse werken met een loep worden gezocht: hier en daar duiken Appels en Mondriaans op, maar daar blijft het wel zo'n beetje bij.

Net zo moeilijk als Nederlandse kunst is hedendaagse Oosteuropese kunst te vinden op de Art. Vijf jaar na de val van de Berlijnse Muur staat er niet één galerie uit de voormalige Oostblok en bij de westerse galerieën is, met uitzondering van een installatie van de alomtegenwoordige Rus Ilja Kabakov, nauwelijks iets Oosteuropees te vinden. Alleen de Russische avant-garde-kunst van omstreeks de Oktoberrevolutie is in steeds grotere aantallen verkrijgbaar. Naast galeries als Gmurzynska uit Keulen en Annely Juda Fine Art uit Londen, die zich al decennia bezighouden met handel in Russische avant-garde, verkopen nu ook galerie Stolz en galerie Lachmann uit Keulen veel constructivistische en suprematistische kunst, soms van verbazend hoge kwaliteit.

Om aan het gevaar van een te grote gerichtheid op gevestigde namen te ontkomen, heeft Art sinds 1993 op de eerste etage een afzonderlijke ruimte gereserveerd waar 'jonge' galeries in kleine en dus relatief goedkope stands jonge kunstenaars kunnen presenteren. Een nieuwe trend, zoals de 'Nieuwe Wilden' eind jaren zeventig of de graffiti-kunstenaars in 1984 (die beide overigens in het niets zijn opgelost), is niet waar te nemen. Het werk van de jongeren is net zo gevarieerd als dat van hun oudere collega's. Colourfield, expressionisme, gemanipuleerde foto's, fotorealisme, kitschbeeldjes, woordkunst met diepzinnig bedoelde teksten, conceptuele kunst, installaties die van alles 'ter discussie willen stellen' - alles kan in de jaren negentig, ook in de beeldende kunst blijkbaar het ideologieloze tijdperk.

Maar ondanks de pogingen om de jongeren voor het voetlicht te brengen is Art toch vooral een parade van grote namen. Nog steeds voert Picasso de Art-hitlijst aan: van hem bieden 25 galeries werk aan. Een goede tweede is Jean Dubuffet met 19 galeries, nummer drie is, met stip, Sol Lewitt met 16.