Foto

Allemaal waar. Evan C. Rozenblad heeft noch zijn propaedeuse economie, noch zijn kandidaats rechten gehaald. Hij beschikte niet over de Nederlandse nationaliteit, toen hij zich liet kiezen in de Tweede Kamer, maar dat euvel werd met behulp van minister en partijgenoot Aad Kosto snel opgelost. Voor 25 dagen werk als parlementariër krijgt Evan C. Rozenblad nu een wachtgeld van ƒ 50.000. Dat is ƒ 2000 per dag. Het imago van Rozenblad is beschadigd, zijn geloofwaardighed is aangetast en zijn politieke carrière is beëindigd. Allemaal waar, maar mij viel iets anders op.

Woensdagmorgen. Ik stommel de trap af om de krant te halen. Op de voorpagina van De Volkskrant staat deze harde kop: “PvdA-kamerlid trekt zich terug na leugens”. Vice-fractievoorzitter Wallage spreekt van een afschuwelijk drama. Partijvoorzitter Rottenberg, die de geknakte Rozenblad twee keer ondervroeg, houdt het op “een verdringing van de feiten, slordigheid en anarchistisch gedrag”.

Geknakte carrières, afschuwelijke drama's, de adrenaline begint te stromen. Er is niets meer aan te doen. Ik wil misschien geen bloed zien, maar wel een beeld. Ik wil een huilende Elske ter Veld zien, een woedende Roel in 't Veld, een verbijsterde Hirsch Ballin. Ik wil het niet begrijpende gezicht van Ed van Thijn zien. Een oud portretje van Charles Schwietert is al voldoende. Maar de Volkskrant heeft geen foto van Rozenblad.

Een uur later loop ik naar de koffieshop, waar altijd de ochtendbladen klaarliggen. Helaas zit iemand De Telegraaf te lezen, maar het Algemeen Dagblad en Trouw zijn nog vrij. Het Algemeen Dagblad citeert een geïrriteerde Kosto, die zegt dat het om een futiliteit gaat. Rozenblad heeft nimmer een bestuursfunctie vervuld aan de universiteit van Paramaribo, zo meldt het AD verder, maar een foto staat er niet bij.

Trouw, die de affaire aan het rollen heeft gebracht, brengt wel een foto. Op de voorpagina nota bene, maar het is geen foto van Rozenblad zelf. Het is een foto van zijn lege werkkamer. Wel staat de televisie aan en daarop zien wij het beeld van Wallage die in het journaal het vertrek van Rozenblad aankondigt. Ik durf te wedden dat de fotograaf zelf het tv-toestel heeft aangezet.

Het is een treffend beeld, die lege kamer met die televisie, maar ik wil nu een aangeschoten Van Aardenne zien, een stotterende Van der Linde of voor mijn part een opgebaarde Ien Dales. Ik wil een geknakte Rozenblad zien. Het is vreselijk, maar zo zit ik nu eenmaal in elkaar.

's Middags komt Het Parool. De krant heeft twee verslaggevers op de zaak gezet. Zij melden dat Rozenblad een vergadertijger is in het Amsterdamse buurt- en welzijnswerk. Hij was geen directeur van een universiteitsbibliotheek, geen afgestudeerd academicus en aanvankelijk zelfs geen lid van de partij, die hem kandidaat zou stellen voor de Tweede Kamer. Maar een foto van Rozenblad heeft Het Parool niet.

's Avonds valt NRC Handelsblad. Het is de opening van pagina 3. Dit keer spreekt Wallage van 'een persoonlijke tragedie'. Tevens wordt gemeld dat de affaire 'een knock-out' bij de betrokkenen heeft veroorzaakt. Zelfs Schelto Patijn bleek Rozenblad als geschikte kandidaat te hebben beschouwd. Maar wéér geen foto. Zo langzamerhand ben ik zo ver dat ik Haldeman wil zien achter tralies, Nixon die met een helikopter het Witte Huis ontvlucht, de lynchpartij van Mussolini.

Wat is hier aan de hand? Bestaan er geen foto's van Rozenblad. Of wil men de privacy van de ongelukkige beschermen, zoals men ook geen foto afdrukt van een verdachte in de rechtszaal. Is er sprake van racisme en wil men geen foto van een Surinamer in de krant? Of is er juist sprake van anti-racisme en wil men geen foto in de krant van een verdachte Surinamer, omdat men niet wil inspelen op allerlei troebele onlustgevoelens?

Het zijn vragen die ik niet onmiddellijk kan beantwoorden, maar 's avonds houd ik het niet meer uit. Ik spring op mijn fiets en rijd naar het station. Daar koop ik De Telegraaf. Het portret van Rozenblad staat gewoon op de voorpagina. Het onderschrift luidt: “Evan C. Rozenblad ... onhandig ...”

Ze gaan me toch niet vertellen dat De Telegraaf een goede krant is geworden!