Fiasco lijkt voor Y-markt onafwendbaar

AMSTERDAM, 17 JUNI. Een groepje kooplieden staat te praten op de Y-markt. Een man in leren jack komt haastig aanlopen. “Ik schiet ze allemaal dood”, roept hij. Bij de sociale dienst heeft hij al een lijst ingeleverd van de inventaris van zijn Indonesische restaurant op de markt. Nu moeten ze ook de serienummers nog weten. “Dat doen ze alleen om me te pesten.” Hij is ten einde raad. Sinds april heeft hij geen geld meer van ze gekregen.

De overdekte markt aan het IJ is het grootste werkgelegenheidsproject voor allochtonen dat Nederland ooit heeft gekend. Althans volgens het Amsterdamse stadsbestuur, vóór de opening in oktober 1993. Het zou een toeristische trekpleister worden, een Oosterse bazar met jaarlijks twee miljoen bezoekers, een nieuwe kans voor ruim 200 ondernemers, onder wie zo'n 150 werkloze allochtonen. Nu, nog geen jaar na de opening, dreigt de Y-markt voor de meeste marktlieden uit te lopen op een drama. Sinds de opening zijn ongeveer vijftig ondernemers vertrokken.

Dagen dat de markthal aan de Westerdoksdijk niet meer dan honderd bezoekers trekt, zijn geen uitzondering. De ondernemers hebben stuk voor stuk financiële problemen. Ondanks leningen van de sociale dienst kunnen ze de huur niet meer betalen en hun schulden niet meer aflossen. Aan investeren denken ze al helemaal niet meer.

Het stadsbestuur heeft hen in de steek gelaten, vinden ze. Aan promotie is te weinig gedaan, na hun opleiding zijn de werkloze allochtonen niet begeleid, de investeringsbijdrage was te hoog en de regels zijn te streng - “Je mag je spullen niet eens aanprijzen”. Tegen het advies van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK) in, is de hal in de late herfst geopend. Het instituut vond het voorjaar geschikter, omdat de loop er nog niet in zou zitten in feestmaand december, en januari en februari voor alle winkeliers slappe maanden zijn.

Over de manier waarop de Dienst Marktwezen de Y-markt beheert, zijn de ondernemers ook niet te spreken. Volgens groenteboer R. Delsman verbiedt bedrijfsleidster Van der Valk elk initiatief om de markt aantrekkelijker te maken. “Ik wil wel buiten bij de weg staan met mijn handel. Dan kunnen de passanten tenminste zien dat hier iets te koop is. Maar het mag niet, zoals er zoveel niet mag.” De islamitische slager M.S. Razabsekh: “Ze is lerares geweest. Ik denk dat ze haar hebben aangesteld om ons te onderwijzen.”

En dan is er de plek. De Oosterse markt staat in een doodse hoek van Amsterdam. Auto's razen voorbij, af en toe komt de bus langs. Op het afgelegen terrein achter het Centraal Station steekt de felblauwe loods af bij andere opslaggebouwen en kantoren. De grote neonletters 'Y-markt' wijzen de stad in. “Automobilisten die uit noordelijke richting komen, zien de naam niet. Zij denken dat dit een douanekantoor is”, zegt een standhouder.

Twee uur voor sluitingstijd. Slager Razabsekh heeft voor nog geen vijftig gulden vlees verkocht vandaag. Het heeft weinig zin op zo'n dag de zaak open te houden. Veel van zijn collega's blijven op de doordeweekse dagen al weg. In sommige 'straten' is de helft van de ijzeren rolluiken dicht. Razabsekh komt nog elke dag, maar hij zou liever zien dat de markt alleen in het weekeinde open is. “Dat gebeurt ook in Beverwijk, die Oosterse markt draait geweldig.”

Bij de start in oktober moesten de marktkooplieden de gemeente gemiddeld 14.000 gulden investeringsbijdrage betalen. Volgens J. Zorg, bij de sociale dienst verantwoordelijk voor de Y-markt, zijn de schulden van veel ondernemers daardoor onnodig hoog geworden. Het zou logischer zijn geweest om hen drie maanden huur als borg te laten betalen, zoals gebruikelijk voor winkeliers. Directeur H. Schuijf van het IMK, regio Amsterdam, denkt dat ook de huur te hoog is: gemiddeld 700 gulden per vierkante meter, per jaar. “Ze betalen meer dan op de Albert Cuyp. En een marktkoopman die dáár staat, is al bijna binnen.” Na enkele maanden werd de huur op de Y-markt verlaagd en enkele weken geleden heeft wethouder Peer (economische zaken) de huur voorlopig opgeschort.

De gemeente heeft met deze maatregel haar schuld toegegeven. Peer bepaalde tevens dat parkeren op de parkeerboot achter de markt voorlopig gratis is. De noodlijdende bedrijven hoeven leningen van de sociale dienst tot eind oktober niet af te lossen. Het lijkt uitstel van executie. De kans is groot dat de gemeente niets van de investering van 10 miljoen gulden terugziet. Het wachten is nu op het rapport van projectontwikkelaar MBO, die in opdracht van het stadsbestuur heeft onderzocht of de markt nog levensvatbaar is.